Er gebeurt niet veel in dit hoofdstuk, maar ik vond het wel leuk om te schrijven! Weasley Pranks!


Hoofdstuk 37: Fred Wemel

"Dat mens is verschrikkelijk!" protesteerde Fred luid.

"Lelijke, oude pad!" voegde George toe.

"Ik denk dat ik niet eens dit jaar meer uithoud, en dit is ons laatste!" zei Fred tegen zijn tweelingbroer.

"We zouden die heks eens goed moeten laten schrikken, of zoiets," mompelde George.

"Ik kan niet wachten om hier weg te zijn, en al mijn aandacht te kunnen besteden aan de winkel," zegt Fred hoopvol.

"Tovertweelings Topfopshop wordt geweldig!" zegt zijn tweeling enthousiast. "En die PUISTen, ach ja, die zijn toch hopeloos," voegt hij er aan toe.

Dan horen ze iemand luid vloeken, om de hoek. Het is een meisje. Fred en George volgen het geluid en zien een halfhuilende, halfwoedende Erin. "Wat is er?" vraagt Fred voorzichtig.

"Albus hij… is gevlucht," snikt ze.

Fred slaat een arm om haar heen, en George doet hetzelfde vanaf de andere kant. "Hoezo moest hij vluchten?" vraagt George op zijn beurt.

"Toen ze ons gepakt hadden in de Kamer van Hoge Nood, moesten Potter en ik mee naar zijn kantoor. Droebel was er ook. Ze beschuldigden hem ervan dat hij een leger aan het opbouwen is, om het Ministerie van Toverkunst over te nemen," legt ze uit.

"Dat is belachelijk!" zegt Fred.

"Dat is het ook," zegt ze kwaad. "Ze wilden hem meenemen naar Azkaban, ik probeerde ze nog wijs te maken dat ik alles had bedacht, omdat ze Harry niet geloofden en ik zei dat hij er niets vanaf wist…" vertelde ze. "En toen ging hij in vlammen op," voegde ze emotieloos toe. "Omber heeft zijn plek overgenomen," zegt ze nog en dan staat ze op.

"Ik moet Sev even spreken… bedankt," zegt ze vlug voor ze een laatste traan wegpinkt en richting de kerkers loopt.

Fred kijkt haar na, haar glanzende blonde haren wappert achter haar aan. Als we het dat mens maar betaald konden zetten, dacht hij terwijl ze uit het zicht verdween. Ze liepen verder en zagen toen een eerstejaars huilen. Fred en George keken elkaar even aan en knikten. Toen knielde de tweeling voor de huilende jongen neer en begonnen hem af te leiden. "Hoe heet je, jongen?" vroegen de tweeling in koor.

"Mitchel," fluisterde hij.

Mitchel had ook krassen in zijn hand van het strafwerk. "Het gaat sneller over dan je denkt, hoor," probeerde George Mitchel te troosten.

"Ik wou dat ik nooit naar Zweinstein was gegaan…" snikte de eerstejaars Griffoendor.

Toen knapte er iets in beide Wemels. Dit was verschrikkelijk. Dit moest stoppen. Omber kwam er bij staan. Ze lachte even, alsof er iets grappigs aan de hand was. Toen ze weer wegliep kreeg Fred een idee. "Denk jij hetzelfde als ik, George?" vraagt hij.

"Ik denk dat onze prestaties buiten academisch gebied liggen," grinnikt George.

"Dan denk jij inderdaad hetzelfde als ik," lacht Fred.


Allerlei kleurtjes, lichtjes en knallen vlogen rond het lokaal onder de examens.

Omber word het lokaal uitgejaagd door een gigantische draak.

Kleine sterretjes verbanden Kwast zijn billen constant, en er is een pijl die Malfidus volgt.

De tweeling vliegt naar buiten en ze worden door iedereen toegejuicht.

Ja, hier gaan ze voor geschorst worden, en ja, dit was het absoluut waard!