District 7 - Mocca Lynne (14) POV. Boete dag.

De zachte wind die door de bomen heen waaide klonk als gefluister in de vroege ochtend. De zon die door de bladeren heen op mijn gezicht scheen verwarmde deze een beetje. Het was nog erg vroeg en de douw kon je nog zien zitten op het gras en op de bladeren van de bomen. De beesten waren nog niet eens wakker, maar het voelde als of iets of iemand mij aan het begluren was.

'Mocca!' Ik draaide mijn hoofd langzaam terwijl de wind er voor zorgde dat mijn bruine haar in mijn gezicht waaide en mijn wangen en neus lichtelijk kietelde. Mijn bruine ogen keken naar mijn vader die mijn naam had geroepen. Ik zag het zweet op zijn voorhoofd staan en toen hij het eraf veegde leunde hij op zijn bijl die als een gevaarlijk voorwerp naast zijn voet stond.

'Je broer is al aan het hakken, ga eens hout halen!' Riep mijn vader naar mij met zijn zachte stem wat totaal niet bij zijn uiterlijk paste. Hij was sterk, breed gebouwd en gespierd door het vele jaren hard werken als houthakker. Maar door zijn bruine ogen, die ik van hem had geërfd, en zijn bril had hij altijd een zachte liefhebbende blik. En zo praatte hij ook altijd tegen mij, omdat hij wist dat ik er een hekel aan had om hem te helpen rond het huis met klusjes.

Maar ik luisterde naar hem en liep richting het dichte bos wat achter ons huis lag. Toen ik eenmaal beschut werd door de bomen voelde ik opnieuw een paar ogen op me. Ik zuchtte en draaide me om en zag daar inderdaad iemand staan.

Den Vibe.

Mijn beste vriend en mijn flirt, ook al betekende het niks voor mij. Ik was pas 14 dus aan jongens dacht ik nog niet echt. Maar Den stond daar met een grijns op zijn gezicht die niet veel goeds betekende. Ik keek hem vragend aan en hij liep naar mij toe terwijl zijn blauwe ogen mij speels aankeken. Zijn vuilblonde haar viel piekerig om zijn hoofd en om de zoveel keer ging hij er met een hand doorheen. Hem vertrouwde ik volledig en ik was dan ook bijna altijd bij hem te vinden, ik was dan ook niet verbaasd dat hij me was gevolgd in het bos.

'Het bos is veels te gevaarlijk voor kleine meisjes zoals jij Mocca.' Hij stak ruim een kop boven mij uit maar toch gaf ik hem een speelse duw en snoof. Ik was normaal altijd verlegen en had erg veel moeite om me in gezelschap van andere te bevinden, maar bij hem voelde ik me altijd zelfverzekerd. Hij noemde altijd zijn kleine meid, maar vaak was ik dapperder dan hem en had ik meer lak aan de regels dan hem.

'Waarom ben je hier Den? Je weet dat ik mijn vader moet helpen met klusjes voor de Boete.' Zijn ogen begonnen opeens gevaarlijk te twinkelen en hij had nu mijn volledige aandacht.

'Heail heeft me verteld dat ze hoorde van je Oom dat er iemand is in het café die het tegen je op wilt nemen.' Hij begon te lachen toen hij zag hoe er een grote glimlach op mijn gezicht verscheen.

'Echt?'

'Ja, zelfs Sarah heeft het gehoord, en je weet dat zij niet altijd de betrouwbaarste is, omdat ze nou niet echt intelligent is.' Ik grinnikte en pakte gelijk zijn hand en trok hem mee richting mijn huis.

'Kom op, mijn vader laat me wel van huis weg gaan.' Ik bleef maar grinniken. Eindelijk was er weer iemand die het tegen mij op wilde nemen. Al voor een week had ik geen tegenspelers meer gehad, omdat niemand van mij kon winnen. En dat was ook zo.

Mijn oom was eigenaar van een klein en krakkemikkig café dat dicht bij mijn huis lag. Hij huisde er vaak gok en kaart evenementen, waar mening man op af kwam om zijn geluk te beproeven. En zo had ik dat ook een keer gedaan toen ik 12 jaar oud was. Mijn oom, Gavon, had me leren kaarten en er was een vriendelijk spelletje kaarten bezig waaraan ik mee ging doen. Het ging niet om geld, maar toch won ik. En ik begon het leuk te vinden. Ik begon dus steeds meer te spelen en elke keer won ik. Mijn Oom nam me toen op een avond mee naar een illegale gok bijeenkomst waar wel om geld werd gespeeld. En voor de armere mensen in het District zoals ik was het veel geld.

