xxMarith:
DISCLAIMER: Niet van mij, geschreven door de lovely Kindle-the-Stars, ik heb het alleen vertaald! (Ik moet echt een catchy openingszin gaan verzinnen voor dit ding, het begint een beetje langdradig te worden volgens mij. Iemand ideeën?)
"Go on, go on
Thou canst not speak too much; I have deserved
All tongues to talk their bitterest."
William Shakespeare, A Winter's Tale
Het was niet zo verrassend dat Bifur de eerste van het gezelschap was die naar haar toe kwam. Hij liet haar een paar minuten in stilte huilen voordat hij naar de rand van de klif liep om stilletjes naast haar te komen zitten, starend naar de berg in de verte terwijl hij wachtte tot ze zichzelf bij elkaar zou rapen. Hij genoot van de stilte, het deed hem denken aan de vredigheid van het houtbewerken in zijn werkplaats thuis in Ered Luin: hij vond het fijn dat ze soms simpelweg in een gemakkelijke stilte konden zitten en andere keren een paar woorden konden wisselen in de geheime en speciale gebarentaal die alleen van hen was.
Hij wist dat hij niet helemaal gezond was, hij was nooit meer de oude geweest na de strijd waarin de bijl in zijn voorhoofd was geslagen. Hij was af en toe slachtoffer van uitbarstingen van energie die uit het niets kwamen, en soms liep hij dagenlang in stilte, en dan had je ook nog de eindeloze frustratie van zijn pogingen om iets in de Gemeenschappelijke Taal te zeggen tegen Lizzy of meneer Baggins, waarbij er niets anders uitkwam dan Khuzdul, hoe hard hij het ook probeerde. Soms raakten zijn gedachten verstrooid en vaak stond hij op om een klusje te gaan doen in het kamp, om er vervolgens achter te komen dat hij het al gedaan had en blijkbaar weer vergeten was. Als hij bij Lizzy in de buurt was was hij vaak echter helderder, alsof zij zijn gekwelde gedachten tot rust maande.
Achter zich was het gezelschap fel begonnen te fluisteren. Thorin was naar de andere kant van het rotsuitsteeksel gelopen en draaide de sleutel van Erebor om en om in zijn handen, terwijl hij peinzend naar de Misty Mountains staarde en af en toe een blik over zijn schouder wierp op hun huilende adviseur. Fili en Kili legden de rest van de groep uit wat ze wisten over haar voorkennis; de eed tot zwijgen die ze hadden afgelegd was door Thorins handelingen niet meer van belang.
Bifur had een paar minuten in stilte geluisterd naar de variërende meningen van de groep. Ze liepen sterk uiteen en Balin, Dwalin en Dori waren haar felste tegenstanders, terwijl het grootste gedeelte van de rest een hechte band had opgebouwd met het meisje dat zich in hun gezelschap had weten te nestelen en zij waren mogelijk bereid haar te vergeven als alles goed uitgelegd werd. Dit kwam met name doordat ze de sleutel van de Goblins had teruggestolen zodat hun tocht door kon gaan.
Natuurlijk was hij net zo verbaasd geweest als de rest toen hij had gehoord dat zij wist wat er op hun tocht zou gebeuren en hij had haar half kwalijk genomen dat ze hen niet verteld had welke gevaren ze konden verwachten, maar hij had al een paar uur op de rug van een adelaar doorgebracht en zijn gedachten zitten ordenen en hij had besloten dat het niets veranderde aan wie ze was. Hij kon zich haar verdriet ook nog goed herinneren toen ze van Rivendell naar de berg trokken, ongetwijfeld worstelend met de last van haar kennis. Thorin mocht dan wel woedend zijn dat ze niets gezegd had, maar Bifur dacht dat hij Lizzy goed genoeg kende om erop te vertrouwen dat ze een goede reden gehad had om dat niet te doen.
Bifur hield van zijn koning en zou Thorin overal naartoe volgen, maar hij kon niet zeggen dat hij de manier waarop hij hun adviseur had behandeld goedkeurde. Hij had haar soms dagenlang genegeerd, dan weer tegen haar gesnauwd en gegromd, en haar dan weer zwijgend met zijn ogen gevolgd, een diepe frons in zijn voorhoofd.
Thorin had het mis gehad toen hij had gezegd dat ze hier geen plaats had – Bofur en Bombur hielden net zoveel van haar als hij en zouden maar al te graag plaats voor haar maken in hun kleine familie. Al sinds Lizzy een paar nachten geleden als een klein Dwergenmeisje tegen zijn schouder in slaap was gevallen en hij en Bombur haar voorzichtig naar bed hadden gedragen, was het drietal aan het overwegen om haar officieel in hun familie op te nemen. De stam zou misschien eerst protesteren, maar zodra de Dwergen beseften hoe sterk ze eigenlijk kon zijn en hoe kostbaar ze was, wist hij dat ze haar zouden accepteren, net als de rest van het gezelschap.
