Op de gang liep hij zijn vrouw tegen het lijf. Ze zag er moe uit en ontzettend bezorgd. Hij had haar maar zelden zo gezien en Peter bleef tegenover haar staan. Ongemerkt liep Satchmo langs hen heen naar beneden.

'Peter. I-ik denk niet dat ik het nog aan kan zien,' opperde ze tenslotte. Peter knikte en legde zijn handen op haar schouders. Hij bleef haar aanstaren.

'Ik bedoel, Neal is in goede handen bij ons, Peter. Maar de jongen kampt niet met een gewone buikgriep. Hij heeft meer nodig dan een kommetje kippensoep en een schouderklopje hier of daar.' Weer knikte Peter. Zijn gezicht trok een sombere frons. Troostend trok hij zijn vrouw tegen zich aan en omhelsde haar teder. Het was genoeg om zijn twijfels over hun goede zorgen voor de jongen uit te spreken op zijn manier.

'We kunnen hem naar het ziekenhuis brengen. Maar… Ik weet niet of Neal dat goed vindt.' Peter haalde even hoofdschuddend zijn schouders op. El keek haar man even vragend aan. Ze wachtte op een antwoord. Maar die kreeg ze niet meteen. Het was duidelijk dat de FBI agent diep in gedachten was gekeerd in dat moment. Zijn ogen hadden een glazige waas terwijl hij voor zich uit staarde. Hij dacht terug aan het moment dat hij en Neal het ziekenhuis betraden.

XXX

Vanaf het moment dat zijn taurus voor de deuren van de spoedeisende hulp stopte, begon de zieke jongen plotseling hevig te beven. Hij was de heenweg in diepe slaap gekeerd door uitputting. Dat was dan ook de rede waarom Peter zo schrok door die plotselinge verandering bij Neal. Hij begon te beven zodra hij zijn ogen opende en zag waar ze waren. Peter's hart stopte bijna van de zorgen toen de jongen zich wild naar het toe draaide en hem angstig aanstaarde. Aders in zijn nek begonnen zichtbaar op te zwellen van de angst. En beide handen zochten gretig naar houvast.

Het waren die ogen.

Die blik.

'Neal. Wat is er jongen? Heb je zo veel pijn?' vroeg hij de jongen die begon te hyperventileren. Daar leek het althans op. Hij ademde zo snel dat hij bijna stikte en Peter greep een schouder beet en staarde de jongen in shock aan. Onbewust verstevigde hij zijn grip op Neal toen de jongen angstig zijn hoofd schudde. Neal was op dat moment niet in staat om te praten maar Peter wist wat er gaande was. Neal was bang van het ziekenhuis.

'Neal! Rustig! Je maakt me bang, jongen. I-ik snap denk ik wat er is. Maar luister! Je bent ziek en ik weet nog steeds niet wat er met je aan de hand is!' Hij schudde hem nu een beetje heen en weer toen die blauwe ogen terug in zijn kassen rolde van zwakte. Neal was nog altijd benauwd en zijn adem schokte. Maar hij werd rustiger. En Peter begon te denken. Hij wachtte een moment.

'Neal. Ben je iets rustige nu? Kun je me vertellen wat er is?' De jongen blies zijn adem nu iets langzamer uit en tegelijkertijd greep de jongen naar zijn maag. Vingers knepen in zijn huid en zijn voeten trappelde tegen de voetenmat van zijn taurus. Tegelijkertijd begon Neal te jammeren van de kramp.

Zijn maag. Dat was de boosdoener. Neal liet hem dat eerder al weten toen hij hem daar had aangeraakt, terug in zijn appartement. Nu wist hij het tenminste zeker.

Peter zuchtte diep.

'Luister jongen. Als we nu niet naar binnen gaan, val je nog flauw van de pijn. Net als eerst, weet je nog? En dan til ik je alsnog door de deur. Het MOET wel!' Neal zijn ogen schoten weer open bij het horen van Peter's verheven stem. Zijn koortsige kleur verdween en de jongen werd witter en witter. Zijn lippen trilde terwijl hij probeerde te praten. Zijn ogen glinsteren van pijn en ongemak.

'I-ik d-durf niet…' piepte zijn benauwde stem. Hij klonk zo jong als een kind van vier die voor het eerst naar school ging en zijn moeder gedag moest zeggen. Het bracht Peter in totale shock.