Ik was daarvoor gewoon een nietszeggend meisjes. Niemand kende mij, ik leefde op de achtergrond, tot op die avond toen ik een legende werd. Ik won van iedereen en de schulden van mijn ouders werden na een paar weken spelen al snel afgelost. We konden brood betalen en de mensen tegen wie ik speelde liepen altijd als verliezers weg. Ik stond nu ook wel bekent als het meisje van Geluk.

We kwamen aan bij mijn vader die ons geamuseerd aankeek. Den stond te hijgen maar ik had nergens last van. Ik was klein en licht en kon dus prima lange afstanden rennen. Ook had ik de kracht van mijn vader geërfd waardoor ik best wat stootjes kon krijgen voordat ik moe zou worden.

'Ah, Jongeheer Vibe. Kom je weer mijn dochter van haar klusjes redden?' Den moest blozen maar mijn vader lachte naar hem en legde een hand op mijn schouder.

'Pap, er is iemand in het café die het tegen mij op wilt nemen.' Ik bleek te glunderen, want hij moest alleen nog maar meer lachen.

'Succes ermee Moc, maar wees op tijd terug voor de Boete.' Ik knikte en grijnsde blij naar Den waarna we er snel vandoor gingen. Mijn rood bruine gestreepte shirt wapperde achter mij aan terwijl we hoek na hoek omsloegen en uiteindelijk bij het café aankwamen.

We hoorde al de zachte muziek die er vandaan kwam en kennelijk waren er toch nog een paar gasten. Het waren voornamelijk de rijkere mensen die er waren, maar op de Boete waren het vooral oudere mannen die hun kinderen hadden verloren aan de Spelen.

'Mocca, Den!' Den trok mij terug toen ik de deur van het café al open wilde gooide toen iemand onze naam riep. Sarah kwam op ons afgerent en bleef met een zoete glimlach op haar gezicht staan. Haar rode haren en fel blauwe ogen gaven haar een liefelijk uiterlijk waardoor ze vaak elke jongen naar haar hand kon zetten. Ze maakte er dan ook graag gebruik van dat ze zo mooi was.

'Hey Sarah, waar is Heail?' Den was één van de weinige jongens in het District die haar niet kwijlend aankeek en daarom was ze ook vrienden met hem. Ze was niet al te bijster intelligent, maar ze was aardig en was vreselijk handig op momenten als je iets van iemand nodig had. Heail was onze andere beste vriendin. Bijna niemand mocht haar, omdat ze vreselijk betweterig en intelligent was. Maar als je haar beter leerde kennen was ze aardig.

'Die komt er ook al aan, ze wilde zich al omkleden voor de Boete.' Toen pas viel het me op dat Sarah ook al haar mooie Boete kleding aan had. Alleen ik en Den stonden nog in onze normale kleren die vies waren en ook verschillende slijt plekken hadden.

Ik keek snel in het vieze raam en zag mijn weerspiegeling erin waaraan ik kon zien dat ik zelf ook niet helemaal schoon was. Er zaten verschillende strepen modder op mijn gezicht door de klusjes en mijn haar was wild en zo te zien ontembaar. Mijn lichte huid had vele moedervlekjes en een spoor van sproetjes was te bekennen rond mijn neus. Ik was niet super dun zoals vele kinderen wel waren, omdat ik sinds mijn gok partijen genoeg te eten had.

'Mocca stop met naar jezelf staren, we gaan naar binnen.' Sarah's giechelende stem attendeerde mij erop dat ik op het punt stond om weer wat geld te verdienen. Ik volgde haar en Den dus al snel en keek de kleine ruimte rond opzoek naar mijn uitdager.

'Hij zit daar.' Ik schrok op van mijn oom die opeens naast me stond en me influisterde om wie het ging. Mijn oom zijn bruin grijze haar zat slordig, maar zijn bruine ogen hadden weer de bekende pretlichtjes erin. Ik had altijd het idee dat zijn ogen nog vrolijker gingen staan als hij mij zag.

'Komt hij hier vaker?' Mijn oom schudde zijn hoofd en ik keek naar de man die met een mok drank aan het gammele tafeltje zat. Ik schatte hem in de 30 en aan zijn groezelige gezicht te zien was het duidelijk dat hij dronken was.

Ik keek even naar Dev die me een bemoedigende glimlach gaf en ik liep daarna op de man af. Hij keek op toen ik tegenover hem ging zitten en grijnsde.

'Je bent dus toch gekomen.' Hij nam nog een teug van zijn mok, maar ik keek hem alleen maar geïrriteerd aan. Hij wilde spelen met mij, dan moest hij ook spelen en niet praten. Ik had een hekel aan wachten en stil zitten. Ik was altijd bezig met iets en nu wilde ik niks liever dan gaan spelen.

'Hoeveel geld?' Vroeg Den voordat ik wat terug kon zeggen. De man keek hem even aan en legde daarna 5 gouden muntstukken op tafel. Daarvan kon ik en mijn familie minstens 4 weken eten.

