(BTK 3) H4 Kluis Bellatrix en kluis Potter.
Narcissa, liep een beetje verward het landhuis van de Malfidusen binnen. Er was een hoop dat ze in een korte tijd had geleerd. Het eerste wat ze had geleerd was dat haar zuster Bellatrix met de grote Harry Potter moest gaan trouwen. En die jonge was nog maar 12 jaar. Oke hij zou bijna 13 worden maar dat was hij nog niet. Het was wel overduidelijk dat Harry en Bellatrix verliefd op elkaar waren.
En dan was er nog dat feest van een paar dagen geleden. Daar had ze de laatste dans van Harry met Bella gezien. Daar straalde nog meer liefde uit dan in haar hele huwelijk met Lucius. Draco had nog wel een opmerking gemaakt over dat modderbloedje van potter. Maar hij moest eens weten wat zij nu wist.
Merlijn, wat zou ze wel niet doen om uit dat huwelijk met Lucius te komen. Ze hoefde alleen maar een zoon te baren en dan waren haar verplichtingen gedaan. En ze had geluk gehad. Haar eerste kind was Draco een jongen. Toen had ze nog even wat hoop. Ze zou hem gaan opvoeden als een waardig lid van de maatschappij. Maar daar dacht haar man anders over. Nog voor ze wat kon doen had hij hem al in een dooddoener gevormd. Ze verafschuwde haar zoon nu bijna net zo erg als dat ze haar man verafschuwde.
Nee, nadat ze Harry Potter in de ziekenzaal op Zweinstein had gezien wist ze beter. Er was weer hoop voor de tovenaars gemeenschap. En Harry was en zou de leider zijn. Ze had het gezien hij was rechtvaardig. Hij was trouw naar ieder wezen. En hij was ook loyaal naar hen. Hij was alles wat ze in een zoon had gewild. Helaas Draco had andere plannen. En geen een ervan lijden naar iets goed.
Met een glas wijn in haar hand keek ze haar kamer rond. Lucius was weg en zou pas weer over een dag of drie thuis zijn. Hij was vast bij een van zijn andere vrouwen. Ze vond het best op die manier. Dan hoefde zij hem niet te helpen met zijn lusten. En zijn sadistische nijgingen.
Draco sliep bij een van de zoons van de andere dooddoeners. Waarschijnlijk bij die Korzel of die Kwast.
Met nog een glas wijn ging ze naar haar eigen kamer. Het was tijd om wat te gaan plannen. Ze zou Harry en Bella gaan helpen. Die twee horen bij elkaar en dat zal gaan lukken ook. Het wordt maar eens tijd dat ze voor spion ging spelen.
*#*
Het was vroeg in de ochtend toen Harry door een kleine raket werd wakker gemaakt.
"Harry ik moet vandaag praktijk examen doen. Mag ik jou toverstok gebruiken. Die zal mij geluk brengen". Met de slaap nog in zijn ogen keek Harry naar het meisje wat boven op hem lag.
"Aristona Mag ik eerst waker worden". Vroeg Harry iets wat geamuseerd.
"Nee Harry, ik wil jou stok zodat ik nog even kan oefenen". Harry keek zijn zusje aan en gaf haar zijn stok. Met een glimlach van oor tot oor rende ze de kamer weer uit. Harry stond ook op en liep zijn badkamer in. Tien minuten later kwam hij de keuken in en zag Daphne zitten.
"Sorry, dat het zo vroeg is maar Aristona bleef maar zeuren". Harry haalde zijn schouders op en ging zitten.
"het geeft niet Daphne. Ik had toch nog niets anders te doen. Daar kwam bij dat ik toch wakker moest worden want er lag een meisje bij mij in bed". Daphne deed haar wenkbrauw omhoog en vroeg.
"Een meisje Potter, en waarom dan wel" vroeg Daphne een beetje gespeeld kwaad.
"Ja een meisje die niets anders dan mijn toverstok wilde hebben" vertelde Harry haar met een glimlach. Daphne giechelde en luisterde weer naar wat Harry verder ging vertellen.
"Vandaag gaan we naar Goudgrijp. Mijn moeder wilde daar voor een boek kijken." Daphne keek Harry even aan. Ze wilde hem dolgraag vragen om welk boek dat ging. Net als Hermelien wilde zij ook alleen maar in de bibliotheek hangen. Maar ze wilde ook bij Harry zijn.
Harry, had door hoe ze in een twee strijd was verwikkeld en liet het even begaan.
