HOOFDSTUK 28: DE ONTMASKERING

Iris gaat snel twee extra stoelen halen voor Merope en mij zodat ook wij kunnen zitten. Gelukkig maar, want ondanks Leandro's geruststelling voel ik me helemaal niet op mijn gemak. Hij heeft gezegd dat er niemand gestorven is. Misschien krijgen we nieuws over Sirrah, denk ik heel even. Maar meteen daarna besef ik dat hij de naam van mijn vriendin dan wel direct genoemd zou hebben. Wat er ook aan de hand is, Leandro wil duidelijk iets vertellen waar ik nog lang van wakker zal liggen.

"Jullie weten al dat Merope en ik officiële toestemming nodig hadden om naar hier te mogen komen," begint hij zijn verhaal. "Voorlopig kan je nog niet vrij tussen het Capitool en de districten heen en weer reizen."

"Gisterenavond laat hebben we op televisie gehoord dat er hier en daar misschien nog kleine groepjes vredebewakers zijn die tegen de nieuwe regering willen vechten," legt Vale kort uit. "Ze hebben geen schijn van kans, maar we moeten toch vermijden dat ze zouden kunnen samenwerken. Al heeft Paylor wel beloofd dat ze van Panem weer één land zal maken. Dus die reiscontrole wordt afgeschaft zodra alle bondgenoten van Snow gearresteerd zijn."

"Dat klopt," bevestigt Leandro. "Gelukkig begrepen de mensen die mijn aanvraag moesten goedkeuren al snel dat Merope en ik niets verkeerds van plan waren. En onze reispassen waren ook snel klaar. Die ben ik zelf in het paleis op de Stadscirkel gaan afhalen, een tweetal uur voor we vertrokken zijn."

"Dan was er toch geen probleem?" vraag ik.

"Alle papieren waren direct in orde," knikt Leandro. "Dat ik zelf soldaat was in het rebellenleger zal wel geholpen hebben, denk ik. Maar onderweg naar buiten ben ik een verkeerde gang in gelopen. Je weet hoe groot het paleis is. Ik kwam per ongeluk terecht in de vleugel voor hoge regeringsleden en ik wou net teruggaan toen ik achter een deur de stemmen van Plutarch en Fulvia hoorde. Ze hadden vreselijke ruzie. Ze waren zo luid tegen elkaar aan het roepen dat ik zelf op de gang bijna alles kon verstaan."

"En jij hebt dat gesprek gevolgd," raadt Doran. "Was dat niet een beetje riskant?"

"Ik mag van geluk spreken dat niemand mij betrapt heeft," geeft Leandro toe. "Maar toen ik hoorde waarover het ging, moest ik wel blijven luisteren. Ze hadden het over die fameuze Wraakspelen."

Leandro pauzeert even en ik zie Doran schrikken. We weten allemaal wat de Wraakspelen zijn. Het idee van Panem Zonder Capitool om vierentwintig tieners met rijke ouders te vermoorden. Wat kunnen Plutarch en Fulvia daar mee te maken hebben?

"Dat plan is nu toch definitief afgevoerd?" vraagt Doran.

"Door President Paylor, ja," zegt Leandro. "Maar blijkbaar had Alma Coin kort voor haar dood besloten om die Wraakspelen echt te laten doorgaan. Er was zelfs al over gestemd."

Ik hou mijn adem in terwijl ik Leandro recht aankijk. Toch weet ik zeker dat ik hem goed heb verstaan, en ik zie nu ook hoe de anderen - die dit verhaal daarstraks al gehoord hebben - bevestigend knikken. Dus kunnen Doran en ik alleen maar luisteren naar wat Leandro nu vertelt. Nog voor de invasie in het Capitool had Coin op tv al beloofd dat ze iedereen die schuldig was aan de uitbuiting van de districten een passende straf zou geven. Na de oorlog hebben de hoogste militairen van 13 dan ook dagenlang gediscussieerd over de vraag wat er moest gebeuren. In sommige districten - vooral 5 en 7 - waren er steeds meer mensen die de executie van alle oorspronkelijke capitoolinwoners eisten. Maar Coin en haar generale staf wisten heel goed dat zoiets simpelweg te veel mensenlevens kostte. De bevolking van Panem zou minstens gehalveerd worden. Daarom besloten ze het andere voorstel van PZC te aanvaarden. Een allerlaatste symbolische hongerspelen met vierentwintig rijke capitoolkinderen.