'Wat wil je spelen?' Vroeg ik stil.

'Leugenaars Poker.' Ik grijnsde breed en Sarah rende snel naar de toonbank en pakte twee grote mokken en 10 dobbelstenen. Het spel was heel simpel, en ik was er het aller best in.

Elke speler, in dit geval twee, had een mok met 5 dobbelstenen erin. De dobbelstenen moesten worden geschud in de mok en dan in een vlugge beweging omgekeerd op tafel worden gezet. Hierna moest de eerste speler zeggen hoeveel dobbelstenen van welke waarde er lagen. De volgende speler kon de andere speler dan een leugenaar noemen als hij dacht dat het niet zo was of kon het aantal verhogen. Als hij de andere speler een leugenaar noemde dan werden de mokken weg gehaald. Heeft de speler gelijk dan krijgt hij de munten die op tafel liggen, maar heeft hij niet gelijk en liggen de dobbelstenen er toch, dan krijgt de andere speler de munten.

Zijn munten lagen al op tafel, maar ik moest ook nog geld neerleggen. Ik had nooit geld thuis, en meestal kreeg ik het van mijn oom. Ik keek zoekend rond op zoek naar hem, maar schrok op toen hij ook vijf gouden munten naast mij neer legde.

'Verdubbel het maar.' En met een knipoog was hij alweer weg.

'Zeg maar voor hoeveel je wilt beginnen.' De man voor me grijnsde opnieuw en gooide zijn drink mok aan de kant waarna hij de dobbelstenen in de andere deed.

'Gelijk vijf, ik heb nog andere dingen te doen vandaag.' Ik gooide de munten in het midden en hij deed hetzelfde. Hierna begon ik ook mijn dobbelstenen te schudden en zette ik de mok met een klap op tafel.

'Twee, drieën.' Ik stak gelijk van wal en de man keek me even aan en keek daarna naar zijn mok.

'Drie, tweeën.' Hij had het verhoogd met één getal en ik keek even naar Sarah, maar die leek zich alleen maar te concentreren op haar nagels. Ze wist toch al dat ik zou winnen.

'Vijf, vijven.' De man begon te lachen en wees met zijn vinger naar me.

'Leugenaar!' Ik gooide mijn mok aan de kant en hij rees die van hem ook op waarna hij heel bleek werd. Hij had precies 5 vijven er liggen. Ik grijnsde breed en pakte met een grote glimlach de munten van de tafel af en stond op.

'Ik ben het meisje van geluk, je kunt mij maar beter niet uitdagen.' Hij keek mij nog even aan, maar ik gaf hem niet de tijd om wat te zeggen, want ik draaide me alweer om en gaf mijn oom zijn vijf muntstukken terug die hij met een grote grijns aanpakte.

'Succes met de Boete, geluksnichtje.' Hij woelde nog even door mijn haar waarna hij al weer snel weg liep. Ik keek hem niet na, want ik wist dat het al laat was.

'Ik zie jullie op het plein.' Sarah zwaaide vrolijk terwijl zij ook snel weg ging, maar Dev bleef me even aankijken waarna hij over zijn achterhoofd heen wreef.

'Tot vanmiddag Dev.' En met een luchtkusje naar hem werpend rende ik snel richting huis om me klaar te maken voor de Boete.


District 7 - Riley Yohan (13) POV. Boete dag.

'Houd je smoel dicht Derren!'

'Meisjes horen niet zo te praten, Ryder!'

'Nee dat zou jij wel moeten weten hé!'

Er was een gemene grom te horen, maar ik kon Derren's gezicht niet zien, omdat ik verscholen stond achter Ryder. Haar blonde krullen bewogen wild met haar gezicht mee terwijl ze tegen Derren stond te schreeuwen. Ik wist dat haar wangen rood zouden zijn en haar bruine ogen vuur zouden spuiten.

'Je bent zo raar! Dat je hem altijd moet verdedigen!' Schreeuwde Derren en ik keek over Ryder's schouder naar zijn gezicht die in een gemene grijns stond. Plots keek hij mij aan, met die faal blauwe ogen van hem. Hij begon te lachen en pakte zijn fiets op.

'Kom op, we pakken hem zelf wel.' Zijn twee vrienden die achter hem stonden grepen ook hun fiets en begonnen hevig te trappen. Richting ons.

'Ren Riley! Ren!' Gilde Ryder die al sneller door had wat hun bedoelingen waren dan ik. Derren kwam al snel dichterbij en ik keek Ryder nog even aan waarna ik me omdraaide en zo snel weg rende als ik kon.

Mijn kleine benen kregen steeds meer kracht toen ik Derren meer hoorde naderen. Hij was boos en dan kon ik goed horen in zijn geschreeuw.