"Kijk Daphne, Mijn moeder heeft een boek gebruikt om mij en mijn oma aan elkaar te verbinden doormiddel van haar bloed. Het zelfde heeft Alice gedaan met Marcel. En omdat mijn moeder haar leven voor mij heeft gegeven is de spreuk in werking getreden. Bij Marcel is dat niet gebeurd omdat Alice nog in leven is". Daphne knikte en liet hem weten dat ze hem begreep.
"Nou dat boek lag eerst altijd in mijn kinderkamer. Dit omdat niemand ooit naar zo een boek in de kamer van een baby zou gaan zoeken. Maar omdat Perkamentus hier ieder half jaar kwam zoeken heeft mijn moeder hem naar onze familie kluis laten brengen, en daar moet ik hem vandaag gaan ophalen". Daphne wilde nog net gaan vragen waarom toen Harry het haar uit zijn eigen ging vertellen.
"Het boek heet, BLOED UIT DE ZIEL. Het is een boek vol met zwarte magie. Het is geen duistere magie maar een soort Voodoo. En bijna alle spreuken hebben te maken met bloed. En ook met de ziel van de persoon die hem gebruikt. Hoe zuiverder de ziel hoe sterker de magie".
Daphne stond op en begon door de kamer heen te lopen. Ze had van haar moeder gehoord dat Harry aan Minerva was gebonden. En ook hoe sterk die spreuk moest zijn geweest. Ook had ze gehoord dat Lilly Potter net zo slim was als Hermelien Griffel. En nu had ze van Harry gehoord dat de spreuken extra gevoed zouden worden door de ziel. En een zuivere ziel gaf meer kracht.
Ze keek over haar schouder naar Harry en bedacht zich dat er geen zuiverder ziel bestond als die van hem.
"Harry waarom moeten wij dat boek gaan halen. Ik zou niet weten welke spreuk jij op dit moment moet hebben" vroeg ze hem. Harry keek haar aan en glimlachte. Met zijn hand klopte hij op de zitting naast hem. Dat was iets dat ze zich geen tweede keer liet zeggen. Met maar twee stappen stond ze naast hem en plofte op de plek naast hem neer. Met haar hoofd op zijn schouder en dicht tegen hem aan wachtte ze op zijn uitleg.
"Ik heb mijn moeder verteld over dame Zweinstein. En ook wat we met haar willen gaan doen. Zij heeft mij weer verteld dat ze al eens een keer met dame Zweinstein heeft gesproken. Nu kon ze het boek waar we het net over hadden goed herinneren, en ook een aantal spreuken, dat er instonden. Zo was er een ritueel dat een magische eenheid weer tot een vaste vorm kon maken. Ze wist alleen niet wat er voor nodig zou zijn.
Dus daarom ga ik vandaag met Bella naar mijn kluis en ga het boek zoeken. Dit terwijl Aristona met mijn oma haar praktijk examen voor het eerste jaar gaat afleggen. Ik heb van mijn oma ook gehoord dat ze al bijna een heel jaar hier op het potter kasteel aan het oefenen was. Nog voor dat Aristona het mij had verteld. Maar dat ga ik haar natuurlijk niet zeggen".
Daphne knikte dat het zo was en kroop nog wat dichter tegen hem aan. Het was een heerlijk gevoel dat ze had nu ze zo dicht bij Harry was.
"Zeg mag ik de andere kant hebben of hou je hem helemaal voor je zelf Daphne". Klonk de stem van Bella. Daphne keek even verschrikt op. Ze had Bella niet zien staan, en al helemaal niet horen aan komen. Bella kroop tegen de andere kant van Harry en vroeg of Daphne ook mee wilde gaan. Vragend keek ze naar Harry. Ze wist niet zeker of hij het wel goed zou vinden. Maar de blik van Harry was overtuigend genoeg.
Bella kroop tegen de andere kant van Harry aan en vroeg waar ze het over hadden.
"Oooo niets bijzonders. Allen over meisjes die s 'morgens bij hem in bed liggen en vragen om zijn toverstokje" vertelde Daphne aan Bella. Bella die Aristona al had gezien met de toverstok van Harry wist wat Daphne bedoelde.
"Oooo Harry, is dat zo. Laat jij zo maar jouw toverstokje zien aan elk meisje dat er om vraagt" vroeg Bella weer. Harry keek van Bella naar Daphne en zijn blik werd steeds banger.
'Hee wacht eens even jullie weten het al" riep Harry uit. En de beide dames gierde het uit.
Het was dus ook zo dat ze drie uur later allemaal in de lekke ketel stonden. Nou Bella en Daphne stonden Harry lag languit op de grond. Hij had het reizen met de openhaard nog steeds niet onder de knie.
