(BTK 3) H5 Lekker eten
Nadat ze alle spullen voor school hadden gehaald en ook de spullen die ze wilde hebben liepen Bella, Daphne en Harry richting de lekke ketel. Daar zouden ze zijn oma Mini en hun ouders ontmoeten. Tot hun verbazing stond alleen David op hen te wachten. Een beetje angstig liep Daphne naar haar vader toe. Je weet namelijk maar nooit wat er gebeurd kon zijn.
David die haar gezicht had gezien stelde haar meteen gerust.
"Hier is het adres van het restaurant. Het is aan het einde van de wegisweg. Als jullie daar vast heen gaan komen wij er zo aan. Het is namelijk wat uitgelopen met Aristona, Ze heeft het geweldig gedaan. We wachten nu alleen nog maar op de uitslag en daarna komen wij meteen naar jullie toe". Vertelde David hen gauw.
De drie keken elkaar aan en knikte. Het was niet ongebruikelijk voor Daphne om ergens alleen naar toe te gaan. Het gebeurde wel vaker dat ze even moest wachten. Dus nam ze de twee anderen rustig mee naar het restaurant. Het restaurant was niet zo groot maar het was wel gezellig. En er waren gelukkig ook niet zoveel mensen. Bij binnen komst werden ze naar een hoek van het restaurant geleid om daar op de anderen te wachten. Voor Harry was dit de eerste keer in een restaurant dus hij keek zijn ogen uit.
Wat niet de eerste keer was maar wel heel erg vervelend was als mensen hem herkenden.
"Is het echt waar, bent u de grote Harry potter". Riep een van de serveersters uit.
Harry liet zijn hoofd hangen en keek naar de grond. Dit was een van de dingen die hij niet leuk vond. Door de hele toverwereld werd hij gezien als een held. Hij die de grote Voldermort had verslagen. Maar er was niemand die wist hoe het voor hem was. Nou eigenlijk waren alleen Bella en Daphne de enige die het wel wisten.
Iedere keer als iemand hem vroeg of hij die grote Harry Potter was, dan ging er een steek van pijn door zijn hart. Het was altijd weer een herinnering aan de avond dat hij zijn ouders was verloren. Het was de avond dat zijn leven in een hel was veranderd. Een hel met de naam Duffeling. Maar er was bijna niemand die dat van hem wist. Nee, iedereen zag alleen maar de grote Harry Potter.
De serveerster wachtte niet op een antwoord en riep haar baas er meteen bij.
"Kom eens kijken Anthony, hier de grote Harry Potter is bij ons in de zaak" riep ze luid. Ze had de woorden nog niet gezegd of er klonk een snuif van walging van uit een andere hoek van het restaurant.
Allemaal keken ze tegelijk om naar de plek waar die snuif vandaan kwam. Daar in die hoek zat niemand anders dan Lucius Malfidus. Naast hem zat zijn vrouw Narcissa, en zijn zoon Draco. Narcissa keek met grote ogen naar Bella. Het was nog maar een paar dagen geleden dat ze gehoord had dat Bella haar echte zusje was. En nu keek ze haar recht aan. Ze wist nog niet wat haar man wilde gaan doen en kon dus ook nog niet zomaar gaan helpen. Wel keek ze met een zorgelijke blik naar Harry. Ze wist namelijk als geen ander hoe erg haar man Harry haten.
Harry die had de blik gezien en gaf het kleinste knikje van ja dat hij maar kon bedenken. Het was iedereen ontgaan behalve Narcissa en gaf dan ook het kleinste lachje terug aan Harry.
"Nou, nou, nou. Als dat niet de grote Harry Potter is". Sneerde Lucius. Draco die naast hem zat Lachte luid om de manier waarop zijn vader tegen Harry praatte. Narcissa keek haar zoon vuil aan maar dat ontging hem.
"Nou wat doen kinderen die nog geen magie buiten de school mogen gebruiken in een restaurant hellemaal alleen". Was de vraag die Lucius aan hen stelde.
Harry keek hem schattend aan en wilde wat gaan zeggen. De woede die Harry had richting Lucius was al weer in de lucht om hem heen te voelen. Daphne pakte snel zijn hand en gaf voor hem antwoord.
"Meneer Malfidus. Hoewel we graag met u zouden willen praten, Zijn wij hier niet voor uw plezier. Dus als u het niet erg vind zouden wij graag met rust gelaten willen worden".
