Hier mijn tweede stukje, deze keer misschien iets spannender :-) Hoop dat jullie het leuk vinden!

AudreyPOV

"Eindelijk, ik ben er weer!" Mijn stem galmde, als iemand die hard schreeuwt in een was terug thuis, eindelijk. Ik wachtte tot er iemand zou reageren maar ik zag niemand. Waar waren ze? Ik was EINDELIJK thuis en nu was er niemand!Jamie, mijn moeder, mijn zus, Karen... Ze hadden allemaal beloofd dat ze me zouden opwachten aan de die belofte was dus een leugen geweest. Er was niemand die ik kende. Ik riep nog eens. Dat had als enige resultaat dat de mensen me raar aankeken.

Waarom was er nu niemand? Ik begon te lopen. Ik wou hier weg! Mijn koffers kletterden achter mij aan en er botste iemand tegen me aan. Ik keek hem woedend aan, ik wou hier echt weg, naar huis, naar mijn bed! Het gezicht van de man leek verbaasd en ik herkende mijn vader, wat deed hij hier nu? Zijn gezicht ging terug naar neutraal en hij liep door, gehaast. Waarom zei hij niets? Was ik iemand anders geworden?Ik stopte met lopen en keek nog eens rond, misschien had mijn vader iemand gezien die ik kende en wilde hij daarom weg? Dat was nog altijd vreemd, maar dan wàs er tenminste iemand die ik kende!

Ik herkende een blonde bos haar, recht voor mij. Het was Jamie, zeker weten. Maar hij liep van me weg en ging dezelfde richting op als mijn vader, naar de uitgang. Dat was het ergste nog niet. Hij liep hand in hand met een meisje. Dat meisje was Karen. Mijn ex-beste vriendin.

Ik schrok wakker, woedend op Jamie én Karen. Hoe konden ze? Het was een droom, gewoon een simpele droom, realizeerde ik. Maar waarom was ik dan nog kwaad? Ik trilde van de boosheid. Rustig, rustig, je kán helemaal niet kwaad zijn, want niemand heeft iets misdaan, zei ik tegen mezelf. Ik kalmeerde stilletjesaan en voelde aan mijn wang. Ik gloeide helemaal, terwijl ik het ijskoud had. Koorts dus, dat kon er ook nog wel bij. Ik viel terug in slaap, de droom had me helemaal uitgeput. Ik droomde weer, maar deze keer vredig, onbewust. Gewoon allemaal dingen die in mijn hoofd flitsten.

Oude familiefoto's van mama, papa, mijn zus Lotte en ik. Ik, kijkend naar mijn gsm, één van de vele keer dat ik wachtte op een bericht van Jamie. Karen fietsend, en als laatste en het scherpste, het strand van La Push. Gewoon, de golven die ruisden en het mooie zand. Er was niemand, alleen een paar vogels die vredig bij elkaar stonden.

Ik was alles weer vergeten zodra ik wakker werd. Alleen mijn droom Jamie en Karen herrinerde ik me. Het leek ook zo echt, niet als een nare droom.

Ik stampte de trap af, nog een beetje kwaad op Jamie en Karen, en met pijnlijke koorts.

Mijn vader, Brian, was aan het ontbijten en keek me zorgelijk aan. "Goedemorgen?" Hij sprak het uit als een vraag, alsof hij niet wist of het wel zo'n goede morgen was. "Mja." Ik sliep nog half, mijn ogen toegeknepen door het felle licht dat uit de ramen scheen. "Pap, ik denk dat ik ziek ofzoiets ben, ik heb koorts." Ik klonk weifelend, ookal wist ik zeker dat ik koorts had, het deed zo'n pijn.

"Wacht." Hij stond op en gaf me de koortsthermometer. Na een half minuutje keek ik erop, 39°C. Brian zag het ook en zei: " Ja, jij hebt stevige koorts. Ga maar in de zetel liggen, ik geef je wel iets." Hij ging naar een kastje en haalde er een doosje uit. "Spijtig, het was nog zo leuk geweest..." Hij mompelde iets en ik beseft dat het weekend was, en hij dus iets met mij wou doen. Ik trok een gezicht alsof ik het ook erg vond en pakte het pilletje dat hij mij aangaf. Ik slikte het in en hoorde een muziekje, mijn gsm ging af! Ik wees naar de plaats waar hij lag. Brian gaf hem me snel aan en verdween.

"Hallo, met Audrey Atera."

"Hallo, Jamie hier! Alles goed met mijn grote liefde?" Jamie klonk opgewekt, misplaatst met mijn vreselijke droom.

"Ja gaat wel.. Hoe is het in België?" Ik rekende even uit hoe laat het daar zou zijn, en ik schrok. Het was nu bijna één uur 's nachts!

Jamie had zijn antwoord al klaar voor ik nog iets kon vragen. "Ik denk wel goed, maar ik weet het eigenlijk niet, want momenteel zit ik in een vliegtuig op weg naar La Push!" Hij praatte altijd maar luider en het leek wel of hij het einde van de zin schreeuwde. Ik moest mijn telefoon van mijn oor afhouden, of ik zou naast mijn koorts ook nog oorpijn hebben.

Ik was stil, ik wist niet wat te zeggen. Hij kon wel goed mensen overdonderen.

"Aud? Ben je er nog? Is het niet goed?" Hij klonk meteen teleurgesteld, wat ik helemaal niet wou. Ik werd stilletjes wakker.

"Nee, nee het is geweldig! Ik was gewoon wat overdonderd." Ik was echt superblij dat hij straks weer in mijn armen zou liggen, dan was het hier teminste leuk! Mijn koorts zou dan wel over zijn, of nee, over móéten zijn.