Ja, Lizzy was zijn familie en hij voelde een diep gevoel van bescherming en genegenheid voor haar, alsof ze zijn dochter of nichtje was, te jong om zijn zusje te zijn.
Ze had hier wel degelijk een plek en Bifur had besloten dat dit het moment was om ervoor te zorgen dat zij dit ook besefte.
Lizzy huilde met lange, hartverscheurende snikken die pijnlijk uit haar lichaam werden gerukt – ze was zojuist volledig ingestort. Ze huilde om alles: ze huilde om haar familie; om Fili en Kili en de vreselijke twijfel die ze dagelijks voelde over het feit dat ze hen misschien niet zou kunnen redden; ze huilde om Thorin en zijn woede en de mogelijkheid dat de rest van het gezelschap haar zou vermijden; ze huilde omdat ze in de afgelopen paar uur banger was geweest dan ze ooit geweest was en ze huilde omdat ze nog leefde.
Uiteindelijk kalmeerde ze genoeg om haar hoofd op te tillen en was verbaasd om Bifur stilletjes naast haar te zien zitten. Hij staarde vredig in de verte, naar de Lonely Mountain.
'Ben je boos op me?' vroeg ze met schorre en haperende stem. Ze veegde langs haar ogen en zag dat haar hand daarna besmeerd was met vuil en bloed.
Nee, gebaarde Bifur. Toen voegde hij er een hoe gaat het? aan toe, met bedroefde, bezorgde ogen, die bijna alles waren wat ze van zijn gezicht kon zien onder zijn wilde haar en baard.
'Niet goed, echt totaal niet goed,' antwoordde ze eerlijk, waarna ze opnieuw begon te huilen, simpelweg omdat er een lid van het gezelschap was dat haar niet leek te haten na alles wat ze gedaan had. 'Ik heb Thorin woedend gemaakt en nu denkt iedereen in het gezelschap dat ik een of ander k-kreng ben dat geprobeerd heeft iedereen dood te krijgen en gaat niemand me meer vertrouwen en alles doet p-pijn en ik wil naar h-huis.'
Bifur legde voorzichtig in een teder en troostend gebaar zijn hand op haar schouder terwijl ze tegen de tranen vocht. 'Waarom doe je zo aardig tegen me?' snikte ze zodra ze haar razende emoties beter onder controle had – de vloed van tranen was voorlopig gestopt.
'Zu baruf, zu barufinh,' zei hij simpelweg in Khuzdul.
'Huh?' zei Lizzy, hem domweg aanstarend. Haar ogen voelde heel ruw nadat ze zo long gehuild had.
'Hij zegt dat je zijn familie bent,' klonk er een stem met een zwaar accent van achter haar. Ze draaide zich om en zag dat Oin ongemakkelijk achter haar stond, zijn tasje met medicijnkruiden en zijn treurige, beschadigde oortrompet in zijn handen.
'Is dat zo?' zei ze verbijsterd.
'Kom op, meid, laten we je rug eens gaan bekijken,' zei Oin, haar vorige vraag negerend. Hij knielde achter haar neer en bestudeerde de scheuren in haar shirt voordat hij ongemakkelijk zijn keel schraapte en vroeg of ze het uit wilde trekken.
Lizzy wierp een vlugge blik over haar schouder en zag dat het gezelschap door de paar tassen aan het rommelen was die ze uit Goblinstad mee hadden weten te nemen, om erachter te komen welke voorraden ze nog hadden. Ze besteedden geen aandacht aan het drietal op de klif. Lizzy besloot zich niet teveel zorgen te maken om het gebrek aan privacy en probeerde voorzichtig de stof omhoog te trekken. Het lukte slechts een paar centimeter voordat het vastkleefde aan de huid naast haar sneeën, en ze kromp ineen van de pijn toen ze eraan trok.
'Hier was ik al bang voor,' zuchtte Oin, die haar probleem opmerkte. 'Bifur, breng ons al het water dat we kunnen missen.'
'En mijn tas ook, als je wilt,' voegde Lizzy eraan toe. Bifur gromde dat hij het begreep en krabbelde overeind.