Lucius keek kwaad naar Daphne. Even schatte hij haar in en bedacht zich wat hij kon doen. Daphne was de dochter van een vooraanstaand man. En David Goedleers zou het goed doen als bontgenoot. Even keek hij opzij naar Draco.
"Draco, was dit de jonge dame met wie jij een huwelijks contract wild hebben" vroeg Lucius aan zijn zoon. Draco knikte hevig van ja. En Daphne kneep in de hand van Harry.
Daphne had Harry en Bella al eens gewaarschuwd dat Draco haar wilde hebben. En in de magische wereld zou dat heel simpel zijn. Ze hoefde alleen maar te kijken naar de manier hoe Bellatrix aan Harry vast zat.
Dat was slechts een voorbeeld en die was goed. Maar voor Daphne zou het slecht zijn. Ze wilde bij Harry horen en niet verkocht worden aan Draco. En natuurlijk wist ze dat haar vader haar nooit in zo een contract zou duwen als ze het niet wilde. Maar je wist maar nooit hoe en of wat Lucius daarvoor zou doen.
"Daphne zal nooit van jouw Draco zijn. Ze hoort bij mij en Harry" schreeuwde Bella hem toe. Lucius keek even naar Bella en wees met een vinger in de richting van Bella.
"Draco is dat het modderbloedje dat het liefje van die Potter is" sneerde Lucius opnieuw.
"Noem mij geen Modderbloedje jij Vuilak jij, jij dooddoener" beet Bella hem terug. Lucius kreeg een grijns op zijn gezicht en draaide wat aan zijn wandelstok. Van uit het handvat daarvan haalde hij zijn toverstok te voorschijn. Bella en Daphne grepen ook meteen hun stok en stonden klaar om zich te verdedigen.
"Harry pak je toverstok we hebben jou hulp nodig". Siste Daphne fluisterend door haar tanden heen.
"Dat gaat niet Aristona heeft de mijne. En jullie moeten hem ook weg doen" fluisterde hij terug.
Bella en Daphne keken Harry ongeloof waardig aan. Vertelde hij nou werkelijk dat zij hun stok weer weg moesten doen. Maar dat kon toch niet waar zijn. En toch toen ze zijn handen op hun handen voelden en hij ze naar beneden bracht toen wiste ze dat hij het meende. Ze moesten ze echt weg doen.
"We mogen geen magie gebruiken want we zijn minder jarig weten jullie nog. En Lucius is de vriend van Droebel". Pas nu snapte ze wat Harry bedoelde en borgen hun stokken weer op. Wat ze ook zouden doen Lucius zou altijd winnen.
*#*
Aristona had net de laatste praktijk examens afgerond en stond nu te wachten op het moment dat ze naar haar zuster en Harry mocht. De toverstok van Harry was geweldig geweest en dat wilde ze hem dan ook zo snel mogelijk vertellen. Van uit de deur kwam David al naar hen toe gelopen.
"Daphne heeft ze al mee genomen naar het restaurant en zal daar op ons wachten. En hoe is het met jou gegaan kleine meid". Vroeg David aan Aristona. Aristona keek glunderend naar haar vader.
"Als mijn cijfers goed zijn dan zit ik volgend jaar in het tweede jaar. De toverstok van Harry was echt geweldig. Wanneer krijg ik er een". David lachte luid en nam zijn kleine meid bij de hand. Met Isabella en Minerva achter zich, wilde hij het ministerie verlaten. Nog voor ze bij de openhaarden waren greep Minerva naar haar schouder.
"Wat is er" vroeg Isabella meteen.
"Ik denk dat Harry zich gestoten heeft" antwoorden Minerva meteen. Maar toen greep ze naar haar andere arm en haar been.
"We moeten naar het restaurant er is iets met de kinderen". Vertelde Minerva ineens. Isabella keek van Minerva naar David en stuurde hem weg.
"Ga, ga nu ik kom er aan".
David liep met grote grove passen richting het restaurant. Aristona waar hij niet meer op had gelet liep achter hem aan. Voor het restaurant kwam David er achter dat alles afgesloten was. Wel hoorde hij een hoop kabaal binnen en hier en daar een schreeuw van pijn. Nu was het voor David alles of niets. Met zijn toverstok in de hand probeerde hij om binnen te komen. Op welke manier dan ook.
*#*
Een half uur eerder
De eigenaar van het restaurant had het allemaal aan zien komen en was nu voor Harry gaan staan. Lucius echter lachte naar hem en met een simpele spreuk smeet hij de eigenaar tegen de muur, die aan de andere kant van het restaurant was. Vlak daarna volgde ook de twee serveerders die er aan het werk waren. Daphne hapte naar adem en verschoof zich een beetje achter Harry.