'Fiets door!' De twee jongens die naast Derren fietste probeerde nog meer tempo te maken en ik wist dat ze me eventueel zouden in halen. En dan was ik in grote problemen.

Ik keek om mee heen over de verlaten bosweg waar nergens een huis in de buurt stond om ze af te wimpelen. Ik hoorde de kiezelstenen onder hun gammele wielen knerpen en mijn gehijg werd langzaam pijnlijk in mijn keel. Ik hoorde Ryder al lang niet meer schreeuwen dat ik door moest rennen, maar ik wist dat ze gelijk had.

Plots hoorde ik een schreeuw en daarna een harde bons waarna ik alleen nog maar meer pijnschreeuwen hoorde. Ik durfde het aan om even over mijn schouder te kijken en zag dat de linker jongen naast Derren een gebroken trapper had en van zijn fiets was afgevallen. De fietsen hier waren dan ook niet veel soeps. Het was al een wonder dat ze er überhaupt één hadden, ook al waren ze alle drie van de rijkere families.

Derren staarde eerst nog naar zijn vriend die daar op de grond lag en keek daarna met een boze blik naar mij. De andere jongen die nog naast hem fietste had een knal rood aangelopen hoofd en zag eruit als of hij elk moment kon flauwvallen. Plots trapte Derren op de rem en verschillende kiezelsteentjes en stukjes aarde vlogen door de lucht, maar ik bleef door rennen. Ik bleef door rennen totdat ik bij de huizen aan kwam en tot ik niet meer kon.

Met mijn hand tegen een muur van een huis stond ik voorover gebogen half te kokhalzen. Met mijn gehijg kwam ook maagzuur omhoog en dat was geen fijn gevoel en al helemaal niet een fijne smaak. Ik verloor even de grip op muur en bonkte daardoor hard met mijn hoofd tegen de rand aan. Ik liet een kreun van pijn over mijn lippen ontglippen en zakte tegen de muur aan op de grond.

Ik bonkte gefrustreerd nog een keer met mijn hoofd tegen de muur, maar kreunde alleen maar harder, omdat het veel pijn deed. Waarom was ik niet gewoon een jongen die terug vocht in plaats van weg rende. Zelfs sinds de dag dat Ryder voor mij opkwam op school was ik nog het zelfde mietje als twee jaar terug.

Ik werd al vanaf mijn 6e gepest, en nu ik 13 was, was het niet heel anders. Alleen dat de pestkoppen alleen nog maar bruter waren geworden en ik wist dat het nog erger zou worden met naarmate ik ouder zou zijn. Ik ben iemand die heel erg verlegen is en liever op de achtergrond leeft. Lang ging dat goed totdat ik naar school ging en mijn zelfverzekerdheid de grond in werd geboord door alle jongens van de school. Toen werd ik het perfecte doel voor hun pesterijen.

Maar toen kwam Ryder. Die dag dat ze voor me opkwam was de dag dat ik een nieuwe vriendin had. Een vriendin voor het leven.

Ik sloot mijn ogen even en wreef met mijn hand over mijn hoofd. Ik wist nu al dat dat een bult zou worden en ik wilde het liefst gewoon de hele dag hier blijven zitten. Maar ik wist dat Darren mij nog altijd kon vinden en het was ook nog eens de Boete vandaag.

De Boete.

Ik zuchtte luid en opende mijn ogen. Ik staarde voor me uit en wilde rustig overeind komen zodat ik niet duizelig zou worden, maar mijn oog werd opeens getrokken door een klein pluizig blauw vogeltje dat vlak naast mijn been zat.

Ik sprong gillend op en merkte het niet eens dat mijn hoofd opnieuw pijnlijk tegen de muur aanknalde. Het vogeltje keek me aan waarna het een hopje naar voren zette. Richting mij.

'Ga weg!' Ik maakte een wilde hand beweging, maar sprong opnieuw achteruit toen het vogeltje richting mij hopte. Ik was als de dood voor vogels, vooral die kleine pluizig die eruit zagen als of ze schattig waren...

Ik greep met mijn hand in mijn zakken opzoek naar iets om te gooien en ik zuchtte bijna uit geluk toen ik voelde dat ik een afgevallen knoop in mijn zak had. Zonder enig medelij gooide ik het tegen de vogel aan die gelijk met nog een boze piep weg vloog.

Ik zuchtte opgelucht en merkte toen pas dat ik al die tijd mijn adem in had gehouden. Ik schudde mijn hoofd en wilde mezelf voor mijn hoofd slaan bij de gedachte aan mijn achterlijke angst.

Met mijn handen in mijn zakken en een hangend hoofd zocht ik de weg naar mijn huis. Ik vroeg me af waar Ryder nu was. Of ze zich ook al aan het klaar maken was voor de Boete of dat ze het nu helemaal in der eentje aan het opnemen was tegen Derren. Niet dat ik me daar zorgen over moest maken. Ze kon ze makkelijk aan in der eentje, al waren ze met z'n vijven.

