Hoofdstuk 8:

Severus Sneep

Een kus. Haal het toch uit je hoofd. Hij zal haar nooit zoenen. Nooit. Dat zou De Heer nooit goed vinden! Severus staat voor de Hersenpan. Harry Potter, daar ging het over.

Zijn naam was getrokken, zomaar. En Allastor had nog wel een seconde durven beweren dat Erin het gedaan had, ook al ontkent hij het.

Ze heeft de kracht, en de kennis, maar dat zou ze nooit doen! Ze is niet slecht, zelfs al heeft ze de capaciteiten. De Heer zou trots zijn op hoe ze geworden is. Knap, nee bloedmooi, onweerstaanbaar mooi, Severus, stil jij. Ze is slim, dapper, ze kan geweldig goed vliegen, ze is goed met Toverdranken, dieren houden van haar.

Ze is net een sprookjesprinses. Jammer dat het lot haar in zo'n duister koninkrijk plaatst. En dat ze er niet bij past. Ze zou de Dooddoeners niet vrezen, maar ze zou er nooit bij horen. Ze weet waarschijnlijk al wie haar vader is. Ze is slim genoeg. Zo slim… wacht…

Harry is in gevaar. Lily's zoon, je jeugdliefde, en eigenlijk volwassen liefde. Wie heeft zijn naam er wel in gedaan? En hoe beschermen we hem? Dat zijn de vragen die er toe doen.

"We moeten hem uit de wedstrijd halen! Potter is ten slotte nog maar een jongen!" zegt Minerva Anderling.

Hij is wel verdomd overtuigd van zichzelf, Potter. Hij is precies zijn vader. Lui, arrogant, en altijd op zoek naar problemen.

"Barto Krenk zegt dat hij mag blijven, dus hij mag blijven." zegt Perkamentus. "En sinds wanneer luister jij naar het Ministerie?" zegt Anderling kwaad. "Sorry professor Anderling, maar misschien moeten we, om achter de bedoeling van deze gebeurtenis te komen, hem maar gewoon laten… gebeuren?" zegt Severus snel.

"Hem maar gewoon voor de leeuwen gooien?" zegt Anderling boos. "Hij is een jongen, geen stuk vlees!" "Alastor, houd jij Potter in de gaten, wil je?" zegt Perkamentus. Hij negeert haar opmerking gewoon.

"Severus, ik wil je graag nog even onder vier ogen spreken." zegt hij kalm. De rest vertrekt. Waar wil hij het met me over hebben? "Er is iets met haar, of niet?" vroeg Severus maar. Hij wist dat als Perkamentus op zo'n toon sprak het over Erin ging.

"Ik dacht dat jij wel zou weten wat." zei Perkamentus zachtjes. "Ze slaapt slecht." zei Severus. "Ze vertrouwt jou, Severus. Meer dan ieder ander." zegt Perkamentus. Dat is zo.

Al sinds hij het zich herinnerde komt Erin naar hem toe als er iets is. Alleen hij had zich voorgenomen om haar dit jaar met rust te laten. Dan gaan die vreemde ideeën misschien ook weg.

Maar hij wist wel dat er iets was. Het begon in de vakantie al. Hij hoorde haar gillen in haar slaap. En hij had wel een idee waar dat door zou kunnen komen… "Je moet haar misschien Occlumentie leren, als het is wat ik vrees." zegt Perkamentus ernstig. Dat is dus precies wat hij dacht. Onder andere dan.

Het is vreemd, maar bovenal vreesde hij haar mogelijke gevoelens voor Harry Potter.