Hij wist niet goed wat hij met hem aan moest. Neal's ogen waren zo groot en zo vol van angst dat Peter moeite kreeg om er in te kijken.

Dit was Neal Caffrey niet, die hij voor zich had. De jongen die hij voor zich had was een bange, zieke jongen die smachtte naar troost en veiligheid. Dus Peter maakte zijn gordel los om hem te kunnen omhelzen. De jongen liet dit vreemd genoeg toe. Zacht begon de jongen te huilen. Van angst, pijn en wanhoop. En Peter liet hem zijn gang gaan. Hij hield hem stevig vast. Tot hij slap in zijn armen aanvoelde.

Dit was niet goed. Dus Peter duwde de jongen weer terug met zijn rug in de passagiersstoel en voelde zijn hartslag voor hij uit de auto rende. Op zoek naar een rolstoel of dergelijke. De hartslag was snel. Zijn ademhaling oppervlakkig. Zijn armen ijskoud. En zijn huid nat van het angstzweet.

In een mum van tijd had hij Neal in een rolstoel geholpen en werd de jongen onderzocht door een arts. Tijdens het onderzoek was Neal stil. Heel stil. Zelfs zo stil dat het personeel zich af vroeg of de jongen iets genomen had voor de pijn. Maar Peter wist dat Neal zich afsloot voor de wereld om zich heen. Hij kende dit. Hij deed dit ook na Kate's dood.

Na het pijnlijke en vernederende onderzoek en de prognose, dat het om een ernstig geval ging van een acute buikwandinfectie, was Peter snel met de jongen naar huis gegaan. Buiten het advies van de arts, natuurlijk. Maar Peter kon de jongen zo niet langer meer aanzien. Hij had haastig naar zijn vrouw gebeld en alles was geregeld. De jongen kwam met hem mee naar huis.

Op de terugweg werd Neal kalmer. En hij vertelde hem dat hij altijd al doodsbang was geweest van ziekenhuizen, artsen, spuiten en het hele circus eromheen. En dat Neal dankbaar was dat Peter voor hem wilde zorgen.

XXX

'Hij zei die avond dat hij doodsbang was voor de witte jassen en dikke spuiten. Hij… je had zijn gezicht moeten zien. Hij was zo fragiel op dat moment. Ik… Ik wil hem niet verraden.' Elisabeth streelde over Peter's rug terwijl ze nog altijd in zijn armen was.

'Oh, schat. Je verraad niemand door bezorgd te zijn,' suste ze op haar manier. Peter liet haar vrouw los om haar recht in de ogen aan te kunnen kijken. El had gelijk. Toen Peter in het ziekenhuis was dacht hij niet helemaal na over zijn acties. En wilde hij niets liever als de jongen helpen, door er voor hem te zijn. En hem weg te halen bij het ziekenhuis. Maar nu hij en zijn vrouw hem hadden meegemaakt tijdens zijn koorts en ziekte lag het anders. Ze konden hem niet alleen helpen met liefde.

Het was tijd voor echte hulp. Voor ze hem nog de dood in joegen.

Peter zuchtte. Direct zakte zijn schouders neerslachtig naar voren.

'Je hebt gelijk, El. Maar ik wil het hem wel vertellen voor we gaan. Hij is wakker. Ik zeg het hem na hij zijn medicijnen heeft ingenomen. En hij vroeg om water, dus…' Elisabeth drukte haar wijsvinger tegen Peter zijn mond en glimlachte even.

'Ik haal het wel even. Ga maar terug naar Neal.' El's ogen waren ineens een stuk helderder. Onvoorstelbaar.

Peter was zo trots op zijn vrouw. Het verbaasde hem hoe sterk ze was. Ze vond altijd wel weer de kracht om alles te overzien. Hoe groot de chaos dan ook mocht zijn. Het enige dat ze soms nodig had was een omhelsing. Of een kus, en alles was weer koek en ei. In dat opzicht was ze sterker dan Peter zelf.

Toen hij weer terug in de kamer liep, zat Neal rechtop in bed en keek hem doordringend aan. Hij keek ernstig en schuldig. En toen wist Peter dat Neal hun gesprek gehoord had.