Harry zou samen met Bella en Daphne naar Goudgrijp gaan, en daar na al hun boeken op halen. Maar ook meteen die voor het tweede jaar van Aristona. Minerva en Isabella zouden dan naar het ministerie gaan voor het examen van Aristona.
Harry ging even op zijn hurken zitten en keek Aristona aan.
"Hier je mag vandaag mijn toverstok gebruiken". Aristona keek hem met open mond aan en gaf hem meteen een knuffel.
"Nu weet ik zeker dat ik het ga halen" riep ze uit. Met die laatste woorden verlieten de twee groepjes elkaar door iedere een andere kant op te gaan.
*#*
En half uur later liep Harry met aan zijn handen de beide dames Goudgrijp sierlijk binnen. Met wat vriendelijke woorden naar Grijphaak en naar de andere Kobolden liep hij mee richting zijn kluis. De tocht naar beneden in het karretje vond hij heerlijk net als Bella. Daphne was er niet zo blij mee maar kon zich wel lekker aan Harry vast houden.
De zoektocht in de kluis nam ook niet zoveel tijd in beslag. De hulp die Lilly gaf via haar kleine schilderij was zeer welkom. En had alles ook vele malen versneld. Het was net buiten de kluis toen Harry en Bella iets voelde.
"Harry ik voel me niet zo lekker. Het is net als of er iets aan mij trekt". Vertelde Bella aan Harry. Harry keek haar even aan.
"Het is raar Bella meer ik heb dat gevoel ook". Beide richtte hun blik nu op Daphne. Die haalde alleen maar haar schouders op en vertelde hen dat ze niets voelde. Bella keek voor zich uit en begon langzaam vooruit te lopen. Bij een kluis aan het einde van de gang bleef ze stil staan.
Grijphaak was achter haar gaan staan en pakte haar hand beet toen ze de kluis wilde aan raken.
"Het spijt me mevrouw maar die kluis is niet van u. en als u die aan raakt word u erin gezogen. Wij kunnen u er dan pas over een week weer uithalen".
Harry begreep het niet helemaal en vroeg van wie die kluis dan wel was. Even keek Grijphaak om zich heen. Hij mocht nooit de naam van de eigenaar prijsgeven. Maar dit was heer Potter die het hem vroeg. Heer potter de heer over zijn huis, en vriend van de kobolden.
De twijfel die Grijphaak voelde was duidelijk zichtbaar. Hij nam dan ook het besluit om zijn vader erbij te gaan halen. Iets dat Daphne heel verstandig van hem vond. Als een dochter van een heer wist ze dat je nooit een besluit mocht nemen waar hij niet van afwist. Dus geduldig wachtte ze met zijn drieën af tot dat Bogrod er ook bij was.
Het duurde niet lang voordat Bogrod tussen het groepje in stond. Hij keek eerst even naar Harry door vervolgens naar Bella Te kijken. Daarna keek hij naar de kluis alsof hij hem aan het inspecteren was.
Toen hij zich uiteindelijk omdraaide pakte hij Bella voorzichtig bij de hand.
"Bella deze kluis is de kluis van jou andere ik die nu in Azkaban zit. Zij en alleen zij kan hem open maken. Nu weet ik dat jij haar ook bent dus neem ik aan dat ook jij hem kan openen. De vraag is alleen waarom wil jij deze kluis open maken".
Bella keek verbouwereerd naam Bogrod. Ze wist dat hij wist dat ze Bellatrix Zwart was. En aan de grote ogen van Grijphaak wist ze dat hij het nog niet wist. En waarom ze deze kluis wilde openen wist ze zelf ook niet. Alleen dat er iets was dat haar naar zich toe trok.
Dit was ook het genen wat ze aan Bogrod vertelde. Bogrod echter keek opnieuw bedenkelijk naar de kluis deur.
"Bogrod waar denk jij aan op dit moment" vroeg de stem van Lilly uit haar schilderij.
"Ah, Lilly het is goed om jou weer eens te zien. Het is zo lang geleden" riep Bogrod Joviaal. Opnieuw keek hij naar de deur.
"Bella zou jij hem voor mij willen openen. Dan kunnen we kijken wat daar binnen is dat jou en Harry roept". Bella knikte van ja en legde haar hand op de kluisdeur.
