Don't know the colour of your skin,

But I feel the love that lies within,

And I'm sure,

I know without a doubt,

I'll find your face in the crowd,

I'll never let this feeling slide,

And no one can put my faith aside,

And I'm sure,

I know without a doubt,

I'll find your face in the crowd,

Your face in the crowd,

I'll find your face in the crowd,

Your face in the crowd.

-. Trijntje Oosterhuis: Face In The Crowd.-


(Harry & Draco hun 130e schooldag)

Het was een zonnige, koude decembermorgen. Harry stond met zijn bezem in de hand, omdat de eerste wedstrijd van Zwerkbal begon. De Griffoendoren en de Ravenklauwen liepen over het veld naar elkaar toe, terwijl de aanvoerders handden schudde. Madam Hooch liet de Gouden Snaai los, en floot op haar fluitje. De wedstrijd was begonnen.

Na een tijdje stond het 80-20 voor Griffoendor, toen Harry de Snaai zag. Hij racete erachteraan, en al gauw kwam de nieuwe Ravenklauw Zoekster achter hem aan.

Draco zat op de tribune aan de Zwadderich kant waar bijna niemand zat. Draco zag Harry spelen, en achter de Snaai aanzitten.

Het volgende had hij echter niet verwacht. Harry had de Snaai bijna, toen er een Beuker op hem inbeukte tegen de zijkant van zijn hoofd. Hij tolde naar beneden en was al bewusteloos toen hij de grond raakte.

Draco keek met horror toe hoe alles zich afspeelde. Hij keek naar Ron en Hermelien die op hetzelfde moment naar hem keken.

Ze stonden alle drie op hetzelfde moment op. Draco liep zo snel mogelijk uit de standaard van Zwadderich, terwijl Ron en Hermelien zo snel mogelijk uit de Griffoendor standaard kwamen.

Harry was ondertussen al op een zwevende brancard gelegd, en werd al naar het kasteel toe gebracht.

Ron, Hermelien en Draco kwamen pas bij de brancard toen Harry al door de voordeuren van het Kasteel was. 'Oh shit ohshitohshitohshitohshit wat als er iets permanent beschadigd is?' dacht Draco.

Draco vond het zwaar in de afgelopen maanden om Harry niet te vertellen dat hij degene was waar Harry naar op zoek was. Vooral toen Harry zei dat hij dromen had gehad en dat hij wist dat zijn partner een jongen was. Hierbij moest Harry blozen, en Draco moest op zijn tong bijten om niet naar Harry toe te stappen, zijn hoofd in zijn handen te leggen en die roze lippen te zoenen.

Ze waren bij de Ziekenzaal toen Draco stopte met piekeren. Ron, Hermelien en Draco wouden ook naar binnen, maar werden tegen gehouden door Madam Plijster.

"Harry moet nu geheeld worden en heeft daarna rust nodig."

"Maar wij zijn zijn vrienden!" zei Ron vurig.

"Harry heeft rust nodig en heeft jullie daar niet voor nodig," zei Madam Plijster met haar handen op haar heupen.

Haar blik verzachtte toen Ron, Hermelien en Draco koppig bleven staan.

Ze zei nu op een wat zachtere toon: "Ik informeer jullie wel als Harry wakker wordt. Ga nu maar, er is niks dat jullie kunnen doen."

Ron en Hermelien liepen verslagen naar Griffoendor toe. Maar Draco bleef nog koppig staan.

"Meneer Malfidus, u kunt ook maar beter gaan."

Draco ontweek het makkelijk en vroeg: "Weet u wat Harry is?"

"Ja Meneer Malfidus en ik zal ook goed voor hem zorgen."

"Nee Mevrouw u begrijpt me niet," Draco fluisterde het volgende bijna: "Ik ben Harry's levenspartner, maar hij weet het zelf nog niet."

Een kleine pauze volgde voordat ze fronsend vroeg: "Hoe weet u dat Meneer Malfidus?"