"Gelukkig. Ik zit denk ik nog twee uurtjes in het vliegtuig en dan landt ik in Seattle." Hij klonk weer opgewonden.

Nu was ik ook opgewonden: "Dan kom ik je ophalen, maar niet schrikken, het is hier wel klein hoor. Hoe lang blijf je?" Ik hoopte voor het eerst in jaren dat ik hier langer kon blijven, samen met hem natuurlijk. Als hij er is, is La Push helemaal niet saai, maar eerder spannend. Spannender dan België, dat was zeker.

"Ik weet het nog niet, waarschijnlijk zo lang als jij." Ik hoorde de knipoog door de telefoon, en ik giechelde zachtjes.

"Super! Maar ik moet ophangen nu, Brian roept."

"Ok, tot straks! Ik hou van je." Hij is de liefste persoon die ik ken, ging er door mijn hoofd.

"Ik nog veel meer!" Riep ik en ik legde af. Dit was een van de redenen waarom ik mijn vader niet zo graag had, als ik belde, moest hij me altijd 'plotseling' dringend nodig hebben.

"Audrey, kom je nog?" Brian werd ongeduldig, waardoor ik boos op hem begon te worden.

"Jahahaaa!" Toen ik bij hem stond was ik niet meer boos. Ik was blíj. Voor mij stond er een glanzende, rode, gitaar. Niet zo'n neppertje, maar een elektrische gitaar inclusief grote versterker en koptelefoon. Dat laatste had hij slim bedacht, zo hoorde hij niets van mijn herrie.

Ik besprong mijn vader en knuffelde hem plat. Dat leek teminste zo, hij voelde er denk ik niet zoveel van, aangezien hij veel groter dan mij was.

"Ik wou het goedmaken, dat ik er zo weinig ben bedoel ik. Je weet dat ik niet zo veel cadeautjes geef, daarom is dit nu een beetje groter. Heb je trouwens nog koorts?" Hij zei het zo rustig, alsof er niets gebeurd was. Voor hem was er ook wel bijna niets gebeurd, maar voor mij was dit iets fantastisch!

"Dankje, dankje, dankje! Je bent de geweldigste vader die er bestaat! Trouwens, ik voel mijn koorts nog maar nauwelijks." Dat laatste loog ik, ik gloeide helemaal, maar ik wou het moment niet verpesten. "Ik zal je nu maar laten met je nieuwe vriendje." Hij lachte om zijn eigen grapje en liep weg.

Ik begon meteen te spelen, een stukje uit het liedje 'Everything I Ask For'. Ik ging er helemaal in op. Met andere woorden: ik vergat alles. Ook de tijd.

Bij het avondeten, had Brian mijn favoriete maaltijd gemaakt, pasta met scampi's. Het zag er verrukelijk uit, maar dat was normaal voor mijn vader, hij kon heel goed koken. Niet een eigenschap dat ik had.

"Wie belde er daarstraks?" Een doodgewone vraag, maar dat was het niet voor mij.

"Ooh nee! Hoe laat is het? Oh nee Jamie!" Het besef stampte diepe gaten van ongerustheid in mijn lichaam. Eéntje in mijn maag en nog een paar in mijn borstkas. Er was iets gebeurd met Jamie, ik voelde het. Ik stormde naar de telefoon terwijl mijn vader naar me riep dat ik het moest uitleggen. Ik draaide snel Jamie's nummer en wachtte. Ik hoorde geen kiestoon. Dit was niet goed. De telefoon gleed uit mijn hand terwijl er nog meer gestampt werd in mijn maag. Stampen van angst, misselijkheid, verdriet en vooral ongerustheid.

Brian stond voor me en schudde me zachtjes door elkaar. "Wat ís er? Waarom kijk je zo angstig? Audrey!" Hij riep in mijn gezicht, zelf ook angstig.

"Jamie... Hij ging naar me komen, hij zat in het vliegtuig... 2 uur..." Ik fluisterde, en toen ik de woorden zei wist ik dat dít niet normaal was.

"Kwam hij naar hier? Met het vliegtuig? Audrey, zeg iets!" Hij klonk wanhopig. Ik was nog net niet wanhopig geworden. Mijn hoofd had het nog niet helemaal door.

"Jamie had gebeld om te zeggen dat hij naar hier kwam. Hij moest toen nog maar twee uur vliegen... Hij ging bellen... Er is iets gebeurd papa! Ik voel het!" Terwijl ik dit zei, belde ik nog eens naar Jamie. Niets.

"Audrey, we kunnen niets doen. Wachten, dat is het enigste dat we kunnen doen nu." Hij sprong over van angst naar serieus en koel.

"Papa er is iets! Ik voel het, het vliegtuig is neergestort ofzo!" Nu werd ik wel wanhopig, en ook kwaad, we konden toch niet gewoon wachten?

Ik trilde weer, zoals vannacht. Rustig, Audrey, er is geen reden om boos te zijn. Je moet alleen te weten komen wat er is gebeurd.

"Audrey, we kunnen alleen maar wachten, wat wil je doen? Nog eens bellen? Het gaat niet veranderen Audrey. We komen het vanzelf te weten." Ik werd weer kwaad, maar deze keer zonder het trillen. Ik was alleen kwaad omdat ik wist dat Brian gelijk had. Bellen had geen zin. Ik moest wachten.

Ik ging in de zetel liggen en sloot mijn ogen. Toch stroomden er tranen. Wachten, wachten, wachten. Het maalde door mijn hoofd. Wachten op datgene dat ik niet wil.

Wil je het vervolg weten? Revieuw dan aub! Dan weet ik wat je ervan vindt en of het wel de moeite is om verder te schrijven! Bedankt x Lien