Wat er volgde was een hoop gekraak en een irritant gepiep toen de deur van uit zichzelf openging. Binnen in lagen er stapels met goudstukken. Maar ook een hoop foto albums. Harry kon het niet laten om er even gauw door een aantal van die albums heen te bladeren. Alles stond erin tot op het punt dat Bella moest trouwen. Van af dat moment was er geen album meer te bekennen. Bella zelf liep door de kluis heen. Achterin de kluis waren een aantal planken met daarop allemaal gouden en zilveren spullen.
Midden in die spullen stond een enkele graal.
Met een trillende vinger wees Bella op die graal. Het was een beker met het wapen van Zweinstein erop. Bella wilde hem eerst gaan pakken maar trok snel haar handen terug. Harry had het gezien en stond meteen naast haar. Het was net alsof ze haar handen had gebrand aan die graal. Nu wilde Harry hem ook pakken maar ook hij trok zijn handen terug. Alleen Bogrod kreeg hem te pakken maar ook hij liet hem naar een paar seconden los.
Met een tang van een meter pakte ze de graal op en verlieten de kluis. Toen ze tien minuten later in het kantoor van Bogrod zaten keken ze allemaal naar de graal. Er was iets met die graal waar ze niets van af wisten. En ook Lilly leek het spoor even bijster.
"Bella, als ik vragen mag hoe voelt het. Als je die graal aan raakt" vroeg Lilly haar.
Bella had haar blik op de graag gericht en durfde niet naar iets anders te staren. Er was iets dat zo bekend voor kwam. Iets dat vertrouwd was. Maar ook iets dat ze niet wilde voelen. De graal had een warm maar vooral een kil gevoel. Het leek alsof ze hem tot diep in haar ziel kon voelen. Maar hoe kon ze dit aan Lilly vertellen. Ze voelde de hand van Harry in die van haar glijden. En in haar andere hand voelde ze die van Daphne. Ze voelde meteen de kracht van haar innige vrienden door haar heen vloeien. Nu ook wist ze meteen wat die graal bij haar naar boven deed komen. Even deed ze haar ogen dicht en zakte meteen op de grond neer.
Wat er precies gebeurd was wist ze niet. Maar ze hoorde wel dat ze was flauwgevallen. Zelf had ze een droom gehad die eng en toch vertrouwd was. En die droom ging over de graal. Ze vertelde dan ook meteen wat ze gedroomd had. En ook dat de graal in die droom zat. Maar het was zo raar. Ze had die graal nog nooit eerder gezien. Lilly vroeg haar dan ook om de droom helemaal te vertellen. Bella knikte en ging op een stoel zitten.
"Ik weet niet of het, het verleden was of de toekomst. Maar ik stond voor de kluis en achter mij stond Voldermort. Met de graal in zijn hand vertelde hij mij dat ik die op de achterste plank moest zetten. Wat er ook zou gebeuren ik moest daar van afblijven en er nooit met iemand over spreken. Ik mocht het zelfs niet tegen die eikel van een man van mij zeggen. Toen ik hem vroeg waarom niet vertelde hij mij het volgende".
"Bellatrix mijn trouwe dienaar. Dit is de graal van Huffelpuf. Deze heb ik uit het kasteel gestolen toen ik daar nog op school zat. Deze graal heb ik met een speciale vloek versleuteld. Laten we het zo zeggen. Ik heb er mijn Ziel en zaligheid in gedaan. Deze graal moet jij voor mij veilig houden en hem nooit aan iemand meer laten zien. Mocht ik ooit dood gaan geef deze dan aan een jongen van rond de twintig. Van daaruit zal ik alles zelf doen. Is dat begrepen".
"Wat of Voldermort daarmee bedoelde weet ik niet. Wel heb ik hem toen op die achterste plank gezet. In die droom leek het wel alsof hij iets heel waardevols aan mij had gegeven. Hij vertelde ook dat dit nr. vier van de zeven was. En nr. vijf was ook al zo dierbaar voor hem vertelde hij me. Het gekken was dat hij wel heel erg met zijn familiering zat te spelen.
Niemand begreep iets van de droom die Bella aan de andere had verteld. Alleen Lilly liep in en uit haar schilderij. Harry zag dat ze aan het pezen was en wilde dan ook wat vragen.
"Mam ik". "Nu even niet Harry laat mij denken". Harry hield van schrik zijn mond dicht. Hij luisterde aandachtig naar zijn moeder die aan het mompelen was.
"Harry wat voelde jij bij die graal en wat voel je nu" vroeg zijn moeder ineens aan hem.
"Ik weet het niet mam. Eerst was het als of hij mij naar zich toetrok. En toen ik dicht bij was, was het eng. Ik voelde het ook in mijn litteken en in dat dag boek".