"Ik heb er wat over gelezen, en las dat de partner dromen kreeg van de vleugels van de Alf. Ik wist eerst niet wat de dromen betekenden, dus zocht ik het op. En hij zei zelf tegen mij dat hij een Alf was. Maar mag ik alstublieft naar binnen?" Draco smeekte het haar nu bijna.

Ze moest er even over nadenken voordat ze zei: "Vooruit dan maar," en liet Draco en zichzelf naar binnen. Draco liep gelijk naar de stoel toe die naast Harry's bed stond.

Madam Plijster deed een paar helingspreuken en zei na een tijdje: "Hij heeft geen permanente schade opgelopen, maar hij zal wel lang bewusteloos zijn. En als hij eenmaal wakker is zou hij ook misschien een aantal keer wegvallen."

Draco knikte en Madam Plijster liep naar haar kantoortje, terwijl ze over haar schouder riep: "Roep me als hij weer wakker wordt."

Draco keek naar het prachtige wezen dat voor hem lag en voelde een vlaag van bescherming voor Harry. Ook al had Harry een wit verband om zijn hoofd heen gewikkeld, Draco vond dat er nog nooit zoiets moois en perfect was als Harry.

Niet in staat om zichzelf te kunnen - of willen - houden, Draco pakte de hand van Harry, en legde zijn ene hand onder die van Harry, en de andere boven op die van Harry, zodat Harry's hand veilig tussen de zijne lag.

Hij stopte hun handen onder zijn kin. Draco keek naar Harry's regelmatige ademhaling. Het werkte kalmerend om Harry te zien ademhalen. Draco had slecht geslapen, en viel half in slaap totdat hij de deuren van de Ziekenaal open hoorde gaan.

Hij had nog steeds Harry's hand in de zijne toen Ron en Hermelien naar hem toe liepen.

"Uh Draco waarom heb je Harry's hand beet?" vroeg Ron onelegant.

Draco zuchtte en legde alles zo goed mogelijk uit aan Ron en Hermelien.

Er volgde een lange stilte. "Wow dus jij bent...? ...Maar wow." Verder dan dat kwam Ron niet, omdat Sneep binnenkwam.

"Meneer Malfidus kan ik u even spreken?"

Draco liet Harry's hand met tegenzin los, stond op en liep achter Sneep aan.


Toen Draco en Sneep weg liepen knipperde Harry met zijn ogen en vroeg schor: "Ron? Hermelien? Draco?"

"Wij zijn er Harry. Draco is net weggeroepen door Sneep, dus die is er niet," zei Ron.


Ondertussen liepen Draco en Sneep naar Sneep's kantoor. Sneep gebaarde dat Draco kon gaan zitten. Draco nam de stoel aan en ging zitten.

"Meneer Malfidus ik ga u iets meedelen dat u niet leuk gaat vinden. Er is een aanval gepleegd op Azkaban om de Dooddoeners te bevrijden. Uw vader is in het geheim overgeplaatst naar een andere cel. De aanval werd gepleegd op de cel van uw vader. Hij kwam hierbij om, door de kracht van de explosie."

Draco slikte, knikte en vroeg: "Kan ik gaan?"

Sneep knikte en Draco stond op om weg te lopen.


Ron en Hermelien waren weer weg toen Draco de deuren van de Ziekenzaal open deed. Madam Plijster had al naar Harry gekeken, en hem een paar drankjes gegeven voor de pijn.

Harry zat nu in bed in plaats van in bed te liggen.

Hij had net een gesprek gevoerd met Ron en Hermelien toen hij duizelig werd. Hij kneep zijn ogen stijf dicht en toen hij ze weer open deed was alles gekleurd.

"Wat is er Harry?" vroeg Hermelien.

Harry keek naar haar en zag een soort van gloed om haar heen. 'Nee geen gloed maar een aura!' "Het is begonnen," zei Harry.

"Wat is begonnen?" vroeg Hermelien verward.