"Voor zo ver ik de ruzie tussen Plutarch en Fulvia kon volgen, is één van die terroristen erin geslaagd om zelf met Coin te gaan praten. Vraag me niet hoe hij dat voor elkaar gekregen heeft, dat weet ik niet. Maar het resultaat was dus dat Coin besloot om de Wraakspelen echt te organiseren in een oude arena die volledig opgeknapt zou worden. Blijkbaar is het hele idee later ook goedgekeurd in één of andere stemronde, maar dat heb ik niet zo goed begrepen. Ik moest er trouwens ook op letten dat niemand zag hoe ik stiekem bij die deur stond te luisteren. Dan zouden ze de reispassen van Merope en mij zeker ingetrokken hebben, want dat gesprek was duidelijk niet voor ons bedoeld."

"En hoe dachten Plutarch en Fulvia zelf over de Wraakspelen?" vraagt Doran met een stem waaraan je kan horen dat hij even erg geschrokken is als ik.

"Fulvia noemde het een geschift plan," antwoordt Leandro meteen. "Dat heb ik haar letterlijk zo horen zeggen, en ze riep ook dat ze er nooit aan had willen meewerken als het toch was doorgegaan. Maar Plutarch …"

Leandro stopt halverwege zijn zin en staart ongelukkig voor zich uit. Alsof hij iets moet vertellen dat hem heel erg dwarszit.

"Wat zei Plutarch?" dringt Doran aan.

"Die vond de Wraakspelen geen enkel probleem, ook al had hij het dan niet zelf bedacht. Coin en hij hadden op de ochtend van de stemming al afgesproken dat hij opnieuw Hoofdspelmaker zou worden moesten die Spelen er effectief komen. Daar was Fulvia razend kwaad om."

Heel even vraag ik me af of Leandro echt meent wat hij zegt. Plutarch die vrijwillig meewerkt aan een nieuwe editie van de Hongerspelen, terwijl hij één van de belangrijkste rebellenleiders is geweest? Als Hoofdspelmaker dan nog wel? Maar vreemd genoeg merk ik dat ik me toch niet helemaal verbijsterd voel. Nog voordat ik daar wat beter over kan nadenken, gaat Leandro alweer verder met zijn uitleg.

"Herinneren jullie je nog het verhaal over die ene vrouw die uit het Capitoolverzet is gestapt?" vraagt Leandro. "Vale, Iris en ik denken nu dat zij er uiteindelijk toch niet zo ver naast zat."

Heel even vraag ik me af waarover het precies gaat. Maar na enkele seconden in mijn geheugen graven weet ik het weer. Vorig jaar, nog voordat de kaart van de Kwartskwelling werd voorgelezen, hebben Doran en Leandro me iets verteld over een vrouw die onze groep verliet omdat ze Plutarch niet meer vertrouwde. Zij dacht dat hij niet eens tegen de Hongerspelen was, maar gewoon graag een echte oorlog wou uitvechten. Voor zijn eigen eer, om een plaats in de geschiedenisboeken te verdienen. Toen vond ik dat allemaal heel vergezocht en ook mijn twee vrienden van de Garage geloofden het niet echt. Zouden wij ons zo erg in Plutarch vergist hebben?

"Ik heb het oorlogsnieuws altijd op de voet gevolgd," onderbreekt Vale mijn gedachten. "Meer dan jullie. Zeker in het begin, toen jij en Doran zo vaak in het ziekenhuis moesten werken. Plutarch is een paar keer op tv geweest en soms vond ik dat hij wel heel erg zakelijk deed. Hij leek niet echt wakker te liggen van alle doden en gewonden zolang het rebellenleger genoeg vooruitgang maakte. Maar zonder hem hadden we deze oorlog nooit kunnen winnen, denk ik."

Nog voordat Vale uitgesproken is, komt er bij mij een tweede herinnering naar boven. Plutarch die tijdens onze crisisvergadering - toen hij uitlegde hoe hij de winnaars uit de arena zou halen - beweerde dat hij het krachtveld niet zomaar voor een langere tijd mocht afzetten. Hij zei dat hij eventueel een andere tribuut kon doden en onze hovercraft samen met die van Snow de arena in sturen, maar dat hij het niet op die manier wou doen om geen ruzie te krijgen met het district van het slachtoffer. Alsof dat gewoon een tactische beslissing was. Over de levens van de tributen zelf leek hij zich toen eigenlijk weinig zorgen te maken. Die avond had ik niet echt de kans om er verder over na te denken. Maar nu doe ik dat wel. En ik krijg er een steeds slechter gevoel bij. Net als Doran, die aan zijn vingernagels zit te prutsen. Dat doet hij alleen als hij zenuwachtig is.