'Ik wist het. Peter. Ik heb je vrouw van slag gemaakt. Het spijt me zo. Ik wil terug naar mijn appartement. Het spijt me, Peter.' Peter zuchtte. Dit had hij niet gewild. Het deed hem zeer om de jongen zo vol van schuldgevoel te zien. Weer die grote ogen. Die pijnlijk blauwe ogen. Hij wilde er eigenlijk niet inkijken maar hij kon zich er niet van weerhouden. Die ogen waren gefocust op hem.

'Alsjeblieft, Peter. Breng me… i-ik ga wel naar m-mijn appartement. M-maar breng me a-alsjeblieft niet naar het ziekenhuis…'

'Rustig, Neal. Kalm aan.' Hij ging naast hem op het bed zitten en legde een hand op zijn knie.

'Dat bedoelde El niet. Je hebt haar niet van slag gemaakt. Ze vindt het alleen erg moeilijk om je zo ziek te zien, terwijl ze er zo machteloos tegenover staat. Wat je nodig hebt is medische hulp. El realiseerde zich dat, ineens. En ik ben het daar wel mee eens, jongen.' Peter verstevigde zijn grip op zijn knie toen Neal begon te beven. Hij was zo fragiel. Zo gebroken en zwak. De Neal Caffrey die hij kende was nauwelijks nog te herkennen.

Onder Peter's hand voelde hij zijn huid weer gloeien van de koorts.

'Ik moet… echt terug naar h-het….z-ziekenhuis, zeker,' zei Neal zacht en kinds. Peter knikte.

'Dat lijkt er op, jongen. Je bent nog niet echt vooruit gegaan met die antibiotica kuur.'

Neal liet zijn hoofd bedroefd hangen.

Neal had willen zeggen hoe goed hij zich voelde als hij niet alleen was. Hij was wel beter als hij niet alleen was! Hij wilde helemaal niet naar het ziekenhuis. Want daar was niemand die hem kalmeerde als hij bang was. Of suste als hij pijn had. Hij wilde bij hem en Elisabeth blijven!

Daar in het ziekenhuis was alleen maar stilte, paniek, chaos en dood. En vooral: Eenzaamheid. Net als toen hij in zijn appartement lag te creperen van de pijn en er niemand was om hem te helpen. Hij wilde niet behandeld worden door dokters en verpleegsters die niet om hem gaven. Hij haatte het hele idee. De steriele geuren en de kotsgroene wanden en die spuuglelijke schilderijen op de gang. En lelijke gevoelloze kamers die hem aan zijn cel deed herinneren. En dan die bedden waar wel honderden mensen op waren overleden.

En spuiten!

Een hoop spuiten en medicijnen waarmee je vol gestopt werd zonder echt te weten wat het was wat ze hem geven! Je was daar aan je lot overgelaten terwijl de artsen en verpleegsters Rusian roulled met je speelde. Je had totaal geen controle.

Geen controle… misschien was dat hetgene dat hem zo beangstigde.

Bij zijn angstige gedachtes voelde hij zijn wangen branden van schaamte. Hij dacht althans dat het van schaamte was. Op dit punt vertrouwde hij zich zelf niet meer goed.

Peter staarde hem een poos aan. Hij zag wat er gebeurde. En hij zag ook dat Neal wist dat hij het zag. Neal was bang.

'Ik wil niet,' mompelde Neal uiteindelijk.

Hij klonk zo jong.

Zijn gebroken stem viel als een baksteen in Peter zijn maag.

Op dat moment kwam Elisabeth binnen met een glas water en een doosje tabletten. Het hoofd van de jongen schoot op en hij keek Elisabeth aan met zijn droevigste blik ooit. Hij voelde zich zo schuldig over alles. Het maakte hem klein en ondanks zijn angsten voor het ziekenhuis stortte hij nu al zijn kracht in zijn verontschuldigende blik.

'Sorry… S-sorry van het gordijn, mevrouw Burke. I-ik zweer dat ik alles repareer als ik w-weer beter ben.' Hij hijgde vermoeid en tegen de tijd dat ook Elisabeth tegenover hem zat op de stoel stond hij op het punt om te gaan huilen. Ze glimlachte naar hem. Ja, Neal was in de war. En ook al was het aandoenlijk, Peter en zijn vrouw wisten dat dit niet goed was.

'Ahw… Neal, lieverd. Dat gordijn kan me gestolen worden. Neal. Hey, schatje toch. Maak je maar geen zorgen. Denk toch niet steeds dat we je ergens van verwijten.' Ze gaf hem een tedere blik en overhandigde hem het glas water met twee tabletten. Neal's schouders beefde zacht terwijl hij zachtjes begon te wankelen.