Harry echter verblikte of verbloosde niet en bleef Lucius strak aan kijken.
"Kijk, kijk. Het ziet er naar uit dat alle heksjes zich achter jou verschuilen Potter". Het was niet zozeer wat Lucius tegen hem zei. Nee, het was meer de manier waarop.
"Jammer alleen vind je niet, kijk als het aan mij ligt, dan zal jij hier niet lang meer zijn". De hatelijke blik van Lucius boorde recht in de ogen van Harry. Met een zwaai van zijn stok vlogen Bella en Daphne tegen de muur. Hoewel Lucius geen woord had gezegd, kon Harry zien dat hij een plakspreuk had gebruikt. Allebei hingen ze zo een meter van de grond en keken Angstig voor zich uit. De tranen stonden bij beide dames in de ogen. En Harry stond nog midden in het restaurant. Hij wenste dat hij zijn toverstok nu bij zich had want dan kon hij wat doen. Maar zolang hij die niet had moest hij tijd rekken. Alles om het onvermijdelijke te vermijden.
Harry planten zijn voeten in een verdedigende houding net zoals hij van Tops had geleerd. Zonder toverstok in de hand wist hij dat het anders moest. Met gebalde vuisten keek hij Lucius recht aan. Met een glimp naar Draco hoopte hij dat zijn plannetje zou lukken. En gelukkig voor hem greep Draco ook die kans.
Inwendig lachte Harry. Wacht op Draco hij zal altijd het verkeerde doen op het goede moment. Met een opgeheven toverstok kwam Draco op Harry af. Alles wat er voor Harry nodig was, was een linkse en een rechtse. Inwendig bedankte hij Tops voor de lessen in verdediging. Vooral toen hij Draco voor zijn neus op de grond zag liggen. Met een kleine glimlach wist hij dat Draco voorlopig niet meer zo opstaan.
Narcissa stond schuin achter Lucius. Het koste wat moeite voor haar maar het lukte toch. De lach die in haar opborrelde toen ze haar zoon onderuit zag gaan. Kon ze nog maar net in houden. De snelle blik die ze op Harry had gericht had haar verteld dat Draco in zijn val was gelopen. Ook nu weer had ze met eigen ogen gezien hoe Arrogant haar zoon daadwerkelijk was. Hij had echt alles van zijn verder geleerd, en dacht dus echt dat hij alles en nog meer was. Inwendig hoopte ze dat Draco hier wat van zou leren maar dat zal wel niet zo zijn. Ze hield van haar zoon maar hij maakte de verkeerde keuzen. En daar mocht of kon ze niets tegen doen.
Van uit het niets vuurde Lucius een spreuk op Harry af. Harry keek hem met grote ogen aan toen ook hij tegen de muur werd geplakt.
En hoe dat Harry ook bewoog er was geen beweging meer te krijgen in zijn ledematen. Alleen zijn hoofd kon hij nog van links naar rechts bewegen. Rechts van hem zag hij Daphne hangen. Haar ogen waren wild en vol met angst. Links van hem hing Bella. Haar ogen stonden precies het zelfde als die van Daphne.
Narcissa die nog steeds schuin achter Lucius stond keek wat ze kon doen. Ze had gezworen dat ze Harry en Bella zou beschermen en helpen waar ze kon.
"Lucius, ik zou nu ophouden. Je hebt je punt gemaakt. En we kunnen zeggen dat het zelfverdediging was. Of dat je Draco hielp". Het was een smeekbede naar haar man. Dat was iets dat ze zelf ook wist. Maar ze kon zo snel niets anders bedenken.
Lucius keek haar aan en knikte langzaam. "Haal jij ze dan maar van de muur".
Even keek Narcissa wantrouwend naar Lucius en liep toen op Daphne af.
"Bombarde" klonk de stem van Lucius. Narcissa kwam in een hoek van het restaurant terecht. De klap die ze tegen de muur maakte was Hard en hoorbaar bij de beuren. Even schudden ze met haar hoofd en keek naar Harry. Daarna sloot ze haar ogen.
"JIJ SCHOFT" gilde Harry. "Dat doe je een vrouw niet aan, heb jij geen respect voor haar".
Lucius snoof bij die woorden en keek naar de hoop dat zijn vrouw was.
