Hoofdstuk 12
POV William
Dit was het dan... Ik ben gemeen geweest. Ik had haar nooit moeten verraden. Het is mijn eigenschuld...
Iedereen keek naar hem en Kairi. Iedereen had de strijdbijl begraven, zelfs Pan en zijn vader.
"Kairi nee!" riep de indiaan Waarom zou die indiaan mijn leven willen sparen?
POV Rachel
Rachel had net op het punt gestaan hetzelfde te zeggen. Net toen Hert het zei.
Kairi liet het zwaard hangen.
POV William
Hij voelde het ijzeren zwaard tegen zijn borst prikken. De indiaan liep naar Kairi toe en duwde het zwaard terug.
"Hier krijg je spijt van, Kairi." zei de indiaan zacht. "Je bent geen moordenares. En je geeft misschien nog om hem. Je doet dit uit verdriet en wraak en dat is niet goed. Doe het niet. Je gaat spijt krijgen."
Kairi dacht na en er kwamen tranen in haar ogen. Ze liet het zwaard zakken en liet het zelfs vallen. De indiaan keek haar glimlachend aan en gaf haar een kus op de wang.
William bleef liggen. Kairi bukte bij hem neer.
"Waarom?" fluisterde ze.
Waarom had hij dit gedaan? Waarom had hij Haar zo'n pijn en verdriet bezorgd?
"Hield je dan echt niet van me?"
Er stonden tranen in haar ogen. William wendde zijn blik af. Hij kon haar verdriet niet aan.
"Kairi, het spijt me zo! Ik hou wel van je! Ik had meteen spijt, toen ik je had verraden!"
"Is dat nog een leugen?" vroeg ze kil.
"Nee, Kairi. Alsjeblieft." smeekte William. "Geloof me."
Kairi boog zich dicht naar hem toe en fluisterde: "Ik zou wel willen, maar je hebt mijn vertrouwen beschaamd."
Ze trok zich terug. William trok haar weer naar zich toe en kuste haar. Hij wist niet waarom hij dat deed, maar hij vond dat het moest. Misschien kon hij haar nog terug winnen. Misschien kon hij haar nog overtuigen.
Kairi duwde hem van haar af.
"Ik wil het niet meer." zei ze kil en ze stond op. "Denk maar aan mij, als je nog een meisje verraad."
Ze liep naar de rand van het schip en sprong.
POV Rachel
Kairi zakte even naar beneden, maar steeg daarna op en vloog richting het eiland.
Het was doodstil op het schip. En toen begonnen Peter en de kapitein weer te vechten. William was opgesprongen en vocht nu met Hert.
Ze vond het niet erg dat ze niet hoefde te vechten, al had ze dat wel gekund, maar ze vond het wel irritant dat niemand naar haar keek.
Plots kwam Stan tevoorschijn, met de Slimme Jongens achter zich aan.
Bobby had een mes in zijn hand en sneed voorzichtig de touwen rond haar plosen los. Een van de Tweeling, welke was een raadsel, hakte de touwen bij haar enkels los.
"Dank je wel, jongens!" riep Rachel.
"Kom, we moeten naar het Kraaiennest! Dat zei Peter tegen ons!" zei Ietsie.
"Oké." zei Rachel en de jongens en zij renden naar de touwen die naar het kraaiennest leidde. Een stuk of drie piraten hadden het door. Ze begonnen met hun zwaarden in de touwen te hakken. Rachel klom snel omhoog en hielp Doedel. Ietsie, Biets, Bobby en de Tweeling waren al boven. Het trouw was losgehakt, precies op het moment dat Rachel Doedel in het kraaiennest had gehesen. Ze zag Stan bungelen aan het losgehakte touw. De piraten probeerden hem te grijpen en Stan probeerde wanhopig hoger te komen. Snel klom Rachel naar beneden en trapte een piraat in zijn gezicht. Ze pakte de hand van Stan en ze klommen samen moeizaam omhoog naar het kraaiennest. De anderen Slimme Jongens stonden klaar om hun in het Kraaiennest te helpen. Rachel en Stan klommen er snel bij en keken naar het gevecht. Alleen Peter en Jones waren nog aan het vechten. William had zich overgegeven, en Hert had hem neergeslagen.
Peter stak zijn mes naar links en sneed de veer van de hoed van Jones.
"Die was van Haak geweest!" gromde Jones. Hij zwaaide zijn zwaard alsof hij Peters hoofd eraf wilde hakken. Rachel gilde geschrokken en de Slimme Jongens snakte naar adem. Peter bukte en de Slimme Jongens haalden opgelucht adem. Peter en Jones sloegen en pareerde een half uur lang. Steeds als Peter op het laatste moment ontweek, snakte de Slimme Jongens en Rachel naar adem. Plots riep Bobby: "Kijk! Een haai in het water!"
De Slimme Jongens, Rachel en Stan keken om. Een blauwe vin stak uit het water. De haai zwom rond het schip en Jones was even afgeleid. Peter gaf hem een zet, en Jones wankelde. Hij viel van de balustrade en plonsde in het water. De haai schoot erop af. Snel bedekte Rachel de ogen van Doedel. De Tweeling deed bij elkaar de handen voor de ogen. Ze hoorden een onsmakelijk geluid en de anderen Slimme Jongens bedekte hun ogen ook snel, toen ze even zagen wat er gebeurde. Rachel sloot haar ogen ook en wachtte tot het voorbij was.
"Het is voorbij." zei Peter. Rachel haalde haar handen van Doedels ogen.
"Laten we aan land gaan." zei Peter tegen de Slimme Jongens. Rachel, de Slimme Jongen en Peter vlogen naar het land. Ze raakten de grond weer toen ze bij de Holle Boom waren.