Hij was binnen een paar seconden terug en Oin gebruikte het water om over de achterkant van haar shirt te gieten. Het duurde een paar lange minuten en kostte hen het grootste gedeelte van het water dat ze nog in hun flessen hadden, maar uiteindelijk wist hij de stof van haar huid te weken zodat Lizzy haar shirt uit kon trekken. Ze drukte het vernielde shirt tegen haar borst en bleef met haar rug naar de rest van het gezelschap zitten terwijl hij de wonden schoonmaakte en het opgedroogde bloed van haar huid waste. Ze was opgelucht dat ze tussen haar schouderbladen zaten en dat ze haar beha niet ook uit hoefde te doen. Gelukkig waren de sneeën niet zo diep dat ze hechtingen nodig had, maar Lizzy zorgde er wel voor dat Oin de desinfecterende doekjes gebruikte die onderin haar tas in haar kleine EHBO-doos zaten voordat hij haar rug met hun magere voorraden zo goed als hij kon verbond.
'Bifur, wat bedoelde je toen je zei dat ik familie was?' vroeg ze uiteindelijk terwijl de andere Dwerg bezig was met haar rug.
'Zu Urs-tarâg barufzurk,' zei Bifur en Oin reageerde scherp in Khuzdul. Het duo had een vlugge woordenwisseling waar Lizzy niets van begreep: Oin leek verbaasd door wat er gezegd was, maar Bifur antwoordde met ferme vastberadenheid.
Uiteindelijk stopten ze en keken weer naar haar; ze keek hen verbijsterd aan, zich afvragend wat er gezegd was. Oin schraapte opnieuw zijn keel. 'Hij zegt dat je bij de Vuurbaardstam hoort.'
Ze keek hen vragend aan; ze begreep het nog steeds niet. Bifur trok een van de zilveren klemmetjes uit zijn haar en gaf hem aan haar. Ze draaide hem om in haar vingers: er stond een groot runenteken in het midden en piepkleine gegraveerde runen erboven en eronder, die ze niet kon ontcijferen. Ze keek een paar seconden vol verwondering naar de vele details van het Dwergse werk voordat ze weer naar hen opkeek, nog steeds geen stap dichter bij het begrijpen.
'Hij biedt je een plaats aan in zijn familie, als je dat zou willen,' vertelde Oin, die haar verwarde bleek opmerkte. 'De gebroeders Ur zouden je familie worden. Het zou niet officieel zijn totdat het goedgekeurd wordt door een oudere van de stam, maar het zou betekenen dat je het teken van de Vuurbaarden mag dragen en welkom bent in elke Dwergenhal als lid van Urs-tarâg barufzurk.' Hij trok aan het uiteinde van zijn baard, duidelijk niet op zijn gemak met het aanbod dat gemaakt werd. 'Het is een bijzonder grote eer, meid. Ik geloof niet dat dit ooit eerder gedaan is voor een mens.'
'Ik… serieus?' vroeg ze, volkomen verbijsterd door dit gebaar. Ze zag het als een teken van de blijvende genegenheid van de gebroeders Ur voor haar, ondanks haar handelingen – beschamend genoeg begon ze bijna weer te huilen, maar wist haar emoties met kracht te onderdrukken. Ze had zich niet gerealiseerd hoe hoog ze in hun achting stond, hoewel het logisch was nu ze erop terugkeek: op Fili en Kili na waren zij degenen waar ze de meeste tijd mee doorbracht en met wie ze de hechtste band had.
Bifur sprak nog een stroom van woorden in Khuzdul en Oin vertaalde. 'Hij zegt dat hij je altijd als familie zal zien, zelfs als je geen deel uit wilt maken van zijn stam.'
'Nee, dat wil ik wel, het is… dankjewel,' maakte ze schaapachtig haar zin af – ze was oprecht geroerd maar begreep nog steeds niet precies wat het nu eigenlijk inhield om bij een Dwergenstam te horen.
Bifur keek blijer dan ze hem ooit gezien had en zijn vreugde legde al haar overgebleven twijfels het zwijgen op. Zijn handen maakten snelle gebaren die ze niet herkende terwijl hij de kraal weer uit haar handen nam en vlug een pluk van haar haar vlak achter haar oor begon in te vlechten, wat ietwat moeizaam ging door de knopen en het opgedroogde bloed. Lizzy liet hem vlechten en met een stomverbaasde glimlach op haar gezicht ontving ze haar eerste Dwergenvlecht, nu een stuk optimistischer over de mogelijke reacties van de rest van het gezelschap op haar voorkennis dan een paar minuten geleden.
Thorin stond een eindje bij het gezelschap vandaan en draaide de sleutel van Erebor om en om in zijn handen, zijn blik gericht op hun adviseur. Ze was gelukkig gestopt met huilen maar had zich nog niet weer bij het gezelschap gevoegd. In plaats daarvan praatte ze met Bifur en werd ze behandeld door Oin, aan de andere kant van de Carrock, zoals Gandalf de grote rotsspits waar ze zich op bevonden genoemd had. Hij had met samengeknepen ogen naar haar gekeken toen ze haar shirt uitgetrokken had en het fatsoenlijk tegen haar borst drukte terwijl ze met haar rugnaar hen toe zat, wat ook de meeste privacy was die ze hier kon krijgen. Ze had haar lange, warrige haar over één schouder laten hangen en haar rug ontbloot zodat Oin haar kon behandelen.