"De zoektocht voor mijn levenspartner."

"Oh," zei Hermelien.

"Herm kom we moeten gaan," zei Ron. Ron en Hermelien liepen samen hand in hand weg.

Harry keek gefascineerd naar zijn eigen aura en de kleur ervan. Wit.

Op dat moment kwam er iemand binnen. Harry keek op en zijn mond viel open van verbazing. "Draco?" vroeg Harry met een klein stemmetje.

"Wat is er Harry?" vroeg Draco die nu naast Harry's bed stond. Harry had zijn ogen wagenwijd open en hij ademde snel.

"Harry gaat alles wel goed met je?" Draco had wel een vaag vermoeden wat er aan de hand was, maar hij wou het Harry horen zeggen.

"Je aura. Wit. Zelfde als mij. Mijn levenspartner," zei Harry waarbij zijn zicht al zwart begon te worden.

Draco glimlachte lichtjes en zei: "Ik weet het."

"Maar, maar, maar," en verder kwam Harry niet, omdat hij buiten bewustzijn raakte.

Draco legde Harry goed neer op het bed en ging weer op de stoel naast het bed zitten. Hij nam de hand van Harry weer tussen allebei zijn handen en stopte ze weer veilig onder zijn kin. Draco wist dat dit zou gebeuren, en vooral met de schok dat Harry zijn levenspartner had gevonden.

Draco was blij dat hij zich niet meer in hoefde te houden. Nu kon hij al zijn liefde uitten. Er kwam een glimlach op zijn gezicht. De glimlach ging niet van zijn gezicht af, ook al had hij net het nieuws ontvangen over zijn Vader.

Zijn grootste zorg was nu om Harry bij bewustzijn te krijgen. Draco was heel beschermend geworden over Harry. Niet té beschermend dat het onmogelijk werd om weg te gaan, nee maar wel dat het te merken was.

Hij hield Harry's hand stevig beet en keek intensief naar het prachtige zwartharige wezen voor hem. Hij begon met zijn duim rustgevende bewegingen over Harry's hand te cirkelen. Harry bewoog zelfs bewusteloos dichter naar Draco toe.

Draco glimlachte toen hij het zag en gaf een kleine kus op Harry's hand. Harry zuchtte en schoof nog een stukje in Draco's richting.

Na een lange tijd voor Draco's gevoel knipperde Harry met zijn ogen. Hij keek langzaam naar Draco.

"Draco?" vroeg Harry. Hij was eerst nog duf, voordat hij besefte wat er allemaal gebeurd was. Zijn ogen vlogen wagenwijd open en hij ging rechtop in bed zitten op topsnelheid. Hij wou hiervoor zijn rechterhand gebruiken, maar merkte dat hij vast gegrepen was.

Hij keek weer naar Draco en wou zijn hand lostrekken. Draco wou er echter niks van weten en hield koppig Harry's hand in zijn handen. Harry slikte en vroeg: "Hoe wist je het?"

Draco's glimlach werd alleen maar groter en zei: "Door een paar dingen. Ik had dromen. Rare dromen, maar niet onplezierig. Ik heb opgezocht wat het kon betekenen en kwam bij de Alven terecht. Daarna zag ik dat je dezelfde boeken had die ik ook had gelezen. Toen kwam ik tot die conclusie. En je bevestigde het door tegen mij te zeggen dat je een Alf was."

Draco gaf nog een kleine kus op Harry's hand. Harry moest hierdoor blozen. Draco moest hierom lachen, waardoor Harry dieper moest blozen. "Hoe moeten we nu verder?" vroeg Harry.

"Nou het zou wel handig zijn dat we naar Professor Perkamentus zouden gaan, om ervoor te zorgen dat je bij mijn kamer intrekt. Het zou een beetje raar zijn voor je kamergenoten dat als ze je proberen wakker te maken, ik met je in bed lig."

