Hoofdstuk 6
POV Rachel
Stan was heel gelukkig bij de Slimme Jongens. Vaak waren ze met elkaar aan het jagen en spelletjes aan het doen.
Kairi was nogal afwezig. Ze ging vaak naar buiten, Rachel had verder geen idee waarheen, en leek niet zo goed aanspreekbaar. Rachel dacht dat Kairi verliefd was op een van de indianenjongens en dat ze daar heen ging, maar Kairi vertelde niets.
Zijzelf had het druk met Peter verhalen vertellen, koken, wassen en schoonmaken. Dat deden moeders meestal, en nu was zij de Moeder.
Rachel stond de bedden van de Slimme Jongens op te maken.
Peter kwam naar haar toegevlogen.
"Kom." zei hij vrolijk en enthousiast. Hij trok haar mee en samen vlogen ze naar buiten, over de jungle.
In de verte zag ze een waterval opdoemen.
"Waar gaan we heen, Peter?" vroeg ze nieuwsgierig.
Peter glimlachte alleen en streek vlakbij de waterval neer.
Rachel streek naast hem neer en keek om haar heen.
Links van haar, was een enorme waterval. Rechts van haar en aan weerzijden van de waterval, was jungle.
Het water van de waterval en de rivier die door de jungle naar de zee liep, was lichtblauw en er leken diamantjes op te zitten.
"Wat mooi." fluisterde Rachel. Peter keek heel blij.
Hij zweefde in kleermakerszit, zakte naar de grond en ging zitten. Rachel besloot naast hem plaats te nemen.
Samen keken ze naar de waterval. Af en toe zag je een vis tegen de waterval opzwemmen en dat was een gek gezicht.
Rachel ging tegen Peter aan zitten. Peter leek verrast, maar duwde haar niet weg.
"Peter?" "Ja?" vroeg Peter. Het klonk een beetje nieuwsgierig.
"Vind je mij..."
"Ja?"
Rachel aarzelde.
"Vind je mij leuk?" zei Rachel snel.
Peter knipperde verbaast met zijn ogen. Daarna werd hij rood.
Hij boog zich naar haar toe en kuste haar voorzichtig.
Rachel beantwoordde zijn kus en legde haar hand op zijn wang.
Toen ze elkaar loslieten keken ze elkaar aan.
Peter glimlachte lief en Rachel glimlachte terug.
"Vertel nog eens een verhaal, Moeder." zei Peter. Rachel glimlachte en Peter staarde voor zich uit. Rachel leunde tegen hem aan en begon te vertellen.
"Er was eens een meisje. Ze was verlieft op een knappe, lieve jongen. Die jongen nam haar mee, naar een speciale plek; Nooitgedachtland."
Peter grinnikte.
En zo vertelde Rachel haar eigen verhaal.
Na een lange stilte, zei Rachel: "Vertel jouw verhaal eens. Ik heb dat eigenlijk nog maar één keer gehoord."
Peter aarzelde.
"Waarom niet." zei hij toen schouderophalend.
"Op een avond hoorde ik mijn vader en moeder praten over wat ik moest worden als ik een man zou zijn. Maar ik wilde altijd een jongen blijven en pret hebben! En dus ben ik weggelopen naar het Kensington-park, en toen kwam ik Tink tegen."
"Aha. En toen? Nam Tinkelbel je mee naar Nooitgedachtland?"
Peter knikte. "Ik leerde vliegen en kwam Ietsie tegen. Hij vertelde dat hij uit zijn kinderwagen gevallen was, toen het kindermeisje niet oplette. Na een week kwam niemand hem halen en is hij ook naar Nooitgedachtland gekomen. En zo kwamen de Slimme Jongens bij elkaar. Doedel is de laatste tot Stan erbij kwam. Tegenwoordig vallen de kinderen niet meer uit de kinderwagen, de ouders en oppassers letten nu heel goed op!"
Rachel knikte begrijpelijk.
"Dus tot zo ver mijn verhaal." eindigde Peter.
"Mag ik iets vragen?"