Ik schopte tegen een steentje aan en keek op toen het een geluid maakte als of het tegen ijzer aan kwam. Ik schrok toen ik Shane tegenover me zag staan met een paar pannen in zijn handen. Shane was mijn jongere broertje, ook al zag hij er ouder uit als ik.

'Wat doe je hier?' Vroeg ik een beetje boos, omdat hij mijn gedachtegang had verstoord.

'Ik moest de pannen gaan wassen van mam in het beekje.' Hij wees met de pannen in zijn hand richting het beekje wat vlak achter ons huis liep. Toen pas viel het me op dat ik aan de achterkant van mijn huis stond en ik er dus bijna langs was gelopen.

Ik knikte naar hem, maar hij keek me al niet meer aan en liep door. Ik staarde hem nog even na waarna ik mijn blik weer richtte op mijn kleine huis wat naast een grote eikenboom stond. Ik keek nog even naar achteren maar Shane was al niet meer te zien.

Krakend ging de voordeur open en ik zag hoe mijn moeder zich omdraaide met een zwakke glimlach op haar gezicht.

'Ah Lieverd,' Ze stopte plots midden in haar zin en keek met een bezorgde blik naar een punt op mijn hoofd. Ik dacht dat ze het nu wel gewend was dat ik soms gewond thuis kwam.

'Wat is er gebeurt?' Ze liep met snelle kleine pasjes naar me toe en plaatste haar handen op mijn slapen en draaide mijn hoofd.

'Niks mam, ik wil gewoon wat eten...' Mompelde ik en duwde haar zachtjes weg. Met haar was mijn band ook niet meer zoals hij was. Mijn vader had ik nooit gekend en sinds een paar jaar wilde ik toch weten wie hij was. Maar ze wilde me niks vertellen. Ze werd zelfs boos als ik er naar vroeg, dus nu durfde ik er niet meer naar te vragen. Ook al wilde ik het zo graag weten.

Ik ging aan tafel zitten, maar schrok op toen ik opeens een koud doekje op mijn hoofd voelde. Mijn moeder drukte me zachtjes terug in de stoel en begon de bult te deppen waar ik zo vaak mijn hoofd had gestoten.

'Mam, blijf er nou maar af.' Zei ik met volle mond en ik voelde hoe ze even stil stond waarna ze het doekje van mijn hoofd af haalde.

'Ga je dan maar klaar maken.' Ik legde het half opgegeten broodje weg en schoof mijn stoel aan de kant. Toen ik uiteindelijk in mijn kamer was keek ik even in de spiegel naar de bult op mijn hoofd. Het zag er niet zo erg uit, maar het was duidelijk te zien dat het bloedde.

Mijn rossige krullen vielen, zoals mijn moeder het altijd zei, in schattige plukjes om mijn hoofd. Ik had een vrij bleke huid en er waren wat sproetjes te ontdekken op mijn wangen. Mijn honing kleurige ogen keken nog steeds naar de bult die ik zachtjes aanraakte. Ik kromp een beetje ineen bij de steek van pijn die door mijn hoofd heen geen en ik wilde niet meer in de spiegel kijken. Ik duwde dus de kastdeur open en pakte het eerste beste kleding stuk eruit wat ik kon vinden. Omdat ik niet zo rijk was, was bijna al mijn kleding vies of kapot. Shane had het zelfs nog moeilijker. Die kreeg al mijn afgedankte kleding als het mij te klein werd.

De simpele spijkerbroek en de groene trui die ik aanhad liet mijn haar nog rossiger lijken. Ik zuchtte en liep weer in de woonkamer waar Shane en mijn moeder op me stonden te wachten. Shane was nog 11, dus die hoefde zich nog niet aan te melden. Van mijn moeder mocht ik mij niet meer inschrijven voor bonnen, maar stiekem deed ik het toch. Anders zouden wel elke avond op stukjes hout moeten kauwen in plaats van vies mager brood.

Het plein was akelig stil toen we eraan kwamen. Ik zag al veel mensen in het publiek gebied staan en sommige zagen eruit als of ze het liefst hun kind gewoon mee naar huis zouden willen nemen.

'Ga je maar inschrijven Riley, we zien je zo.' Mijn moeder gaf me een kus op mijn wang en pakte Shane zijn hand en liep richting het publieksvak. Ik keek naar de rij die er stond en stiekem hoopte ik dat Ryder elk moment naast me zou komen staan om ons samen in te schrijven. Maar ik zag haar nergens dus ik moest het dit keer alleen doen.

'Naam?' Vroeg de vredesbewaker monotoon en ik keek hem even aan waarna ik stotterend antwoord gaf.