Toen het opgedroogde bloed was weggewassen werd de bleke, witte huid onthuld, die sterk in contrast stond met de gebruinde huid op haar armen en gezicht, en hier en daar bedekt was met kleine blauwe plekken, ongetwijfeld veroorzaakt door knijpende Goblinklauwen. Negen sneeën liepen parallel aan elkaar schuin tussen haar schouderbladen. Ze waren niet allemaal even groot; de sneeën aan de buitenkant waren maar een paar centimeter lang, terwijl de langste in het midden ongeveer even groot zou zijn als zijn hand, als hij die op haar huid zou leggen.
Voor de eerste keer bekeek hij de sierlijke rondingen van haar lichaam, dat bijna volledig ontbloot was. Het enige dat haar bovenlichaam bedekte was een dunne, donkergroene streep van een soort borstenband die over het midden van haar rug liep met bandjes die zich uitstrekten over haar schouders. Zijn ogen gleden tot aan haar onderrug over de akelige knobbels van haar ruggengraat, net boven haar broek. Haar heupen dijden niet uit, zoals die van de meeste Dwergenvrouwen, maar golfden lichtjes vanuit haar smalle taille. Ze was te dun, dacht hij, aangezien ze al niet meer goed gegeten had sinds ze Rivendell verlaten hadden.
'Prachtig, vind je niet?' zei Fili plotseling naast hem.
'Pardon?' vroeg hij scherp, met de gedachte dat het Fili misschien was opgevallen dat hij naar een half-ontblote Lizzy had zitten staren.
Fili hield een hand boven zijn ogen om de vroege ochtendzon te blokkeren en staarde naar de Lonely Mountain. Hij wist dat zijn neef die aanblik nog nooit eerder gezien had, dat deze missie zijn eerste tocht zou zijn die verder ging dan de Misty Mountains. 'Ik had nooit gedacht dat het zo mooi zou zijn, door de verhalen over de verwoesting had ik me alleen maar ruïnes en ravages voorgesteld, maar het lijkt zo… vredig.'
'Inderdaad,' beaamde Thorin, die er nu voor zorgde dat hij zijn blik zo ver mogelijk bij hun adviseur uit de buurt hield. Hij voelde zich stom dat hij naar haar had gekeken terwijl ze behandeld werd, een schending van het kleine beetje privacy dat ze hier kon krijgen.
Er viel een korte stilte en toen sprak Fili weer, zijn stem ongebruikelijk ernstig. 'Je zou niet zo boos op haar moeten zijn.'
Hij voelde een bekende vlaag van ergernis opwellen, dezelfde ergernis die hij gevoeld had na de ervaring met de trollen, aangezien juffrouw Darrow zijn neven volledig had ingepalmd zodat ze geloofden dat ze niets verkeerd kon doen. 'Ze heeft de levens van het hele gezelschap in gevaar gebracht,' herinnerde hij hem, terwijl hij zich tegelijkertijd afvroeg of hij niet een beetje had overdreven tijdens zijn confrontatie met haar.
'Nee, niet waar,' wierp Fili tegen op neutrale toon.
Thorin keek opzij, maar hij staarde nog steeds naar de berg in de verte. 'Ze wist dat we gevangen genomen zouden worden, maar heeft niets gezegd – in mijn ogen is ze door die actie schuldig,' zei hij. Hier viel niet aan te twijfelen, ook al had ze de afgelopen paar uur een aantal dingen gedaan die haar fouten wat herstelden.
Fili richtte zijn blik op de grond en schopte tegen een steentje, dat naar de rand van de afgrond stuiterde. 'Ze heeft de sleutel opgeraapt, ook al was ze net gemarteld.'
'Dat doet er niet toe,' antwoordde Thorin te vlug, terwijl hij sleutel in zijn vuist klemde. Het deed er wel toe.
'Echt niet?' vroeg Fili, die de aarzeling in zijn toon gehoord had.
Thorin zweeg.
Dat ze de sleutel nog hadden veranderde alles: het betekende dat ze hun reis konden vervolgen. Als haar acties inderdaad bedoeld waren om ervoor te zorgen dat ze de lijn van het verhaal volgden dat zij kende, betekende dat dat ze zich nog steeds op de weg bevonden waar hun tocht succesvol zou zijn en waar hij Koning Onder de Berg zou worden.