"Jij hebt nog heel veel te leren jong. Dat daar is mijn vrouw op papier. Het enige wat ze hoefde te doen was mij een zoon geven. En dat heeft ze gedaan, zoals je ziet. Voor de rest is ze niets van waarde voor mij. Een speel dingetje voor als ik er zin in heb. Of iets wat ik kan slaan als ik mijn agressie even kwijt wil". De woorden van Lucius waren kil en gevoelloos.
Harry die naar Narcissa bleef kijken zag hoe de tranen over haar wangen liepen. Hij wist dat ze nog bij kennis was en dat dit dus erg pijnlijk voor haar had moeten zijn.
Voor Narcissa was het alleen de bittere waarheid dat ze al wist. Lucius had nooit van haar gehouden en zou dat ook nooit doen. Het idee om haar zusje een betere toekomst te geven met Harry deed haar alleen maar sterker maken. Maar nu kon dat niet want de klap tegen de muur was harder geweest dan dat ze had gewild. Vandaar ook de tranen. Gelukkig waren die buiten het zicht van Lucius.
Lucius liep met een paar stappen op Harry af en ging voor hem staan. Langzaam keek hij het restaurant rond en zag dat iedereen bewusteloos was. Nu stond hij met zijn neus tegen over Harry.
"Kijk nou eens hier de grote Harry Potter. Als een vlieg op de muur en geheel aan mij over geleverd. Wat o wat kan ik nu allemaal met hem doen".
Lucius draaide zich om en sloot het restaurant af. De gordijnen deed hij dicht. Het bordje van gesloten hing hij op de deur. Met een stoel die hij zo een drie meter van Harry af zette ging hij zitten. Zijn blik op nieuw op Harry gericht.
Met een snelle beweging haalde hij zijn stok van links naar rechts. Harry gilde en Bella keek om. Over zijn linker arm vlak bij zijn schouder verscheen er een snee. Het was geen diepe maar genoeg om het te laten bloede. De lach van Lucius was kil en vol met leed vermaak.
Nu ook weer klonk de lach van Draco. Draco die inmiddels bij was gekomen keek naar het werk wat zijn vader aan het doen was. Het waren lessen die hij zich lang zou kunnen herinneren. En vooral de manier waarop zijn vader de baas speelde over Harry.
Weer een zwiep van de stok van Lucius en nu verscheen er een snee op zijn rechter arm. Daphne zag het gebeuren en ook hoe het bloed begon te vloeien. En gilde dat hij moest op houden. Lucius keek er alleen maar venijniger door. Zijn lach was killer dan ervoor.
"Sorry Daphne, maar ik was nog niet van plan om te gaan stoppen. Kijk Potter hier heeft mij al teveel ellende gegeven. En nu is het mijn kans om het hem allemaal betaald te zetten".
Daphne keek met grote ogen naar Lucius.
"Harry heeft jou niets misdaan. Niets dat jij zelf niet begonnen bent".
"Zwijg jij slet. Denk je dat nou werkelijk. Harry heeft mij alles misdaan. Hij de jongen die bleef leven.
Maar goed ik zal het jullie het wel vertellen. Het zou mooi zijn dat jullie het weten voor ik hem dood".
Weer zwiepte Lucius met zijn toverstok. Er verschenen nu twee sneeën op zijn boven bennen.
Met een vreugde blik bij het zien van het verbeten gezicht van Harry. Keek Lucius hoe Harry de schreeuw van pijn inhield. Weer verschenen er een paar sneeën over de benen van Harry.
"Bijna twaalf jaar geleden heeft hij daar de heer van het duister uitgeschakeld". Opnieuw verscheen er een snee. Harry beet op zijn onderlip en hield de schreeuw van pijn in. Langzaam begon zijn onderlip te bloeden van de kracht die hij gebruikte om de pijn binnen te houden.
"En aan het begin van het eerste jaar heeft hij daar. Ervoor gezorgd dat mijn Draco niet in Zwadderich kwam. Het heeft mij duizend galjoen gekost om hem daar te krijgen". Harry keek hem met een kleine glimlach aan. Hij wist dat de sorteerhoed de genen was geweest die dat had gedaan, maar dat zou hij niet zeggen.
"Die zoon van jou verdiende het om meteen van school te worden getrapt. Maar ja zelfs de meest verwende kwallen hebben wel eens geluk dat niet gekocht werd. En je had je wens na de kerst was hij in Zwadderich toch, of heb je daar heel veel voor moeten slijmen". Harry keek hem recht in de ogen aan toen hij dat aan Lucius vertelde.