'R-Riley. Riley Yohan.' Hij keek niet eens op toen ik mijn vinger uitstak voor de prik. Ik maakte een klein sprongetje bij het pijnlijke gevoel, maar ik werd al snel aan de kant geduwd door een jongen achter mij.

De Boete was nu officieel begonnen.


Mocca Lynne (14) POV.

Mijn moeder had mijn onhandelbare haar prachtig mooi recht gekregen en het viel nu licht golvend over mijn rug heen tot iets over mijn schouders. Mijn rood geblokte blouse en mijn donkere spijkerbroek werden met elkaar verbonden door een bruine riem die om mijn taille heen hing.

Ik zag hoe de laatste paar meisjes zich inschreven en na twee minuten was het weer compleet stil op het plein. Verschillende kinderen en ouders zag ik met een wit gezicht naar het podium staren

'Welkom, welkom!' Galmde het over het plein en het was nog even na te horen als een verre echo. De Burgemeester die op het plein stond had zijn handen op zijn buik liggen terwijl hij met een emotieloos gezicht naar de kinderen in de verschillende vakken keek. Daarna keek hij plots op en bleef naar een punt in de verte staren. Ik merkte dat de Begeleider en Mentor niet op het podium stonden. Ik keek even rond het podium, maar bedacht me toen om er niet teveel aandacht aan te besteden en tikte weer ongeduldig met mijn vingers op het hek.

'Het verdrag zal nu worden voorgelezen.' De Burgemeester zei het monotoon. Als een machine en zo las hij het verdrag ook voor. Ik hoorde verschillende twaalf jarige angstig ademhalen ook al hadden ze het verdrag vermoedelijk vaker gehoord.

Heail en Sarah stonden naast me en ik leunde verveeld op Heail's schouder de me een beetje geïrriteerd aankeek.

'En dan zal de begeleider het nu van me overnemen.' De Burgemeester stapte weg zonder op een applaus te wachten en de Begeleider nam gelijk zijn plek in die vanuit het niets leek te verschijnen.

Hij had duidelijk zijn best gedaan om er zo speciaal mogelijk uit te zien voor de Boete. En dat was hem goed gelukt. Hij had een wit gepoederd hoofd en had zijn groene ogen extra aangezet met zwarte eyeliner. Zijn lippen waren overdreven rood en zijn witte haar zat in een nette lage paardenstaart naar achteren met een strikje erin. Hij stond met zijn hakken tegen elkaar aan en zijn tenen naar buiten. Zijn pak had overdreven veel fransjes en je kon zo zien dat hij op een aristocraat leek uit de oude tijd.

'Mijn naam is Armé Duchamp en ik ben jullie begeleider voor dit jaar!' Hij trok zijn lip even omhoog en lachte zonder humor en keek ons een beetje ontzet aan. Hij was duidelijk nieuw en dus ook helemaal niet gewend aan de armoede die hij nu voor zich zag.

'We zullen beginnen met de Mademoiselles.' Hij schonk de meisjes een vieze grijns die al snel veranderde in een blik van afzicht. Hij liep op zijn schoenen die hele vervelende klik geluidjes maakte naar de bol toe waar de meisjes namen in zaten. In één keer trok hij een naam eruit en liep met een pompeus en hooghartig gezicht terug naar de microfoon.

'Mademoiselle, Mocca Lynne!' Ik staarde hem ongelovig aan en ik hoorde hoe Sarah een gilletje liet ontsnappen en hoe Heail haar handen voor haar mond sloeg. Dit kon niet. Dit kon niet zo zijn.

'Mocca Lynne?' Hoorde ik nog een keer. Armé had me duidelijk nog niet ontdekt tussen de meisjes ook al wist ik zeker dat ik lijk bleek was weg getrokken en dus zou afsteken tegen de rest van de mensen.

Ik zette alles compleet stil in mijn gedachte en in mijn bewegingen. Ik tikte niet meer met mijn vingers op het hek zoals ik zo vaak deed als ik ongeduldig was. Nee ik stond doodstil en ik kon geen vin verroeren. Ik was doodsbang. Alles zou nu anders zijn. Alles zou zwaarder en moeilijker worden. Als mijn geluk mij nu al in de steek had gelaten, wat zou het dan wel niet doen in de Spelen?

'Mocca je moet naar voren lopen.' Hoorde ik Sarah piepend en half huilend tegen me fluisteren. Maar het was Heail die mijn hand vast pakte waardoor ik uit mijn trance ontwaakte. Zonder dat ik het doorhad stak ik mijn hand in de lucht en liep ik om het hek heen.

Ik had het niet eens door dat ik het podium op liep. Pas toen Armé zijn vieze sterke parfum me weer op aarde bracht besefte ik wat ik zojuist was geworden.