Wat ook betekende dat de dood van zijn neven nog steeds mogelijk was, en als hij die wilde voorkomen had hij juffrouw Darrows hulp vreselijk hard nodig.
Fili bukte zich om nog een steen op te rapen en hij gooide hem een paar keer op terwijl hij overeind kwam, om het gewicht te testen. 'Ze zei ook dat de Grote Goblin moest – ' hij trok zijn arm terug, gooide de steen van de Carrock en draaide zich toen met een scheve glimlach weer naar hem toe. '- nou ja, ze gebruikte behoorlijk ondamesachtige woorden.'
'Het was dom dat ze dat zei, ze lokte ze uit,' wierp hij automatisch tegen, zich herinnerend hoe verbaasd hij was geweest bij haar woorden voordat de zweep werd geslagen. Dom, ja, maar het was ook erg dapper en gewaagd geweest.
'Ze kwam voor je op, zei dat je een tien keer betere koning was dan hij en ze heeft hen geen woord verteld, zelfs niet nadat ze geslagen was,' benadrukte Fili ferm, vastberaden haar te verdedigen.
'Dat verandert niets aan het feit dat ze een groot risico genomen heeft.'
'Maar ze wist dat het allemaal goed zou komen,' ging hij er koppig tegenin. Toen zuchtte hij en vervolgde op zachtere en nog ernstigere toon: 'We wisten allemaal dat Goblins een risico waren in die bergpas. Voordat je haar zo hard veroordeelt, onthoud even goed dat jij degene was die ons over de berg leidde en dat we sowieso gevangen waren genomen, of zij nou wel of niet met ons mee was gekomen. Zij is niet de enige schuldige hier.'
Hier had Thorin nog niet over nagedacht.
'Let op je toon, Fili,' gromde hij uit felle ergernis.
'Je vind het niet leuk dat ik de waarheid spreek,' zei hij simpelweg en Thorin vroeg zich af wanneer hij zo snel opgegroeid was: de laatste keer dat hij zijn neefje had moeten vertellen om op zijn toon te passen was Fili een klein en smerig Dwergje geweest dat koppig weigerde een bad te nemen toen Thorin een keer oppaste voor zijn zus. Nu ging Fili verder en zijn volwassen stem dwong hem om zijn standpunt te begrijpen. 'Jij weet net zo goed als ik dat Lizzy een hart van goud heeft. Ze zou dit nooit gedaan hebben als ze geen goede reden had gehad.'
Hij was al tot de conclusie gekomen dat ze hen niet om kwaadaardige redenen gevangen had laten nemen, ondanks het feit dat hij tijdens hun aanvaring met de wargs en Orks nogal hardvochtig over haar had gedacht. 'Als ze de details van die redenen zou willen delen, dan zou ik misschien eerder bereid zijn haar te vergeven,' gromde hij zacht.
'Je hebt haar niets gevraagd.'
'Ja, dat heb ik wel.'
'Nee, je hebt haar een preek gegeven. Je hebt haar niet echt de kans gegeven om het uit te leggen of om je de sleutel terug te geven,' wees Fili hem terecht.
Ze werden afgeleid van hun gesprek doordat Bifur en Oin terugkeerden naar de groep. Achter hen rommelde juffrouw Darrow (die nog steeds half ontbloot was) door haar rugzak; ze haalde haar andere shirt tevoorschijn, het zwarte shirt dat ze aan had gehad bij hun eerste ontmoeting. Fili wendde onmiddellijk zijn ogen af maar Thorin keek toe hoe ze overeind kwam en het shirt aan begon te trekken, wat kennelijk nogal moeizaam ging met haar zojuist verbonden wond.
Fili zag welke kant hij opkeek en slaakte opnieuw een lichte zucht. 'Ga gewoon even met haar praten, misschien verrast ze je wel.'
Lizzy trok met moeite haar treurig versleten Pink Floyd T-shirt over haar hoofd – haar bewegingen trokken door het nieuwe verband pijnlijk aan de wonden op haar rug. Ze was blij dat ze nog iets anders had om aan te trekken; ze had niet veel zin gehad om het gescheurde, bebloede shirt weer aan te moeten trekken voordat het goed geschrobd was, hoewel ze betwijfelde of de vlekken er ooit weer uit zouden gaan.
Haar hoofd zat nog steeds vast in haar shirt toen ze een bekende, diepe stem achter zich hoorde. 'Weet je wat de ergste misdaad is die iemand kan begaan?'
Er viel een korte stilte waarin ze haar hoofd door het gat trok voordat ze antwoord gaf. 'Moord?' gokte ze willekeurig, nog steeds bezig met het T-shirt naar beneden trekken.
'Verraad,' zei de lage stem.