Harry moest hier nog harder door blozen. Draco vond het alleen maar amuserend. "Het is nu zaterdag, maandag is het alweer kerstvakantie. We hebben dus tijd genoeg om je te verhuizen. En ik denk dat Madam Plijster je vandaag nog in de Ziekenzaal wil houden om te kijken hoe het gaat met je hoofdwond. Doet het nog pijn?" vroeg Draco uiteindelijk een beetje bezorgd.

"Een beetje," mompelde Harry als antwoord, terwijl hij nog steeds moest blozen.

"Moet ik daarvoor naar Madam Plijster, om een drankje op te halen die de pijn tegen gaat?" vroeg Draco aan Harry. Harry knikte, en Draco liet met tegenzin Harry's hand los. Harry schrok toen hij het contact van Draco's handen verloor.

Draco liep naar het kantoortje van Madam Plijster en legde uit wat hij wou. Ze liep naar het kastje, haalde er een flesje uit en ging naar Harry. Draco pakte gelijk weer Harry's hand, terwijl Harry het flesje met zijn linkerhand aanpakte, en opdronk. Hij voelde zich gelijk weer beter, ondanks de smaak ervan en zei ook dat hij zich beter voelde.

Madam Plijster zei: "Ik wil dat u deze nacht nog in de Ziekenzaal blijft liggen ter observatie." Harry had hierop geknikt waarna Madam Plijster weer wegliep.

"Draco wil je misschien naar Professor Perkamentus gaan om de situatie uit te leggen?"

Draco knikte, en wou opstaan, maar Harry hield hem tegen. "Wil je alsjeblieft nog even blijven?" vroeg Harry blozend.

Draco vond dit helemaal niet erg, dus glimlachte hij naar Harry en bleef zitten. Draco vond Harry er super schattig met zijn zwarte haar dat zich eindelijk gedraagde - één van de laatste dingen van zijn transformatie. Zijn rode wangen. Zijn bleke huid en roze lippen.

Draco liet met zijn linkerhand Harry's hand los. Harry wou protesteren, maar Draco reikte ermee naar Harry's hoofd en begon met zijn hand door Harry's lokken te gaan.

Harry liet zijn ogen dichtvallen en genoot van het gevoel van zijn partners hand door zijn haar. Harry bewoog onbewust dichter naar Draco toe, en viel bijna van het bed af. Draco ving Harry op die half op het bed, half van het bed lag. Harry ging nu liggen in plaats van zitten en keek op naar Draco.

Draco zag er heel rustig uit, niet gespannen. 'Kan dat komen doordat ik nu weet dat hij mijn partner,' - het woord alleen al schoot fijne rillingen langs zijn rug - , 'is en hij nu niet meer hoeft te doen als alleen een vriend?'

Wat de rede ook was, Harry was blij dat Draco bleef toen hij het vroeg.

"Hey Harry nu mis je Sneep zijn Occlumentielessen," zei Draco zacht omdat Harry toch vlakbij lag.

"Ik ben erg vooruit gegaan, dus denk ik niet dat het het einde van de wereld is als ik een les mis. Vooral na een ongeluk met Zwerkbal," zei Harry.

Draco glimlachte, en Harry gaf een glimlach terug.

Na een tijdje zei Harry: "Ga maar naar Perkamentus toe."

"Ja?" vroeg Draco.

"Ja ga maar. Je komt wel terug?" vroeg Harry twijfelend.

"Natuurlijk Harry," zei Draco die een kleine kus op Harry's hand gaf, opstond, even twijfelend stond en uiteindelijk nog een kus op Harry's voorhoofd gaf.

Harry moest weer blozen en Draco liep de Ziekenzaal uit. Harry was moe en ging slapen. Toen hij zijn ogen weer opendeed zat Draco er weer. Alweer met Harry's hand in de zijne.

Draco keek hoe Harry lag te slapen. Een glimlach vond een weg op zijn gezicht, en al gauw knipperde Harry met zijn ogen en keek naar Draco. Draco zei: "Ik ben er weer."

"Je bent terug gekomen voor mij?" vroeg Harry met een stem nog vol met slaap.

"Natuurlijk ben ik terug gekomen voor jou. Waarom zou ik je achterlaten terwijl ik beloofd had terug te komen?" vroeg Draco die helemaal gesmolten was door Harry zijn reactie.

Harry gaapte voordat hij zijn schouders zo goed mogelijk liggend ophaalde.

"Harry ik weet wat je bent, dus kan ik - nee wil ik niet bij je wegblijven. Of moet ik het duidelijker maken dan dat? Ik wil bij je zijn Harry. Ik zal je niet op willen geven voor de wereld. Is dat duidelijk genoeg voor je Harry?"

Harry zat met tranen in zijn ogen naar Draco kijken. "Meen je dat?" vroeg Harry gesmoord.

"Oh Harry maar natuurlijk!" zei Draco.

Harry probeerde de tranen weg te vegen voordat Draco het zag, maar Draco had het al gezien.

"Oh Harry toch," en met dat nam Draco Harry in zijn armen. Harry zijn kin kwam op Draco's schouder te liggen, terwijl zijn armen om Draco heen lagen. Draco had één hand op Harry's rug, waarmee hij over zijn rug wreef, terwijl de ander in Harry's haar zat.

Draco fluisterde kalmerende woorden die hij zelf niet eens kon onderscheiden, en liet Harry uithuilen.

"Gaat het weer een beetje?" vroeg Draco zachtjes.

"Ja, maar wil je me nog even beethouden?" vroeg Harry.

Draco knikte hierop.

De reden dat Harry beet gehouden wou worden had te maken dat er van hem gehouden werd. Natuurlijk hadden Ron en Hermelien ook hun liefde op hun eigen manier geuit, maar dit was anders.

Harry begon in slaap te vallen, en wou gaan liggen. Draco hield hem echter tegen en had hem nog vast. Harry gaf op met tegenstribbelen en hij liet zich weer in Draco's armen vallen.

Hij viel bijna meteen in slaap. Draco hield Harry nog beet, ook al wist hij dat de zwartharige jongen in slaap was gevallen. Dit kon hij merken aan hoe Harry regelmatig in- en uitademde. Harry's armen lagen iets zwakker om Draco heen, maar hadden hem nog wel beet.

De deuren van de Ziekenzaal zwaaiden open en Ron en Hermelien kwamen naar binnen toe.

"Uh Draco waarom heb je Harry zo vast?" vroeg Ron zo luid dat Harry weer wakker werd. Hij opende zijn ogen langzaam en zei: "Hey Ron, hey Hermelien."

"Harry wat is er aan de hand? En waarom heeft Draco je zo beet?" vroeg Hermelien. Ze wist natuurlijk al van Draco dat Harry bij hem hoorde, maar ze wou ook weten of Harry het al wist.

Harry draaide zijn hoofd om naar Draco te kijken, en ze kwamen neus tegen neus tegen elkaar aan. "Moeten we het ze zeggen? Wil je dat ik het zeg?" vroeg Harry.

Draco gaf een klein kusje op Harry's neus, waardoor Harry moest blozen en fluisterde: "Natuurlijk zou ik dat willen."

Harry liet Draco los en keek naar zijn beste vrienden met een glimlach en nog steeds rode wangen van het blozen en zei duidelijk: "Ik heb mijn partner gevonden."

Ron en Hermelien keken even verbaasd, voordat ze Harry naar Draco zagen kijken met een verliefde blik.

"Dus... dus Draco is jouwn levenspartner?" vroeg Ron verbaasd.

Harry scheurde zijn blik weg van Draco's ogen en zei: "Ja Draco is mijn partner."

"Moeten we jullie alleen laten dan?" vroeg Hermelien die nu had wat ze willen hebben. Haar informatie.

"Als jullie zouden willen graag," zei Harry.

Hermelien trok een beduusde Ron achter zich aan, en liep de Ziekenzaal uit.

"Ze wisten het al Harry. Ik had alles uitgelegd. Volgens mij wouden ze het alleen maar bevestigen."

"Wanneer heb je het verteld dan?" vroeg Harry verwonderd.

"Ik heb het ze verteld toen je nog bewusteloos was, en voordat Sneep me wou spreken."

Harry fronste en vroeg: "Waarom wou Sneep je spreken?"

"Hij informeerde me over de inval van Azkaban, en dat mijn Vader daarbij is omgekomen."

"Je vader is omgekomen bij een inval op Azkaban? Deed Voldemort dit met opzet of zoiets?" vroeg Harry met sympathie voor Draco.

"Mijn Vader was in het geheim overgeplaatst door een brief die hij aan mij heeft gestuurd. En Voldemort heeft juist op die cel de inval gedaan."

"Oh Draco wat erg."

Draco haalde zijn schouders op en zei: "Mijn Vader kon mij eigenlijk niet ze heel veel schelen. Ik was gewoon zijn 'Dooddoener in opleiding', erfgenaam en niet gewoon Draco Malfidus, zijn zoon. Nee ik moest altijd beter zijn als dat. Ik moest ook met een Volbloed, rijke heks trouwen, terwijl mijn voorkeur toch ergens anders lag."

Harry slikte, omdat de Alf in zich wat afgewezen voelde en vroeg: "Waar liggen je voorkeuren dan?"

Draco zag Harry's gezichtsuitdrukking en zei: "Oh Harry, bij jou. Bij niemand anders dan jou. Weet je nog dat we hadden gepraat, en jij me vroeg wat ik wou?"

Harry knikte.

"Ik wist wel wat ik wou, en dat was jij. Jij en niemand anders. En ik ben een tijdje geleden erachter gekomen dat ik... dat ik van je hou."

Harry had gewoon tranen in zijn ogen van Draco's bekenning. De Alf in Harry was helemaal verrukt, terwijl de tovenaar in hem blij was dat er iemand van hem hield.

"Dankjewel," zei Harry waarbij er een eenzame traan zijn weg over Harry's wang vond. Draco veegde de traan weg met zijn linker duim. Op het moment dat Draco hem weer aanraakte, schoot er een rilling door Harry heen.

"Ga maar slapen Harry het is al laat."

Harry wou protesteren, maar werd verhinderd door een enorme gaap.

"Zie je bent al moe. Ga nu maar slapen. We regelen morgen alles wel."

"Hoe is het eigenlijk gegaan bij Professor Perkamentus? Ik was het helemaal vergeten te vragen."

"Alles ging goed. Ik had zelfs het idee dat hij er meer van wist, voordat ik alles tegen hem zei. Alsof hij verwachtte wat ik wou zeggen. Maar je kunt morgen je spullen pakken en bij mij op de kamer komen. Of ga je maandag weg voor de Kerstvakantie?" vroeg Draco fronsend.

"Nee ik blijf achter bij Griffoendor met Daan en Simon. Voor de rest gaat iedereen naar hun familie toe."

"Mooi zo. Dan is het makkelijker om je naar mijn kamer over te plaatsen. In Zwadderich ben ik de enige die op school blijft. Roos, Blaise en Theodoor zijn allemaal naar huis gegaan. Zij proberen zelf ook zo veel mogelijk mensen werven naar de goede zijde voor de oorlog."

Harry ging iets beter liggen en vroeg een beetje verlegen: "Wil je misschien bij me blijven?"

Draco grijnsde en zei: "Als het echt moet...?"

Harry knikte enthousiast met zijn hoofd, en Draco moest erom lachen.

"Oké ik blijf wel. Ga jij nou maar slapen Harry, want we hebben morgen veel te doen."

Harry knikte en moest gapen. "Slaap lekker Draco." En voordat Draco iets terug kon zeggen was Harry al diep in slaap.

Draco bleef de hele nacht zoals Harry vroeg. Zelf sliep hij opgerold in de stoel.