Nog een hoofdstukje! :)
Villa Malfidus 2
POV Emelie
"Weet je heel zeker dat dit hem niet is?" hoor ik niemand minder dan Bellatrix fluisteren, die had ik nog niet gezien. "Nee" zegt Draco angstig. Waar gaat dit over?
"Draco," zegt Lucius, duidelijk voorzichtig "We zijn meteen van onze slechte daden af, als dit hem… ".
"Het is hem niet! Dat zie je toch!" snauwt Draco. "Als het hem niet is hebben we een groot probleem, hij VERMOORD ons" brengt Bellatrix in.
Over wie gaat dit nou? Is er nog iemand daar? "Stop de jongens in de kerker, wij meiden houden een onderonsje" sist Draco's tante. Ik weet dat ze mijn kant uit komen dus ik duikt naar achteren, in de schaduw van de trap.
En kijk toe hoe Lucius en Draco twee jongens voor zich uit duwen. De roodharige is zeker weten die beste vriend van Harry Potter, maar die bruinharige jongen ziet er zo slecht uit dat ik niet kan zien of het Harry Potter is.
Hadden ze het net over hem? Beweerde Draco net dat deze jongen niet Harry Potter is? Wel logisch, deze bruinharige jongen heeft geen brilletje, en ziet er dus niet uit!
Maar dat kan een truc zijn. Opeens hoor ik een hartverscheurende gil, hij komt uit de serre, waaruit Draco en Lucius net kwamen. Ik sluip naar binnen, en kom tot de ontdekking dat de gil afkomstig was van het spartelende meisje midden in de kamer, Hermelien Griffel.
"Hoe kwam je in mijn kluis in Goudgrijp!" sist Bellatrix. Terwijl ik steeds verder naar binnen ga had ik niet opgemerkt dat zij er ook nog was. Ze draait zich naar me toe en kijkt me met een misselijkmakende glimlach aan.
"Emelie!" brult ze "haal die oen van een kobolt uit de kerker en breng hem naar hier!". Ik deins achteruit en ren zo snel als ik kan door de hal, naar Draco.
"Waar is de kerker?" vraag ik terwijl ik opgejaagd adem haal. "Hoezo?" vraagt hij. "Ik moet een kobolt halen van je tante" sis ik, wetend dat als ik niet zeg waarvoor hij niet zegt waar de kerker is.
"De deur naast de trap" hij wijst naar de zwarte deur achter zich. Ik ren langs Lucius naar de deur en daarna de trap af naar de kerker. Daar gekomen open ik de ijzeren traliedeur met 'alohomora'.
"Emelie!" fluistert de gehavende jongen. Ik houd mijn toverstok iets hoger. "Kobolt, meekomen" ik kijk rond en zie inderdaad een kobolt achter een pilaar vandaan komen.
"Ik ben het, Harry!" zegt de jongen. "Sssst" zeg ik "dat weten ze niet". "Stomkop" sist de Wemelgast tegen Harry. "Help ons" smeekt Harry.
"Dat kan ik niet, we komen hier niet weg en worden allemaal vermoord" zeg ik zacht "roep Dobby". En met die woorden laat ik de kobolt langs me gaan, sluit ik de tralies en loop met de kobolt naar Bellatrix.
Severus heeft me verteld dat Harry in staat is Dobby op de roepen, Dobby gehoorzaamt Harry, ook al dient de elf niemand meer. Zo kunnen ze vrij komen, maar dat doen ze niet zonder Hermelien.
"Eindelijk!" Bellatrix komt overeind van de grond waar een zacht snikkende Hermelien ligt. Ze grijpt de kobolt en smijt hem op de grond. Harry en Ron en wie er dan ook nog meer in die kerker achter een pilaar zit kunnen elk moment halsoverkop hier binnenstormen.
En ze kunnen zonder toverstokken niet op tegen Bellatrix, mij (ik moet in mijn rol blijven), Draco, Lucius (die stil aan de zijkant zitten) en Narcissa (die er ook opeens is) .
Ik moet iets verzinnen en ze helpen, maar zonder ontmaskert te worden.
En opeens weet ik het. "Bellatrix" zeg ik. De dooddoenster draait zich om, duidelijk chagarijnig omdat ze gestoord wordt tijdens haar martelondervraging van de kobolt over een zwaard dat naast me op de grond ligt. Dat zwaard komt volgens Bellatrix uit haar kluis.
"Waar zijn de toverstokken" ter verduidelijking gebaar ik naar Hermelien, die nu stil toekijkt tussen haar warrige haardos door. "Hier" ze gooit me een bosje toverstokken toe "het kan onze baby Potter niet zijn, zijn stokje zit er niet tussen".
Ik kijk naar de drie toverstokken in mijn hand, het zijn er toch zeker drie, Harry, Hermelien, Wemel. "Het zijn er drie" zeg ik zacht.
"Er zitten meer gevangenen in dat hok hier beneden hoor, dit zijn de stokken die nog heel zijn" Bellatrix draait zich lachend weer om en gaat verder martelen.
Draco kijkt me vanaf de zijkant verdenkend aan, hij weet dat ik iets ga doen. Tenminste, dat denk ik. "Draco kom je even" ik loop de kamer uit, met de toverstokken. Draco volgt me gedwee.
"Wat doe je?" sist hij, wanneer hij de deur achter ons gesloten heeft. Hij gaat tegenover me staan, met zijn rug naar de trap waarnaast de deur… De deur! Hij gaat op een kier open!
Ik zie Harry en Wemel gluren. Mijn plan moet slagen, anders zijn ze verloren!. "Ik doe niks" ik besluit hem de waarheid niet te vertellen, ookal weet ik dat hij Harry's leven gered heeft. Ookal weet ik dat hij niet slecht wil zijn.
Met een simpele 'crucio' heeft Voldemort het meteen uit hem. Draco zucht en loopt weer naar de deur, snel leg ik de toverstokken op een stoel en ga achter hem aan. Ik sluit de deur.
Mijn toverstok houd ik gereed, in de mouw van mijn gewaad, zodat niemand het ziet. Niemand let op ons, zelfs Hermelien niet. Iedereen kijkt naar hoe Bellatrix die arme kobolt afbeult.
Draco kijkt ook weer naar Bellatrix, zijn gezicht trekt wit weg. Mijn kans, nonverbaal, nonverbaal, nonverbaal! Ik concentreer me op de muur en richt ongezien mijn toverstok, 'Bombarda Maxima' denk ik en de muur ontploft.
Iedereen kijkt geschokt naar de er-niet-meer-zijnde muur, en dan vliegt de deur open. Snel draai ik me om, Harry en Wemel staan in de deuropening. "Stupefy!" brult Harry en Bellatrix wordt in haar rug getroffen.
Ik wijs op mezelf, ze moeten MIJ raken. Wemel kijkt me niet begrijpend aan. Raak mij nou, denk ik. Ik moet mijn dekmantel bewaren! "Flipendo!" Harry raakt me dan eindelijk en ik vlieg naar achter, door het gat waar eerst een muur was.
En hoe was dat?