'Hier, lieverd. En dan ga je rusten. Ik heb al een ander idee bedacht.' Met twee vingers pakte Neal de tabletten uit Elisabeth's handen en duwde ze snikkend in zijn eigen mond. Met beide handen nam hij het glas vast en dronk de pillen weg. Hij had die laatste zin niet gehoord. Maar Peter keek zijn vrouw nu doordringend aan.

'Wat voor idee?'

Elisabeth haalde haar schouders op en nam het lege glas weer uit Neal's klamme bibberende handen.

'Oh, gewoon. We laten een huisarts komen. Als die beslist dat Neal beter af in is het ziekenhuis dan brengen we hem alsnog. Ik maak me erg veel zorgen om je, Neal. Maar ik wil je ook niet in de steek laten. Nu ik weet dat je het daar een beetje eng vind.' Haar ogen vonkelde even en Neal keek haar met open mond aan. Zijn felle blauwe ogen begonnen op te klaren en hij knikte dankbaar.

'Dank je, mevrouw Burke.' Elisabeth streek door Neal zijn donkere haren en keek haar man even teder aan. Peter knikte tevreden.

'El, je bent fantastisch. Wanneer komt hij? De dokter, bedoel ik?' Elisabeth knipperde even met haar ogen.

'Hij? Peter, het is een Zij. Dokter Gillian. Onze huisarts, weet je nog? Ze had vandaag een vrije dag. Ze komt er zo aan.'

'Oh.' Peter fronste bij die naam. Meteen liet hij zijn schouders hangen.

Hij herinnerde zich de laatste keer dat die dokter bij hen thuis was gekomen voor een bezoekje. Peter was door zijn rug gegaan met het verschuiven van een kast. Die vrouwelijke arts had hem laten gillen van de pijn toen ze met een simpele beweging zijn rug weer op zijn plaats kreeg. Hij had zijn vrouw en de dokter dingen horen zeggen zoals "aansteller" en "mannen… tsss." Hij schaamde zich dood op dat moment. En Peter kon daarom zeggen dat hij niet echt blij was met haar nieuwe bezoekje.

Toen hij naast zich keek en Neal suffig maar tevreden glimlachte door Elisabeth's plan besloot Peter dit maar te laten schieten. Het ging tenslotte ook om Neal. En niet om hem.

XXX

Wanneer dokter Gillian bij het huis arriveerde liep Peter naar de deur. Satchmo lag in de keuken en hield de deur goed in de gaten. Peter zuchtte even gespannen voor hij de deur opende. Toen hij oog in oog stond met de lange blonde vrouw knikte hij beleefd zijn hoofd.

De vrouw was in drie jaar niet veel veranderd. Haar blonde haren waren iets langer nu. En ze droeg een trouwring. Op haar gezicht had ze echter nog altijd die brede glimlach. Al kon hij zien dat haar felgroene ogen nu doffer waren. Op de een of andere manier. Of het was zijn geheugen die haar mooier deed laten herinneren dat ze werkelijk was. Maar het geïntimideerde gevoel die hij had bij haar aanwezigheid was erdoor niet minder om geworden.

'Meneer Burke, wat lang is het toch weer geleden. En op mijn vakgebied zou dat een goed teken moeten zijn. Niet waar?' Peter ontspande zijn schouders.

'Dokter Gillian. Bedankt dat u zo snel kon komen. Heeft mijn vrouw u ingelicht over de situatie?' Hij gaf haar een beleefde hand en liet haar binnen. Dokter Gillian sloeg haar paarse sjaal af en gaf hem aan Peter.

'Hang die maar op, lieve schat. Ik heb al gehoord dat onze zieke kunstvervalser boven is. Ik hoorde dat het ernstig was dus ik kan maar beter vlug gaan kijken.' De dokter liep verder het huis in en Peter bleef even perplext staan met de sjaal in zijn handen. Na enkele secondes sloot hij de deur. Met een grimas zag hij hoe de dokter haar weg naar boven vond met haar zwarte dokterstas. Satchmo geeuwde dat over ging in een jammering. Dat liet Peter lachen. 'Ja, zeg dat wel, Satchmo. Zeg dat wel.'