'Ik heb je niet verraden, Thorin.' Ze gaf een laatste ruk aan het shirt en draaide zich toen om om hem aan te kijken, erg gespannen en nerveus bij het idee dat ze met hem zou moeten praten. 'Oké, laat maar horen. Geef me je tweede preek,' zuchtte ze kalm, zich afvragend of ze nog meer geschreeuw aan zou kunnen, zo vlak na haar instorting.
Hij verraste haar door haar haar aan te raken – hij nam de nieuwe vlecht die vlak achter haar oor bungelde tussen zijn vingers en tikte met zijn duim tegen de metalen kraal. Hij trok vragend een wenkbrauw op.
'Die heb ik van Bifur gekregen,' legde ze uit, als antwoord op zijn stille vraag.
'Je bent geadopteerd door de Urs-tarâg barufzurk?' giste hij. Hij leek tamelijk verbijsterd door deze onthulling.
'De Vuurbaardstam,' zei Lizzy, aangezien de woorden die hij in het Khuzdul gezegd had dezelfde waren als de woorden van Bifur, en ze nam aan dat het in hun taal de naam was van hun stam. Thorin keek moeilijk en er verscheen een diepe rimpel tussen zijn wenkbrauwen. 'Vind je het… erg?' vroeg ze voorzichtig, in de hoop dat ze niet iets gedaan had wat hem nog bozer zou maken.
Hij liet de vlecht los zodat hij terugviel tegen haar haar. 'Het is nu toch al gebeurd, hoewel ik het misschien afgeraden zou hebben.'
Er viel een korte stilte. Thorin ging eens goed rechtop staan en haakte zijn duimen in zijn riem, waardoor hij erg imposant en koninklijk overkwam in het ochtendlicht, ondanks de schrammen en het vuil op zijn gezicht. Lizzy voelde een vlaag van ergernis dat hij er nog steeds koninklijk en knap uit kon zien, ook al was hij aan alle kanten gehavend, maar ze onderdrukte die gedachte vlug om zich in plaats daarvan op hem te concentreren, en ze wachtte tot hij zou beginnen.
'Waarom heb je ons allemaal gevangen laten nemen, juffrouw Darrow?' vroeg hij uiteindelijk. Zijn toon was uitermate beheerst en hij keek hooghartig op haar neer.
Ze besefte dat dit zijn poging was om het aardig te vragen en gaf zo eerlijk mogelijk antwoord. 'Oké, ik kan je niet alles vertellen, maar ik kan je wel vertellen dat Bilbo iets heel belangrijks gevonden heeft toen we daar beneden waren. Het is zowel van belang voor het succes van deze missie als voor het lot van Middle Earth,' zei ze, waarmee ze hem zoveel mogelijk vertelde en tegelijkertijd zo vaag bleef als ze kon, aangezien Thorin nu nog niets van de ring af hoorde te weten. 'Hij heeft daar ook iemand ontmoet, iemand wiens acties, net als dit voorwerp, ook heel, heel belangrijk zijn over een paar jaar.'
'Je vond dat dit voorwerp en deze persoon belangrijker waren dan de levens van mijn gezelschap,' zei Thorin. Het was geen vraag; ze had het antwoord al gegeven met haar handelingen.
Ze schonk hem een wrange glimlach. 'Wij zijn maar met vijftien, zestien als je Gandalf meetelt. Maar de dingen die door dit voorwerp in de toekomst zullen gebeuren zijn… nou ja, het zal duizenden levens redden, meer zelfs. Dit moest gebeuren, ook al was het een risico voor ons.' Thorin leek nog steeds niet overtuigd, dus ze voegde eraan toe: 'Tijdens een veldslag heb jij toch vast wel eens een beslissing gemaakt die betekende dat een aantal mannen zouden sterven zodat anderen konden overleven?'
Hij keek boos. 'Tijdens een veldslag, ja, in het midden van de strijd, als ik geen andere keus had – ik heb nooit een koele, weloverwogen beslissing genomen om iemand zomaar op te offeren, en al helemaal niet mijn vrienden en familie.'
'Nou, in feite heb ik niemand opgeofferd en zijn we er allemaal prima uitgekomen,' wees ze hem erop.
'Dat zou ik niet zeggen,' zei hij, met een knikje naar haar verwondingen. Lizzy wist dat ze er waarschijnlijk vreselijk uitzag, volledig bedekt met bloed en modder, terwijl de meeste anderen uit het gezelschap hoogstens ietwat stoffig waren.
'Met mij gaat het prima,' zei ze schouderophalend over haar verwondingen – waarna ze meteen besloot dat niet weer te doen, aangezien haar schouders ophalen behoorlijk pijn deed aan haar rug. Ze keek naar de Dwergenkoning die voor haar stond en haar blik viel weer op de zichtbare schrammen op zijn gezicht, de scheuren in zijn tuniek en de deuken in zijn wapenuitrusting. 'En jij dan? Jij bent ook aardig in elkaar geslagen.'