"Leandro heeft jullie nog niet alles verteld," zegt Vale ernstig.

"Ik vond net dat ik wel genoeg had gehoord en stond op het punt om terug te gaan toen Fulvia ineens jouw naam noemde, Aludra. Die terroristen van PZC wilden dat jij ook aan de Boete in het Capitool zou meedoen. En wat nog veel erger is, Plutarch heeft geweigerd om voor jou een uitzondering te maken."

Ik voel al het bloed uit mijn gezicht wegtrekken en ook Doran wordt lijkbleek. Maar het vervolg van Leandro's verhaal maakt alles akelig duidelijk. Panem Zonder Capitool had lang geleden al een hele lijst met namen van rijke capitooltieners klaarliggen. Ook ik stond daartussen, vanwege het beroep van mijn vader. Als CEO wist hij goed genoeg in welke omstandigheden de districtsinwoners moesten werken om de goederen voor zijn supermarkten te leveren. Maar na de reeks moorden die PZC zelf gepleegd heeft, zijn slechts zestien jongens en veertien meisjes van hun lijst nu nog in leven. Het was de bedoeling dat men alle tributen voor de Wraakspelen uit die groep zou kiezen, via een trekking die op exact dezelfde manier werd gehouden als de traditionele Boeteceremonie. Wat betekent dat de namen van oudere kinderen vaker in de pot gaan.

"Ik ben niet zo goed in wiskunde als Rana, zegt Leandro, "maar van die veertien meisjes moesten er dus twaalf naar de arena en Aludra is met haar zeventien jaar vast één van de oudste. Ze zou er zo goed als zeker bij zijn geweest. Plutarch moet dat ook geweten hebben, en toch heeft hij doelbewust haar naam niet van de lijst laten halen. Fulvia was woedend. Blijkbaar had ze het pas die ochtend toevallig ontdekt. Ik kan jullie zeggen dat ze Plutarch letterlijk de huid vol heeft gescholden. Ze schreeuwde dat Aludra niet haar speciale lievelingetje of zo was, maar dat niemand het verdient om op die manier afgedankt te worden."

Mijn hart slaat een paar slagen over en ook Dorans mond zakt open. Heeft Plutarch echt geweigerd om te verhinderen dat ik als tribuut een vrijwel zekere dood tegemoet zou gaan? Terwijl ik hem als spionne juist heb geholpen? Iets wat Merope duidelijk ook niet snapt, want ze vraagt het luidop voordat Doran en ik kunnen reageren.

"Was het nu echt zo moeilijk om gewoon te zeggen dat Aludra niet aan die Spelen mocht meedoen? Hij was toch zelf één van de hoogste rebellenleiders?"

"Leandro, Iris en ik hebben er daarstraks heel lang over gepraat," antwoordt Vale. "En wij denken dat we het nu misschien wel weten. Volgens ons kan het Plutarch inderdaad weinig schelen wat er met andere mensen gebeurt. Zolang hij zelf zijn doel maar bereikt. Ook al heeft hij nu samen met district 13 de oorlog gewonnen, Plutarch vindt dat het hem slecht uitkomt als hij Aludra's naam zou schrappen. Blijkbaar zijn ze bij PZC van mening dat elke capitoolinwoner die lid was van het Verzet dat alleen maar gedaan heeft om veilig te zijn moesten de rebellen winnen."

"Zo heb ik het Plutarch letterlijk aan Fulvia horen vertellen," bevestigt Leandro. "En om heel eerlijk te zijn, mij zou het ook niet verbazen als PZC op die manier redeneert."

Daar moet ik Leandro helaas gelijk in geven. Ik was zelf al bang dat ze ons zo zwart-wit zouden zien. Voor sommige districtsinwoners leek het vroeger ongetwijfeld alsof wij alleen maar bezig waren met eten en naar de Spelen kijken terwijl zij verhongerden. Geen wonder dat ze ons egoïstisch vonden. Ook al weten de mensen van Kivo's dorp nu dat het net een beetje anders in elkaar zit, waarschijnlijk zullen die terroristen er altijd zo over blijven denken.

"Maar Panem Zonder Capitool kon Plutarch en Coin toch niet dwingen om Aludra in de pot te steken?" vraagt Merope.