Ik was een Tribuut.


Riley Yohan (13) POV.

De Begeleider, Armé nog wat, keek met een vreemde blik naar Mocca die trillend naast hem stond. Ze was lijkbleek weggetrokken en ik voelde hoe mijn hart begon te bonzen bij het idee dat de jongens bol nu aan de beurt was. Ik wilde niet weten wie eruit kwam. Want ik wilde niet dat ik het was. Ik zou doodsbang zijn als ik daar op het podium moest gaan staan naast die enge man en naast Mocca die eruit zag of ze een spook had gezien.

'Goed. We gaan nu door met de Monsieurs.' Armé gaf ons ook een grijns en liep in grote passen naar de bol toe. Ik beet zo hard ik kon op mijn lip zoals ik altijd deed als ik zenuwachtig was, maar de pijn hielp niet. Ik kon mijn gedachte niet van de Boete weg houden. Ik kon alleen maar naar Armé's handen kijken in die faal witte handschoenen die één enkel papiertje uit de bol griste.

'Monsieur, Riley Yohan! We hebben onze twee Tributen dames en heren!' Schreeuwde hij er gelijk achteraan, maar ik hoorde het niet. Elk klein geluidje leek te vergonzen in mijn oren. Totdat ik die schreeuw hoorde uit het publiek. Die ene schreeuw die ik zou herkennen uit duizenden.

Ryder's schreeuw.

Iedereen draaide zich naar haar om en daarna naar mij. Vredesbewakers kwamen op mij aflopen en ik durfde me niet te verzetten. Ik liet ze me meeslepen naar mijn grootste angst. Het podium en de Spelen.

Armé's handschoen rustte op mijn schouder toen ik naast hem stond. Ik wist zeker dat ik nog witter was weg getrokken dan Mocca, maar het leek Armé niks te kunnen schelen. Hij had alleen maar oog voor zijn publiek en de afsluiting.

Toen ik Mocca's hand moest schudden keken we elkaar even aan, maar ik wist niet wat ik ervan moest denken. En ik had ook niet genoeg tijd om er over na te denken, want we werden uit elkaar gehaald en weg geleidt naar het gerechtsgebouw.

'Mam!' Gilde ik toen zij en mijn broertje binnen kwamen. Mijn moeder pakte me gelijk stevig vast in een knuffel die ik nooit zou vergeten. Mijn broertje klemde zich vast aan mijn arm en ze lieten me niet los totdat de vredesbewakers ze van me weg moesten halen. Ze hadden geen eens de kans om nog iets te zeggen of de deur viel alweer dicht.

De stilte was zo bedrukkend dat ik dacht dat ik elk moment kon gaan hyperventileren bij de gedachte wat me te wachten stond.

'Riley.' Ik had altijd al bevende handen, ook al was ik niet zenuwachtig of bang, maar nu was het nog vele malen erger. Maar toen hoorde ik haar stem. Ik keek haar aan en het stopte.

'Ryder, wat-'

'Shh.' Ze liep naar me toe en trok me in een knuffel waarbij ik mijn gezicht verborg in haar blonde krullen zodat ik niets meer kon zien.

'Riley, luister.' Ze trok terug en keek me ernstig aan.

'Beloof me dat je nooit de held uit gaat hangen voor anderen. Ik weet hoe je bent. Je moet me beloven dat zo snel de Spelen begint je weg rent. Je gaat rennen Riley en je kijkt niet om. Beloof me dat.' Ik keek haar even aan waarna ik begon te knikken. Ik zag de tranen in haar zachte bruine ogen staan en ze gaf me nog een kus op mijn wang waarna ze vertrok.

Ik was weer alleen.


Mocca Lynne (14) POV

De blik waarmee mijn ouders me aankeken was een blik van hen die ik nooit zou vergeten. Mijn broer en mijn zusje hingen me om mijn nek en ik dacht dat ze elk moment een zenuwinzinking konden hebben.

'Ga alsjeblieft niet weg Mocca.' Snikte mijn zusje Merlina. Ik greep haar wat licht mollige lijfje nog wat beter vast en trok haar dichter naar me toe. Ik kon niks terug zeggen, omdat ik wist dat ik geen beloftes kon maken dat ik terug zou komen. Want ik wist niet eens of ik de eerste dag zou overleven.

Ik keek naar Vican, mijn broer. Zijn knappe gelaat was betraand en ik kon niks anders doen dan naar hem staren. Ik hield van mijn familie, maar het meeste hield ik nog van hem. Hij was een geweldige broer en ik wist dat als ik een jongen was geweest en ik was gekozen dat hij zich vrijwillig voor mij in de plaats had aangemeld.