Narcissa zat in een hoekje en verbeet de pijn die ze had toen ze moest lachen over wat Harry haar man aan deed. Ze wist dat Lucius kwaad zou worden, en net als bij Draco zou ook Lucius dan fouten gaan maken. Hij was ten slotte een Malfidus een geen Zwart. Opnieuw zwiepte Lucius zijn toverstok opzij.
"De gil van pijn die Daphne uitschreeuwde ging bij Harry door merg en been. Lucius had even niet opgelet en raakte Daphne met zijn beweging.
"Lucius ik zeg het je eenmaal. Wat je mij aan doet is oke. Maar als je een van hun nog eenmaal raakt dan maak ik jou af" schreeuwde Harry, kil en vol met haat tegen Lucius.
Narcissa die een beetje rechter op was gaan zitten keek in de ogen van Harry. Of het zo was wist ze nog niet zeker, Maar de ogen van Harry glommen. Het was iets dat ze alleen maar bij de sterkste tovenaars onder hun kon zien. Lucius zelf had helemaal niets door en ging weer verder met zijn verhaal. De opmerking van Harry had hij weggewuifd. Wat zou een jongen van twaalf een tovenaar van zijn kaliber aan kunnen doen.
"Toen had hij de durf om mijn heer opnieuw te verslaan door die krinkel te doden. Ja, ik weet daar alles van. Draco heeft het me allemaal verteld. En afgelopen jaar heeft hij ook nog die kleine tegenslag van ons met kerst overleefd". Weer haalde Lucius zijn stok opzij.
"JIJ SCHOFT HEB JIJ EEN KIND ALS HARRY ZO MISHANDELD". Narcissa gilde het uit en Lucius schrok. Opnieuw liet hij zijn stok zwaaien en raakte per ongeluk Bella. Bella gilde het uit van de pijn. Harry keek naar Lucius en werd zelf ook alleen maar kwader.
"Jij hebt Harry met kerst Mishandeld dus daar was jij die dag mee bezig". Gilde Narcissa opnieuw. Lucius had zijn aandacht alleen nog maar op zijn vrouw gericht en keek niet waar hij zwaaide. Harry voelde de pijn van de snij vloeken over zijn lichaam glijden. Maar hij hoorde ook de schreeuwen van Daphne en Bella toe ze geraakt werden.
Het was misschien gemeen van Narcissa maar het was ook de rede dat ze het deed. Zelf kon ze niets meer uithalen wand de klap tegen de muur had meerderen botten gebroken. Wat ze nu deed was alleen maar om Harry boos te krijgen. Ze wist dat hij alles zou doen als het om Bella ging. En dat Bella geraakt werd was ook de bedoeling. Wat haar zuster Andromeda haar had verteld had ze goed onthouden.
Het was nu dat Harry met zijn hoofd begon te zwaaien. Hij keek van Bella naar Daphne en weer terug. Beide zagen de ogen van Harry steeds helderde worden. Zijn magie begon om hem heen te glijden en uit zijn lichaam te stralen. Zijn bewegingen waren schokkerig en hevig. Van uit het niets werd de vloek opgeheven en viel Harry met Bella en Daphne op de grond. Ze zaten alle drie onder het bloed, Maar Harry was nu woedend en voelde niets meer. Hij hielp Bella en Daphne naar een stoel en draaide zich om naar Lucius. Die was nog steeds aan het zwaaien naar de muur waar ze net nog hadden gehangen. Hij was zo druk met het luisteren naar Narcissa dat hij niet eens door had, dat Harry zijn vloek had verbroken.
Narcissa had ze zien vallen en deed er gauw een schepje boven op. Ze keek recht in de ogen van Harry toen hij zich omdraaiden naar haar man. Ze hapte naar adem en dook angstig ineen. Ze wist dat Bella altijd voor de krachtige tovenaar zou vallen. Maar met deze had ze de hoofdprijs. Zelfs Perkamentus zou niet aan zijn magie kunnen tippen als hij kwaad zou zijn. En Harry was nu woest en liet het zien ook.
De plotselinge stilte en de blik van Angst op het gezicht van Narcissa deed Lucius stoppen. Langzaam draaide hij zich om en keek naar de nu woedende Harry die achter hem stond.
"JIJ, jij waagt het om DAPHNE en BELLA pijn te doen". Harry kon het niet helpen om zijn toon van spreken gelijk te houden. Zo boos was hij op Lucius. Met kleine passen liep hij op Lucius af en vernauwde zijn blik. Lucius wierp de ene vloek na de andere vloek op Harry. Narcissa keek met bewondering naar Harry. Een jonge van twaalf verwierp iedere vloek die naar hem werd gegooid. Haar ogen werden in eens groot toen ze zag dat Harry geen toverstok in zijn handen had. Lucius hief opnieuw zijn toverstok omhoog en wilde een spreuk op Harry af gooien.