Thorin keek haar doordringend aan.
'Ik bedoel dat je gewond was, niet dat je zo erg in elkaar geslagen bent,' krabbelde ze haastig terug, zich realiserend dat ze hem beledigd had met haar woordkeuze. 'Bovendien was het niet bepaald een eerlijk gevecht. Jij was uitgeput door de Reuzen en Goblinstad en Azog was – '
'Juffrouw Darrow.'
'Ja?' zei ze, voor deze keer opgelucht dat hij haar onderbrak omdat ze er zeker van was dat ze aan het ratelen was en zichzelf waarschijnlijk alleen maar verder in de nesten werkte.
'Wees stil,' beval hij.
'Juist.'
Er viel een lange stilte en Lizzy voelde er niet veel voor om hem te verbreken, aangezien haar net zo ongeveer verteld was dat ze haar kop dicht moest houden. Thorins felblauwe ogen keken haar aandachtig aan en ze sloeg haar eigen ogen neer, onrustig en zenuwachtig onder zijn ingespannen blik. Ze kreeg het gevoel dat zijn laatste oordeel steeds dichterbij kwam.
'Ik… zie in dat het niet jouw schuld was dat we gevangen zijn genomen,' zei Thorin uiteindelijk en ze slaakte een zucht van opluchting toen de spanning tussen hen plotseling verbroken werd. 'Ondanks het feit dat je me niet alles verteld hebt, kan ik… begrijpen dat je vanuit je voorkennis handelde op een manier die volgens jou juist was en dat je dit gezelschap niet slecht gezind bent.'
Ze wilde iets zeggen, maar hij keek haar streng aan en vervolgde: 'Maar ik wil je wel duidelijk maken hoe groot het risico was dat je genomen hebt.'
'Maar ik wist dat jullie het er allemaal levend vanaf zouden brengen,' zei ze nogmaals, nog steeds opgelucht dat hij haar had vrijgesproken van schuld.
Hij schudde zijn hoofd. 'Nee, het risico dat je voor jezelf hebt genomen,' verduidelijkte hij. 'Je hebt eens gezegd dat er geen Goblins zijn in jouw wereld, weet je wel wat ze met jou gedaan hadden als Gandalf niet op tijd gearriveerd was?'
Ze huiverde. 'Ik kan me er wel iets bij voorstellen.'
'Nee, dat kun je niet,' zei hij bitter. 'Ze zouden je lichaam gebruikt hebben op alle gruwelijke manieren die je maar kunt bedenken, maar je lang genoeg in leven houden om van hun pleziertje te genieten. Zodra je uiteindelijk door je wonden een pijnlijke dood zou zijn gestorven, zouden ze het vlees van je lichaam gescheurd hebben en je botten afkluiven.'
'Oké, ik snap het,' zei ze vlug, zodat hij op zou houden met praten over zulke vreselijke dingen.
'Zeker weten?' vroeg hij, terwijl hij haar gezicht bestudeerde om te zien of de boodschap over was gekomen. Hij knikte, kennelijk tevreden met wat hij in haar zag. 'Als lid van dit gezelschap zul je zo'n risico niet nog eens nemen.'
Lizzy's ogen schoten naar de zijne en in haar lichaam laaide een voorzichtige hoop op. 'Ik was in de veronderstelling dat ik uit je dierbare gezelschap geschopt was.'
Thorin keek langs haar heen, richtte zijn blik op Erebor in de verte. 'Ik sprak uit woede,' zei hij langzaam tegen de verre berg, zijn stem laag en diep. 'Ik… wil niet dat je gaat.'
Plotseling keek hij weer naar haar en doorboorde haar met de diepte van zijn azuurblauwe ogen. 'Ik zou zelfs kunnen zeggen dat ik je hier nodig heb,' voegde hij er ernstig aan toe. 'Ik kan Fili en Kili niet beschermen als ik niet weet waartegen.'
'Ik blijf,' zei ze, met een zachte glimlach op haar gezicht – en toen werd haar toon abrupt zakelijk. 'Maar je moet begrijpen dat ik er niet op uit ben om jou of deze tocht te saboteren. We gaan nog meer problemen tegen komen onderweg en ik ga de meeste dingen ook laten gebeuren.'
Hij keek opnieuw verward en wierp haar een boze blik toe. 'Waarom? Waarom kun je die dingen niet veranderen zodat ze beter gaan?'