Rachel knikte.
"Waardoor zijn je ouders overleden?"
Rachel voelde zich verdrietig worden. Ze veegde haar tranen weg, vermande zich en haalde diep adem.
"Mijn moeder is overleden, na de geboorte van Stan. Ze had een ziekte en toen is ze overleden."
Peter legde zijn hand op haar schouder en Rachel haalde nog een keer diep adem.
"Vorig jaar, is mijn vader om het leven gekomen. Hij vertelde ons ook verhalen, maar niet over jou. Logisch natuurlijk want hij had je nooit ontmoet. Hij vertelde over Assepoester, Reepelsteeltje, sneeuwwittje en dat soort sprookjes. We waren er dol op en luisterde er graag naar. Vader nam een vrouw in huis, om voor ons te zorgen, terwijl hij aan het werk was. Die mevrouw heb je ontmoet."
Peter knikte.
"Nou, vader werkte en madame Gothel verzorgde ons. Ze was gemeen en onaardig. Toen kreeg vader een auto ongeluk. Hij overleefde het ongeluk en werd weggevoerd met een ambulance, maar hij was heel erg gewond. Een dag later overleed hij aan zijn wonden. Stan besefte het eerst nog niet zo goed, maar Kairi en ik wel. Madame Gothel nam de voogdij over ons, en vader had zijn spullen aan ons nagelaten. Madame Gothel heeft meer dan de helft weggegooid en heeft het huis ingenomen. Ik moest toch naar de Universiteit en Kairi en Stan gingen naar een Internaat. We werden ongelukkig en mochten niet meer in sprookjes geloven. We hadden het erg moeilijk, maar na een tijdje leerden we ermee leven. Gelukkig kwam jij."
Ze glimlachte breed naar Peter, die terug grijnsde.
Rachel boog zich naar hem toe om hem nog een keer te kussen.
Peter kuste haar terug, en zo zaten ze een tijdje.
Ik had echt nooit gedacht, dat Peter mij leuk zou vinden en ik hem. Maar ja, het heet niets voor niets Nooitgedachtland...
Dacht Rachel, toen ze even later weer in de Holle Boom waren. Kairi was er niet, en Rachel maakte zich zorgen. Ze deed al zo vreemd.
De Slimme Jongens kwamen druk en luidruchtig de boom binnen.
"Wij hebben honger!" Riepen ze in koor, behalve Doedel natuurlijk, die niet kon praten.
Rachel lachte en Peter salueerde.
Meteen gingen de jongens in een rij tegenover Peter staan. Ze zeiden geen woord meer.
Rachel zette de hete pan met soep op tafel en zei: "Eet smakelijk!"
De jongens stormde op de tafel af en Rachel schepte soep op. Toen alle jongens zaten te smikkelen, vroeg Rachel aan Peter: "Moeten we Kairi niet gaan zoeken?"
Peter schudde zijn hoofd.
"Ze komt straks heus wel weer." zei hij geruststellend. Rachel keek hem ongerust aan. "Denk je?"
Peter knikte en nam een hap van zijn soep. Hij stikte bijna en Rachel moest lachen.
"Je moet ook wel blazen!"
's Avonds laat kwam Kairi de boom binnen gelopen. Peter en de jongens waren op jacht.
Rachel keek haar aan.
"Waar was je? Ik maakte me zorgen!"
"O, gewoon, buiten." zei Kairi vaag en luchtig. Rachel keek haar met opgetrokken wenkbrauw aan.
"Ik was echt buiten!" zei Kairi verdedigend. Rachel glimlachte.
"Je bent verliefd!" zong ze vrolijk. Kairi werd rood.
"Ik heb het dus goed?"
"Heb je iets met Peter?" vroeg Kairi haar vraag negerend. Nu werd Rachel rood.
"Ja, nee, ik bedoel misschien."
Kairi glimlachte.
"Ja, dus."
Kairi liep naar een kastje en pakte haar mobiel. Ze begon erop te tikken en Rachel zuchtte. Met haar viel niet te praten.