XXX

Het doktersbezoekje duurde minder dan een kwartier. Het was al gauw duidelijk dat Neal's infectie was uitgezaaid naar zijn darmen. Dat betekende dus dat de antibioticakuur niet aansloeg. Dokter Gillian adviseerde vrijwel direct dat de jongen beter af was in het ziekenhuis. Maar na die woorden werd Neal erg onrustig. De consequenties hiervan waren dat de dokter instemde om de jongen aan huis te gaan behandelen. Omdat de jongen niet al te veel spanningen aankon, in zijn verzwakte conditie. Hij kreeg één agressievere antibiotica ingespoten dat zich directer op het weefsel zou gaan concentreren. Hoe dan ook was er nog een probleem opgetreden. Neal had uitdrogingsverschijnselen door het vele braken en transpireren. Daardoor was Neal vaker in de war dan nodig was. Dit verklaarde dan ook zijn duizeligheid en emotionelere en tragere reactievermogens. Het beste was om de jongen aan een infuus te leggen zodat hij zich sneller beter voelde. Hiervoor zou dokter Gillian persoonlijk voor gaan zorgen, later deze dag.

De maagtabletten en pijnstillers waren gegeven en dit moest regelmatig herhaald worden gedurende een week. Om de koortsvlagen tegen te gaan moest hij driemaal daags twee kleine roze tabletjes innemen. Het voordeel was dat hij zich een stuk rustiger en pijnlozer ging voelen. Het nadeel was dat hij er erg slaperig van kon worden. En zou dus gewekt moeten worden voor zijn herhalend medicijnrecept.

'…De antibiotica injectie die ik gegeven had zal binnen acht uur resultaat moeten leveren en als de pijn of koorts niet minder word dan vrees ik dat Neal toch naar het ziekenhuis moet voor controle. En, als ik zo vrij mag zijn meneer Caffrey, angst voor het ziekenhuis komt vaker voor dan je denkt en het is niets om je er voor te schamen. Vooral bij mannen tussen de dertig en vijftig bellen liever een huisarts. Ze hebben daar medicijnen voor, maar-.'

'-Dank je, dokter Gillian. Maar ik geloof dat Neal liever hier blijft. Bij ons,' onderbrak Peter zacht bij het zien van Neal's witter wordende gezicht. De jongen had zijn blauwe ogen groot opgezet tegenover de dokter en was zichtbaar doodsbang bij het idee dat hij hier weg moest gaan. Elisabeth lachte verontschuldigend tegen de dokter en wreef beschermend met haar hand over Neal's schouder.

Er viel een stilte.

Uiteindelijk haalde El haar schouders op naar de overrompelde dokter. Ze vertrouwde Peter's instinkt. En stond er nu ook helemaal achter. Dat liet de dokter geen andere keus dan te gaan en de spullen bij elkaar te gaan halen wat er nodig was om de jongen weer gezond te maken.

'Eh… Natuurlijk, meneer Burke. Dan ben ik geloof ik klaar, hier. Ik zal er voor zorgen dat meneer Caffrey aan een infuus komt te liggen en dan spreken we af dat ik na die acht uur nog even langs kom voor een onderzoek. En dan hoop ik van harte dat u een goed besluit heb genomen, Peter.' De dokter keek Peter indringend aan en hij kon zijn wangen lichtjes voelen kleuren bij die blik. Hoe dan ook had hij deze keer gewonnen.

'..Z-zijn…. we…klaarrr?' vroeg Neal met een slepende stem. Hij hing nu met zijn hoofd tegen El's schouder. 'I-ik wil…slapen,' zuchtte Neal zacht en eerlijk. De gedrogeerde jongen was niet meer in staat om zijn hoofd rechtop te houden en begon gefrustreerd te jammeren bij het gepraat.

'Isss ze… w-weg?' jammerde Neal weer. Dit keer met een geheven stem. Het bracht Peter in een soort van triomf en had moeite zijn gezicht strak te houden. Weer maakte El een verontschuldiging voor de wazige jongen.

'Ik geloof dat ik moet gaan. Dag meneer Caffrey. Maak het ze niet te gemakkelijk, hier. Laat op tijd wat van je horen als je pijn hebt of andere problemen.' Dokter Gillian glimlachte even naar de slaperige jongen die zijn hand nog altijd om de plek hield waar hij zojuist was geprikt. Hij was te veel van streek door haar bezoekje om terug te glimlachen en keek haar vooral verwijtend aan. Zelfs nu hij zo moe en wazig was. El was degene die het gesprek netjes afrondde en stond op van het bed terwijl ze Neal tegen het hoofdeinde liet steunen. Toen El de dokter naar de deur bracht bleef Peter achter bij de slaperige jongen.