Ik keek mijn ouders nog even aan waarna ik hen ook in een knuffel trok en toen was het tijd. Ze moesten gaan. Mijn zusjes gehuil zou ik niet snel vergeten, maar toen mijn oom binnen kwam was het net zo erg.

'Hier, houdt dit bij je. Zodat je weet dat je altijd je instincten moet volgen. Je zult terug komen Mocca, ik weet het. ' De licht doorschijnende rode dobbelsteen die in mijn hand lag weerkaatste het licht op verschillende plekken. Ik keek op en wilde wat terug zeggen, maar mijn oom was alweer weg.

Ik kneep in mijn hand waar mijn dobbelsteen in lag en keek uit het hoge raam waar kleine tralies voorhingen.

Misschien zou ik inderdaad terug komen. Als het meisje van Geluk.


We zijn over de helft! Dit was Boete 7, nog maar 5 te gaan lieve lezers (: Oeeh, ik vind het zo spannend! Ik heb al een paar stukjes van na de Boetes zelfs al geschreven. Twee treinreizen en een stuk bij het voorbereidings team, ik kijk er echt heel erg naar uit om dat te mogen posten!
Ik ben ook al heel erg gedreven bezig met de strijdwagen costuums. Ik zal ze extra uitvoerig beschrijven, want ik vind het zelf ook heel leuk om ze te bedenken. Hopelijk lijkt jullie het ook wat om er over te lezen.

Nu de Boetes langzaam aan allemaal gevult worden zie ik al kleine bondgenootschappen vormen tussen Tributen die mogelijk misschien samen kunnen werken. Maar ik vind jullie mening natuurlijk ook heel belangrijk, dus ik wil jullie vragen wat jullie van de 14 Tributen vinden die tot nu toe zijn geweest, en welke jullie het beste bij elkaar vinden passen? (Je kan ook alleen maar benoemen wie tot nu toe je favoriet is (: )

Dus jullie mening over: Caldwell, Zara D1 - Tellas, Lerola D2 - Jack, May D3 - Favian, Rhine D4 - Kevin, Emily D5 - Alex, Colleen D6 - Riley, Mocca D7.

Oh! En nog een vraagje! Zouden jullie het leuk vinden als ik het bij een Boete zal laten sneeuwen? Panem is namelijk behoorlijk groot, want het is Amerika, en ik geloof niet dat een District met maar zo weinig inwoners een complete staat in beslag neemt. Dus ze zullen we behoorlijk verspreid liggen. Dus het weer zal ook wel verschillen. Vertel me maar of jullie dat wat vinden ;)

Ik hoop dat ik de rest van de Boetes snel zal afhebben, want ik sta echt te popelen om te beginnen met het echte verhaal. Het is dan natuurlijk voor jullie ook leuker, omdat de Boetes nogal voorspelbaar zijn, omdat ze echt alleen bestaan uit de essentie om de Tributen goed te beschrijven. Maar daarna leren ze elkaar ook kennen en gaan er bepaalde botsingen bestaan of juist vriendschappen. En in de Spelen kunnen jullie met het Sponsor systeem je er ook nog mee gaan bemoeien. Oooh. Ik heb er zo'n zin in. Had ik dat al verteld haha?

Maar goed. Hier nog even de punten verdeling!

LaFlorine - 14 Punten.
Greendiamond123 - 18 Punten.
MyWeirdWorld - 15 Punten.
SirWalsingham - 7 Punten.
FF-Schwarz - 10 Punten.
MadeByMel - 7 Punten.
TeensReadToo - 5 Punten.
JoyMainhood - 3 Punten.
LauraTwilightHungerGamesHPfa n - 9 Punten.
Sharonneke95 - 6 Punten.
Cicillia - 5 Punten.

Dat waren de punten!

Oh, ik had trouwens nog iets te vermelden. Jullie vragen je vast af waarom deze Boete niet echt zo speciaal was. Daar heb ik een goede reden voor, maar die kan ik jullie nu nog niet verklappen, omdat bij deze Tributen iets speciaals gebeurt bij de Treinreis of de aankomst in het Capitool (Dat moet ik nog even bekijken). Ik heb wel een tip én een aanwijzing achtergelaten in het hoofdstuk. Het is niet echt iets dat anders is, maar het heeft te maken met één van de Tributen (Mocca of Riley) :) Denk maar eens goed na haha!

Hopelijk vonden jullie het wat en laten jullie weten wat jullie van de Tributen vinden tot nu. Herriner nog even dat dit hoofdstuk eigenlijk hoofdstuk 9 hoorde te zijn, maar door verplaatsing nu dus hoofdstuk 7 is. Stuur dus een guest review met je profiel naam erin! En het is misschien handig als je het verhaal ook op Alert zet, zodat je weet wanneer er wordt geupdate :D (altijd leuk om te weten haha!)

Liefs,

Jade

And may the odds be ever in your favour.