Weer begon Lilly door haar schilderij te lopen. Ze mompelde weer en vertelde dat Harry het boek moest openen en op zoek moest gaan naar een Gruzielement. Het was ook niet lang daarna dat Bella de vier bladzijdes voor las waarin alles over gruzelementen te lezen was. Daphne hing weer over haar schouder heen en Harry luisterde aandachtig.
Toen Bella klaar was keek ze met angstige ogen naar Harry. In de blik van Lilly kon ze zien dat die de zelfde gedachten had als dat zij zelf had.
"Harry, Jij... Jij bent een Gruzielement geweest. Net als het dagboek. Jij had net als ik iedere seconde van de dag bezeten kunnen worden door Voldermort. Hoe heb jij het overleefd. En hoe ben jij ervan af gekomen" was de vraag van Bella aan Harry. Harry zelf had daar geen antwoord op. Daphne echter dacht dat ze het wel wist.
Daphne was in een stoel gaan zitten en had het boek. BLOED UIT DE ZIEL. Open op haar schoot liggen. Lilly keek haar net als Bogrod doordringend aan. Bogrod had zelf ook wel eens van een Gruzielement gehoord maar er nog nooit een gezien. Daphne vond het heerlijk dat ze even die aandacht had en genoot er dan ook openlijk van.
"Nou zoals het in dit boek staat moet je een zuivere ziel hebben. Ik zelf ken geen andere ziel die zo zuiver is als dat van Harry". Iedereen knikte wat Harry weer een beetje ongemakkelijk maakte. Daphne echter lachte een beetje en ging weer verder.
"De ziel van Voldermort is donker en verdorven. Maar dat weten we allemaal. Een Gruzielement kan alleen een ziel over nemen die iets verdorven zou zijn. Bijvoorbeeld een ziel die overmand is met haat. Of een die vol zit met hebzucht.
Maar met een object zou die ziel het meteen kunnen over nemen. Dat hebben we gezien bij de graal en het dagboek. Dat Harry hem verslagen heeft kwam door Bella. Het was de liefde die hij voelde voor Bella. De liefde voor haar is zo groot dat Voldermort er niet tegen kon. Dat is dan ook naar mijn mening het geen wat Voldermort uit Harry heeft verdreven".
Lilly en Bella keken beide een beetje ongelovig naar Daphne. Ze wisten dat Harry veel voor Bella voelde maar kon het echt zo simpel zijn geweest. Was het echt enkel en alleen de liefde voor Bella dat, dat voor elkaar had gekregen. Maar hoe ze het ook wende en keerde, ze konden er geen andere verklaring voor vinden en namen het dan ook aan als zijnde de waarheid.
Nu voor het dagboek dat was een ander verhaal geweest. Die was verslagen door een giftand van de Basilisk. En er was slechts een middel dat sterker was dan het gif van een Basilisk. En dat waren de tranen van een feniks.
En dat verklaard ook weer waarom Harry het had overleefd.
Nu stond er alleen nog die graal voor hun neus. Bogrod vertelde dat hij geen gif had van een Basilisk, en hem dus ook niet zomaar kon vernietigen. Wel had hij een van de beste vloeken verbreker 's in diens en wilde die hier best wel voor in zetten. En dat zou Harry niet eens wat gaan kosten. Maar er was nog wel het probleem dat Harry een ding uit de kluis van een ander had gehaald. En hoewel Bellatrix nu ook naast hem stond. Was de echte eigenaressen van de kluis in Azkaban. En daar moest Harry eerst nog eens toestemming aan gaan vragen.
Het was ook iets dat zowel hij als Bella niet echt als een probleem zagen. Bellatrix was stapel op hem dus die zou wel mee werken. Daar gingen ze eigenlijk wel van uit. Maar het was ook iets dat ze later die avond nog wel zouden gaan bespreken. Want ze moesten nu eerst alle boeken nog gaan halen en dan gauw naar de lekke ketel. Zodat ze op tijd waren om die avond uit eten te gaan met de Goedleers en de Potters. Ook Arabella en Bella hoorde daarbij. Het was ook het etentje dat door David betaald zou worden.
Harry die vlak voor het verlaten van het kantoor aan Bogrod had gevraagd of die ook mee wilde zag hoe Bogrod peinzend over de graal heen hing.
"Harry denk je dat ik hier wat mee zou mogen proberen. Het zou een schat van informatie kunnen zijn" vroeg Bogrod hem.
"Tuurlijk Bogrod als ik de rapporten mag lezen" antwoorden Harry.
Bogrod lachte en knikte toen ze zijn kantoor weer uit liepen.