Hij staarde naar de zieke jongen terwijl hij alle informatie nog even op een rijtje probeerde te zetten. De witte kleur bij Neal was inmiddels verdwenen en had plek gemaakt voor een rozige gloed van de slaap. Peter zuchtte vertederd.

'Gaat het een beetje?' vroeg Peter tenslotte zacht terwijl hij Neal bleef aankijken met zijn diepe bruine ogen. De jongen was al aardig op weg om in een diepe slaap te zakken van zijn eerste lading medicijnen. Langzaam verdween het blauw in zijn ogen terwijl de zwarte pupillen groter werden. Een koude rilling sudderde zijn lichaam en keek Peter plots aan met een nerveuze grimas.

'Die doktr wasss e-erger dan het hhhele zzziekenhuisss… Petr.' Hij lachte zacht en bonkte lomp met de zijkant van zijn hoofd tegen het houten hoofdeinde van het bed. Peter lachte met hem mee. En zag dat het tijd werd dat deze gedrogeerde jongen maar beter plat op het matras kon gaan liggen.

'Kom, Neal. Wip eens een stukje naar beneden. We gaan slapen.'

Neal begreep Peter blijkbaar niet meer helemaal en bleef hem suffig aankijken.

Zuchtend trok hij dan zelf maar de jongen wat lager op het matras door hem zacht bij zijn enkels te pakken en hem voorzichtig dichter naar het voeteneind te trekken. Neal flopte kreunend met zijn hoofd op het zachte kussen en jammerde even verstrooid bij deze plotselinge verandering van positie.

Enige tijd was het stil.

Toen zuchtte Neal uitgelaten en besloot zich dieper in het hoofdkussen te nestelen. 'Hmmmm. Pet'r…. Slaaplekker…' ijlde Neal zacht. 'I-ik… vvvind… je….lief…' De jongen viel direct na deze vreemde woorden in een diepe slaap en Peter kon het niet helpen om even hardop te grinniken.

'Ja, Neal. Slaap lekker, jongen.'

Hij hoopte dit vreemde avontuur snel met hem te delen als hij weer oké was. In de hoop dat hij hem kon laten blozen. Wat zou hij zichzelf schamen. Neal Caffrey. Huilend in zijn armen. Hem een held noemen en vertellen dat hij hem lief vond. Hij zag het al voor zich.

XXX

Drie uur later voelde Neal een hand op zijn schouder en hij schrok wakker toen hij zich heen en weer voelde schudden. Tegen de tijd dat hij zijn ogen open had meende hij wel zeker drie keer zijn naam te hebben gehoord.

'Mja… wwat…' kreunde Neal schor en gefrustreerd. Hij voelde zich zo brak dat het leek alsof hij drie keer overreden was met een vrachtwagen. Zijn hoofd bonkte verschrikkelijk en zijn tong voelde zwaar en droog in zijn mond.

'Neal! Wakker worden jongen.' Neal herkende Peter's prekende stem uit duizenden. Zelfs nu hij van zo ver weg klonk en hij opende dan eindelijk zijn ogen. 'Wat…' vroeg Neal dan eindelijk een stukje helderder.

Hij knipperde nog een aantal keer voor hij Peter's gezicht herkende. De man was over hem heen gebogen en keek geërgerd. Nee… hij keek schuldig.

'Wat?... Pet'r?... I-is er iets?... Wat heb ik gedaan?' Zijn tong voelde zwaar in zijn mond alsof hij dronken was. Hij kon zijn woorden moeizaam vormen. Dat kwam vast door de medicijnen die hij gekregen had. Ja, dat herinnerde hij zich nog.

Peter kneep met zijn hand in zijn schouder en beet fronsend op zijn onderlip.

'Neal. Ik moet je bed verschonen. J-je… sorry jongen.' Bij die woorden knipperde Peter met zijn ogen en had zijn woorden gesproken alsof het zijn schuld was.

Neal was nog te slaperig om zich te realiseerde wat hij bedoelde en was alleen maar geschrokken door de blik van zijn vriend.