'Je begrijpt het niet,' zei Lizzy half geërgerd, zich afvragend hoe ze het het beste uit kon leggen. 'Ik weet wat er gaat gebeuren tijdens deze reis en dat we op die manier de berg zonder problemen zullen bereiken – nou ja, misschien wat schrammen hier en daar,' verbeterde ze zich. 'Maar als ik ook maar één ding zou veranderen, zou het goed kunnen dat we er niet eens komen. Het is een soort kettingreactie – we slaan linksaf in plaats van rechtsaf en boem, het hele verhaal is anders en dan kan ik de gebeurtenissen niet meer voorzien,' zei ze, wild met haar armen gebarend. 'En dan zou je niets meer aan me hebben, of wel?'
'Ik begrijp het…' zei hij langzaam, haar woorden verwerkend. 'Zolang de tocht verloopt zoals jij verwacht dat hij zal verlopen, weet je hoe je Fili en Kili moet redden.'
'Zo ongeveer,' zei ze voorzichtig, aangezien ze niet precies wist hoe ze stierven, alleen dat het tijdens de Slag van de Vijf Legers gebeurde.
Het hielp ook niet echt dat ze nu aan het einde van de eerste film waren gekomen – toen ze hier gekomen was moesten de andere twee films nog uitkomen en de eerste film eindigde met de Carrock. Tot nu toe hadden de gebeurtenissen van de tocht gevarieerd tussen het boek en de film, maar als ze nadacht over hoe erg dingen soms afweken van het boek, had ze zo'n donkerbruin vermoeden dat er aardig wat verrassingen voor hen in het verschiet lagen die ze met geen mogelijkheid zou kunnen voorspellen.
Ellendige Peter Jackson, met zijn 'situaties moeten extra gevaarlijk zijn voor het dramatische effect', dacht ze verbitterd.
'Wij hebben nog nooit geprobeerd vrienden te worden, of wel, juffrouw Darrow?' zei Thorin na een paar minuten van stilte, waarin ze allebei in gedachten verzonken naar de berg in de verte staarden.
Ze keek hem vragend aan, haar gemijmer onderbroken, maar zei geen woord, zich afvragend wat hij van plan was.
'Je bent bevriend met bijna iedereen uit dit gezelschap, je bent nu zelfs geadopteerd in de Urs-tarâg barufzurk en de Urfamilie,' voegde hij eraan toe, zijn blik weer op haar gericht. 'Maar wij hebben geen hechte band, en die hebben we ook nooit gehad.'
'Nee,' beaamde ze, terugdenkend aan haar aanbod van vriendschap dat ze hem in Rivendell gedaan had, dat hij had afgeslagen omdat liever bondgenoten wilde zijn.
'Ik geloof dat we minder meningsverschillen zouden hebben als we elkaar tot op zekere hoogte vertrouwen,' besloot hij. Ze herkende dit als zijn poging om vrede te sluiten na hoe hij zich tegenover haar gedragen had, zonder dat hij zoveel trots op moest offeren dat hij daadwerkelijk zijn excuses aan zou moeten bieden – stomme koppige Dwergen, dacht ze glimlachend.
'Je vertrouwt me niet?' vroeg ze, nog steeds glimlachend. Nee, ze waren geen vrienden, maar na hun gesprek had ze het gevoel alsof de kloof tussen hen kleiner geworden was, alsof er misschien zelfs ruimte was voor het groeien van een mogelijke vriendschap.
Thorin fronste zijn wenkbrauwen bij het zien van haar glimlach; hij begreep waarschijnlijk niet waarom ze geamuseerd was. 'Ik geloof dat je goede bedoelingen hebt, ik vertrouw er alleen niet op dat je weet wat je doet,' zei hij voordat hij zich omdraaide en wegliep, waarmee hij effectief een eind maakte aan hun gesprek.
Nou, daarin ben je niet de enige, dacht Lizzy bij zichzelf, wetend dat ze vanaf nu alleen haar herinneringen van het boek zou hebben om hen te leiden.
Kindle-the-Stars:
Blijf die reacties sturen, ik hou ervan om te lezen wat jullie van het verhaal en hun relatie vinden :)
Wat de vraag van vandaag betreft… heeft Thorin in jullie voorstellingen tattoos? De reacties die ik het leukst vind zouden misschien zelfs terug kunnen komen in het verhaal, als we Thorin eindelijk shirtloos zien :p
Jullie kunnen alle updates en sneak peeks volgen en vragen over het verhaal of de personages stellen op mijn tumblr ~kindle-the-stars
xxMarith:
Hi there, nog een verlate fijne Koningsdag mensen! Wat hebben we in Nederland eigenlijk veel feestdagen haha, of ben ik de enige die dat vind? Niet dat je mij zult horen klagen, een dag vrij is altijd fijn, maar goed - eh juist, ik ratel.
Zoals altijd zijn reacties welkom. Have a nice day! (:
