De zon kwam op en we renden nog steeds. Mijn keel begon weer te branden. "Zijn we er bijna?" Lucas lachte. Ik had het nog geen vijf minuten ervoor ook gevraagd. "We zijn er bijna. Zie je dat huisje? Daar in de verte?" Dat zag ik inderdaad. "Moeten we daarheen?" "Inderdaad." Bij het huisje remden we af. Lydia klopte op de deur. "Binnen." De deur ging open en ik zag drie andere vampiers in een kleine huiskamer zitten. Ze keken me allemaal aan toen ik binnen kwam. "Zo, dat is haar?" De jongen die achterstevoren op een houten stoel zat, stond op en liep naar me toe. Lucas stelde me voor. "Elisa, dit zijn Roy, Kim en Michel. Roy, Kim, Michel, dit is Elisabeth." Roy, de vampier die het dichtst bij me stond, gaf me een hand. "Fijn je eindelijk te ontmoeten. We hebben veel over je gehoord. Michel stond op en kwam ook op me af. Hij gaf me een knuffel. "Welkom." Kim zei niets. Ze zat stil, had even naar me gekeken en keek nu weer naar de tv. "Ga zitten." Roy wees naar een bank. Ik ging zitten. Ze kwamen naast me zitten. "Heb je nog nieuws?" Michel keek Lucas aan. Die knikte. "Ze heeft Felice en Josef overleefd." Dat deed Kim nieuwsgierig omkijken. Zoals ze eruit zag kon ze niet ouder zijn dan negentien. "Vertel." "Ze…" Allemaal keken ze Lucas aan. "Ze kan zich veranderen naar mens." Daarop draaiden alle hoofden mijn kant op. Ik bestudeerde de grond, waar ik mijn rugtas neer had gezet. Niet dat er veel te zien was; het waren saaie zwarte tegels. "Vertel eens," zei Michel om de stilte te doorbreken, "hoe oud ben je?" "Veertien." antwoordde ik. "Oké, das jong. Ik ben zeventien, Roy hier is twintig en Kimmie is achttien." Kim stak haar tong uit toen ze haar naam hoorde. Daarna keek ze weer strak naar de tv. "Let maar niet op haar. Ze houdt niet zo van veranderding in het gezin." Hij keek naar mijn ogen. "Maar nu zie ik iets. Zin om te jagen?" Ik knikte en volgde Michel naar buiten. "Kim, jij gaat ook mee." hoorde ik Lydia zeggen. Schoorvoetend kwam ze naar buiten, een vuile blik werpend op mij. Michel trok zich niets van haar aan. "Heb je al eens gejaagd?" "Ja." "Oké, dus je weet hoe het moet. Nou, ga je gang." Met z'n drieën liepen we het bos door. Opeens kreeg ik een heerlijke geur in mijn neus. Ik ging eropaf. De geur werd steeds sterker, het had me helemaal in zijn greep. Ik werd er gewoon naartoe gesleurd, terwijl mijn keel hevig brandde. Mijn benen brachten me naar een open veld. Er zat iemand in het midden. Een meisje dat lag te zonnen. Ik schrok, ik wilde geen mensen bijten, maar ik kon niet stoppen. Het meisje had me nog niet gezien. Ik wilde me omdraaien, maar dat ging niet. Ik was nog een vijftien meter van haar af. Haar geur trok me naar haar toe. Maar ik wilde het niet. Snel bedacht ik me iets en veranderde mezelf terug naar mens. Toen rook ik niets meer. Ik rende weg, weer het bos in. Michel was me gevolgd. Hij keek geschrokken en opgelucht tegelijk. Maar hij had ook dorst. Terwijl ik daar stond werden zijn ogen helemaal zwart. Ik stapte achteruit, draaide me om en rende terug naar het huis. Lucas keek me aan. "Wat is er?" Michel kwam binnen. "Ze ving de deur op van een meisje." Lydia schrok. Lucas knikte. "Ze volgde het, zag dat het een mens was en veranderde zich terug." "Toen rende ze tegen mij op…" Hij hoefde verder niets te zeggen, zijn oogkleur zei genoeg. Lucas knikte weer. "Michel, ga jagen. Wij regelen dit wel." Michel ging naar buiten. Lucas keek weer naar mij. "Goed gedaan." Daar snapte ik niets van. "Goed? Ik had dat meisje bijna aangevallen." "Bijna. Als nieuweling is dat een hele prestatie." Hij liep naar de keuken en ik ging achter hem aan. "Eens kijken. Misschien werkt dit." Hij pakte een snee brood uit een zak en gaf me die. "Hier, eet op. Kijken of het werkt. Het meisje zal voorlopig niet weggaan." Ik nam de snee aan en at die op. Ik kreeg er nog een en at die ook op. "Verander nu eens, alsjeblieft." Ik deed wat me werd gevraagd en Lucas knikte tevreden. "Het werkt. Je keel brandt nu niet meer zo, of wel?" Ik schudde mijn hoofd. "Je zult af en toe nog bloed nodig hebben, maar dit verzacht ook." Hij gebaarde dat ik maar weer de kamer in moest gaan. Ik ging naast Roy zitten. Die keek me aan alsof ik een dier uit de dierentuin was wat hij nog nooit eerder had gezien. "Wow." Ik wendde mijn hoofd af. "Kimmie zal dat niet erg leuk gaan vinden." Om die gedachte moest hij erg lachen. Waarom snapte ik niet. Dus ik vroeg: "Hoezo?"

"Nou-" Verder kwam hij niet, want Kim kwam binnen. Ze had goudkleurige ogen, zoals Lydia en Lucas hadden. Maar ze keek kwaad. "Dat is mijn plaats." Zonder dat ik mijn benen daar opdracht toe had gegeven, stond ik op en liep ik naar de houten stoel. Daar ging ik met grote ogen zitten. "Kim, laat dat." Roy kneep haar in haar arm. "Je weet niet half hoe irritant dat is." Kim lachte. "Tja, en daar ben ik blij om als ik jullie hoor." En na weer een dodelijke blik op me te hebben geworpen keek ze naar de tv. Ik zuchtte op hetzelfde moment dat Michel binnen kwam. Hij had gouden ogen, die er gekweld uitzagen. "Sorry, ik kon er niets aan doen." "Maakt niet uit. Je had dorst." zei ik met een lach. "Maar ik had je wel kunnen bijten." Daar moest ik nog meer van lachen. "En dan? Was ik veranderd in een vampier?" Daar wist Michel niets op te zeggen. Hij ging naast Roy zitten. Ik begon me af te vragen wat hun verhalen waren. Hadden ze allemaal de pech om op de verkeerde plaats te zijn? Hoe lang waren ze al getransformeerd? "Tijd om verhalen te vertellen? Ik denk dat Elisabeth wel nieuwsgierig is." "Ik heet Elisa." verbeterde ik hem. Lydia en Lucas kwamen uit de keuken en gingen op de overgebleven bank zitten. "Begin maar." Michel keek naar Lucas. "Ik denk dat jij het beste kunt beginnen. " Lucas knikte.