Hoofdstuk 14.

Ronald beschoot Draco maar Hermelien sloeg Ronalds arm weg. 'Wat ben je aan het doen?' Ronald keek Hermelien kwaad aan maar moest bukken voor een crucio. 'Draco?' Hermelien hem vragend aan. ' Moet jij niet pleite zijn of zo? Volgens mij heb jij een probleem met je pappie als hij ons hier ziet staan.' Vervolgde ze bezorgt. 'Iemand moet toch op je passen?' lachte Draco. Hij pakte haar pols en leed haar naar een hek. Ronald rende hen achterna. 'Gaan jullie maar alvast ik kom zo.' Zei Draco met zijn wapen gericht op de vier dooddoeners die in aantocht waren. Ronald klom over het hek en toen hij halverwege was wilde hij Hermelien eroverheen helpen. Maar in plaats van Ronalds hand te pakken pakte ze die van Draco. 'Iemand moet toch op je letten?'

Draco glimlachte. 'Eigenwijs klein..' 'Probeer die zin niet eens af te maken eikel.' Onderbrak Hermelien lachend. 'Avanda kadavra!' Draco ging voor Hermelien staan. 'Protego!' 'Joow halloow ik kan mezelf ook best verdedigen. Maar toch bedankt.' Zei Hermelien lichtelijk geschrokken. 'Graag gedaan hoor. CRUCIO.' Draco raakte een dooddoener die nu op de grond aan het creperen was. 'Goed gemikt.' Complimenteerde Hermelien. 'Bedankt, BUKKEN!' waarschuwde Draco. Hermelien draaide en kon net op tijd naar links uitwijken voor ze geraakt werd door een verdwaalde spreuk. Alle spreuken die ze kon bedenken vuurde ze af op alles dat op een dooddoener leek. Het viel haar op dat alle dooddoeners nu wel maskers op hadden terwijl ze aan tafel alleen hun zwarte gewaad aan hadden. Het kon haar verder niet echt boeien.

Het gevecht duurde verrassent kort doordat het kleine aantal overgebleven dooddoeners zich terug trok. Veel van de schouwers waren ongedeerd en er vielen geen doden. In tegenstelling tot voldemorts volgelingen. Op de gevluchte na waren vele overleden en de rest werd gearresteerd. Waaronder Lucius Malfidus. Zijn masker werd afgezet en hij werd met twee man vast gehouden. Draco en Hermelien dachten dat hij gevlucht was met de rest. Hermelien sprong Draco in zijn armen. Opgelucht dat ze beide ongedeerd waren op wat schrammen na.

Toen Lucius zag hoe zijn zoon met een modderbloed stond ging hij over de rooien. Hij trok zich los uit de greep van de schouwers die zo slim waren om zijn staf niet af te pakken. Hij had het op Hermelien gemunt maar hij werd getackeld door Sirius en hij raakte Draco. De spreuk was niet goed hoorbaar en er was geen effect te zien. Dus het leek loos alarm. Tot Draco's shirt rood kleurde. Het had even geduurd voordat het bloed door de stof heen zichtbaar werd. Draco greep naar de wond. Hermelien hielp hem maar er was niet veel wat ze kon doen. Het gezicht van zijn vader vertrok. De wond leek groter te worden. Draco voelde zichzelf steeds zwakker worden. En zij benen konden het gewicht niet meer aan. Hermelien zag Draco wegzakken. Ze pakt te zijn handen vast terwijl hij ineen zakte. Ze werden langzaam kouder. Hermelien schreeuwde om hulp maar het enige wat ze zelf kon doen was toekijken. Nu lag hij op de koude harde grond met Hermelien over zich heen gebogen. Hij probeerde met al zijn kracht recht op te gaan zitten maar alleen zijn hoofd optillen was voor zijn lichaam al te veel gevraagd. Hermelien voelde het rode goedje over haar handen gaan. Ze liet haar hand langzaam achter Draco's hoofd glijden als ondersteuning.

Haar tranen drupte op de vloer en Draco's ogen zakte samen met zij gedacht gang langzaam in het duister…