'Kom jongen. Je moet je even omkleden. Hier zijn je eigen kleren. Elisabeth heeft ze net uit de droger gehaald.' Hij gooide de schone pyjama broek en boxer op het bed. De jongen keek hem stil aan. Zijn adem was zacht en langzaam. Peter hoorde hem zuchtten.

Hij hoopte dat Neal wat helderder werd zodat hij zichzelf kon omkleden. Toen hij zich even richtte op de jongen zag hij dat zijn ogen alweer gesloten waren. Met een zucht schudde Peter zijn hoofd.

'Neal. Kleed je om.' Hij tikte met zijn hand tegen zijn voeten en Neal's ogen schoten weer open. Deze keer bleven ze langer open en Neal keek de man vragend aan.

'Neal. Wees een stoere jongen en kleed jezelf even om.' Neal knipperde wild met zijn ogen en kwam van het matras opzitten toen hij voelde dat er iets niet klopte. Beduusd keek hij naar zijn natte schoot. Blijkbaar begreep hij nu wat er aan de hand was en beet schamend op zijn onderlip. Peter zag dat de jongen zijn best deed om zijn gezicht te verbergen en hij zuchtte medelevend. Hij draaide zichzelf om en staarde naar de gesloten deur, om de jongen toch wat privacy te geven. Achter hem hoorde hij geritsel en geschuifel.

'-En doe voorzichtig met je arm. Ik wil niet dat je het infuus eruit gooit en dat dokter Gillian weer terug moet komen. Je krijgt nu vocht omdat je uitdrogingsverschijnselen had, weet je nog? Dat is waarschijnlijk ook de rede dat je jezelf…' Peter stopte met praten toen hij Neal zacht hoorde mompelen van schaamte.

'Hoe is je maag? Heb je pijn?' Peter wilde de jongen helpen door over iets anders te beginnen. Het geschuifel ging over tot een frommelend geluid. Gevolg bij een zachte plof en Neal tikte plots op Peter's schouder. Verrast draaide Peter zich om en zag dat de jongen zich had omgekleed in zijn eigen pyjamabroek en het bed zorgvuldig had afgehaald. Het was tevens een verassing om de jongen op beide benen te zien staan en hij hield de stang van het infuus vast met een hand dat hem genoeg steun gaf om rechtop te kunnen blijven staan. De jongen zag er moe, zwak en dun uit. Maar hij kromp niet meer ineen van de pijn, zoals laatst. En dat was een goed teken.

'I-ik ga even naar de badkamer,' stotterde Neal zacht en zo beleefd mogelijk. Hij liep met de stang in zijn hand met kleine schuifelende passen door de deur naar buiten en liet Peter achter met de lakens.

XXX

Na dit ongemakkelijk moment was Neal weer, opgefrist en wel, in bed gaan liggen. Peter had het bed opgedekt met nieuwe lakens, toen hij in de badkamer was. Voor hij weer mocht gaan slapen kreeg Neal eerst wat medicijnen. Na dat gedaan was hielp Peter hem weer onder de dekens. Een poos keek hij de jongen aan.

'Alles goed?' Neal knikte.

'Je ziet er anders niet zo naar uit. Geen pijn?' Neal schudde zijn hoofd, zodat het kussen mee schuifelde. Zijn frons was diep en somber. Het was voor Peter duidelijk genoeg dat de jongen geen zin had in praatjes. Dus Peter stond op van zijn stoel en klopte hem nog even op zijn schouders, voor hij zijn weg naar buiten zocht. Hij schrok toen hij plotseling tegen gehouden werd door koude vingers.

'Peter… W-weet El dat ik inmijn...' Peter zuchtte en schudde zijn hoofd. Zijn blik was zacht en teder.

'Ze is met de hond gaan wandelen. Geen zorgen. Niemand zal het ooit weten.' Neal zuchtte opgelucht. Zijn blik werd lichter en zijn ogen staarden een tijd naar het plafond. Zijn vingers slipte weer op de dekens en Neal sluimerde weer langzaam in slaap. Een tijdje staarde Peter naar de slapende jongen.

XXX

AN: Arme arm arme Neal Caffrey. Normaal zo gecontroleerd en elegant. Nu een wrak en in alle wegen vernederd tegenover zijn eigen partner. Maar niet gevreesd Neal! In het volgende en laatste chapter krijg je jouw kans! Ik beloof het!

Zeg wat je er van vind!

X

Josi