"Bombarde" schreeuwde Harry, en Lucius vloog naar achteren. "Bombarde" klonk weer de stem van Harry en Lucius vloog de andere kant op. Hij belande in een hoop op de grond net naast Draco.
Harry keek nu naar Daphne en Bella en zag dat ze naast elkaar waren gekropen. Beide hadden bloed over hun armen en benen lopen. Hoe ze daar in elkaars armen lagen deed het bloed van Harry alleen maar meer koken. Opnieuw draaide hij zich om naar Lucius.
Waar Harry de kracht of magie vandaan haalde wist hij niet. Maar Lucius en Draco begonnen beide te zweven. Lucius keek naar Draco en pakte zijn hand.
Voor dat Harry het door had waren ze verdwenen. De ogen van Harry werden groot. En hij zakte in elkaar. Narcissa zag het gebeuren en het verbaasde haar niet. Het was niet de eerste keer dat Lucius haar gewond achterliet. Wat haar wel verbaasde was dat het leek of Harry aan het huilen was. Ze zag hoe Daphne en Bella naar hem toe kropen en hem in hun armen nam. Met veel pijn en moeite kroop ze ook naar hem toe.
"Gaat het Bella". Vroeg Narcissa als eerste. Bella knikte en keek haar zuster recht in de ogen aan.
"Gaat het Daphne" vroeg Narcissa nu aan Daphne. Daphne knikte maar haalde haar ogen en armen niet van Harry af.
"Harry gaat het met jou" vroeg Narcissa nu, en wachtte op een antwoord. Ze keek gespannen naar het schokkende lichaam van Harry. Het was duidelijk dat nu alle spanningen uit het lichaam van Harry kwam en dat overmande hem, dacht ze. Gespannen wachtte ze op het antwoord van Harry.
Harry hief zijn hoofd omhoog en keek in de ogen van Bella. Even kijk hij in de ogen van Daphne en liet zijn hoofd weer zakken.
"Het spijt me dat ik niet snel genoeg was. Ik kon jullie niet eerde redden. En het spijt me dat ik zijn Bombarde niet tegen heb kunnen houden Narcissa. Ik was niet goed genoeg. Ik ben geen goede vriend het spijt me echt".
Narcissa keek met ongeloof naar Harry die voor haar op de grond zat. Deze jonge jongen had net stok loze magie gedaan. Een vorm die alleen de sterkste onder de magiërs konden doen. En hij vond het niet goed genoeg. Ze snoof een beetje bij het ongeloof.
Harry keek op naar Narcissa. Zijn ogen en houding stonden schuldig. Waarom dat begreep ze niet maar hij voelde zich wel zo. Dat was aan alles aan hem te zien.
Bella die hem voorzichtig bij de hand pakte, keek hem vragend aan.
"Harry, jij. Jij hebt ons gered. Jij hebt hem tegen gehouden. Er is niets anders dan dat, je had het nooit beter kunnen doen".
"Maar jij en Daphne zijn gewond. En Narcissa is ook gewond. Dat had ik niet moeten laten gebeuren. Dat mag niet ik hoor jou en Daphne te beschermen".
Harry keek naar Narcissa en bracht zijn ogen meteen naar de grond.
"Een man hoort zijn vrouw te beschermen en niet te slaan. Ik heb dat mijn hele leven al gehad en dat hoort gewoon niet". Narcissa keek van Bella naar Daphne. Beide hadden een droevige blik in hun ogen en wisten wat Harry bedoelde. Met een beetje pijn bracht Narcissa een hand naar de wang van Harry.
"Harry, jij hebt het geweldig gedaan. Jij hebt hem verslagen en hem laten vluchten. Er zijn weinig tovenaars van twaalf jaar die het kunnen zo als jij. En ik ben trots op jou. Hoe jij jouw toekomstige vrouwen en mijn zusje hebt beschermd. Het was heel goed van jou. Ik ben trots op jou en jij bent meer man dan dat Lucius ooit zal zijn. Of is geweest".
Harry gaf een kleine glimlach aan Narcissa. Maar ze kon zien dat hij het niet echt geloofde. Toen de eigenaar van het restaurant de deuren open deed kwam er een iemand meteen naar binnen gerend. En die begroef zich in de armen van Daphne.