"Heel juist," zegt Leandro meteen. "Plutarch was machtig genoeg om dat tegen te houden als hij het had gewild. Maar hij deed het met opzet niet omdat hij dacht dat PZC er een probleem van zou maken. Door uitzonderingen toe te staan, zijn we niet consequent en komt er misschien protest vanuit de districten. Zijn eigen woorden, hij heeft dat echt zo tegen Fulvia gezegd. Blijkbaar was dat voor Plutarch belangrijker dan de levens van de tieners die naar de Wraakspelen moesten. Ook al zouden daar zeker tributen bij geweest zijn wiens ouders hij goed kende omdat ze allemaal uit een rijke familie kwamen. Fulvia was razend kwaad toen ze zo'n antwoord kreeg. Dat Plutarch bereid was om zelfs Aludra te laten meedoen, vond ze al helemaal onbespreekbaar."

"De smeerlap," gromt Doran met een stem vol woede en zijn handen tot vuisten gebald. "Als ik hem nog eens tegenkom krijgt hij er spijt van."

Ik schrik even, want zo boos heb ik Doran nog nooit gezien. Hij is zeker sterk genoeg om Plutarch het ziekenhuis in te slaan als hij dat echt wil. En hij zou het nu misschien nog durven ook. Stiekem ben ik opgelucht dat Plutarch een heel eind bij ons vandaan zit. Dan kan Doran tenminste geen domme dingen doen.

"Ik vrees dat wij ons allemaal heel erg in Plutarch vergist hebben," gaat Leandro verder. "Fulvia heeft hem tijdens die ruzie nog veel meer verwijten naar het hoofd geslingerd. Ik hoorde hem zeggen dat zij in de nacht van Aludra's ontvoering nooit naar de loketten van het vredebewakerskantoor had mogen bellen. Plutarch verweet haar dat ze zo het plan van de rebellen in de war had kunnen sturen, zeker omdat ze toen op het punt stonden om Katniss en de andere tributen uit de arena te halen. Maar Fulvia riep boos dat Aludra het verdiende om gered te worden. Want als spionne had je best nuttig werk geleverd. Ze heeft daarna nog eens jouw kant gekozen, iets met het 'in onze herinnering'-spotje van Kivo dat volgens Plutarch te laat op tv kwam. Maar dat heb ik niet helemaal kunnen verstaan."

"Ik denk dat ik weet wat Fulvia bedoelde," antwoord ik. "Zij heeft er voor gezorgd dat die propo pas na de verovering van district 10 werd uitgezonden, zodat er hier geen vredebewakers meer rondliepen die mij zouden kunnen arresteren. Dat risico wou Fulvia niet nemen, ook al moest ik in het filmpje doen alsof de rebellen me naar 13 hadden gebracht."

"Ik ben nog altijd blij dat jullie het zo aangepakt hebben," zegt Noria. "Wij waren zeker mee gestraft als de regering van Snow ooit ontdekt had dat jij hier was ondergedoken."

"Daar zal Fulvia ook wel aan gedacht hebben," vul ik aan. "Toen ik samen met haar naar district 13 ging, vertelde ze iets over Plutarch die liever wou dat het filmpje direct al werd uitgezonden. En dat vond zij dus geen goed idee."

"Kan je je nog precies herinneren wat Fulvia zei?" vraagt Andrew.

"Nee," geef ik toe. "Maar het waren haar propo's, dus zij koos wanneer ze op tv kwamen."

"Dan vrees ik dat ik het begin te snappen," zegt Leandro. "Fulvia beschuldigde Plutarch ervan dat hij wel heel snel bereid was om zijn spionnen op te offeren in de oorlog. Ook als het niet echt strikt nodig was. En uiteindelijk hebben we district 10 ook zonder dat spotje kunnen veroveren."

"Het was trouwens de juiste beslissing om het pas na de bevrijding uit te zenden," voeg Iris er aan toe. "Wij liepen geen gevaar meer en iedereen vond Aludra's verhaal over Kivo heel interessant."

"Wacht even," onderbreekt Doran haar. "Dus volgens jullie wou Plutarch die propo al op televisie krijgen terwijl de gevechten hier nog bezig waren, gewoon omdat hij dat tactisch beter vond? Ook al hadden de vredebewakers dan nog een kans om ons te arresteren?"

"Dat is inderdaad wat wij denken," bevestigt Vale. "Blijkbaar kon het hem niet echt veel schelen wat er misschien met jou en Aludra zou gebeuren. Zolang hij de oorlog in district 10 maar kon winnen."

Het duurt even voordat Vale's woorden tot me doordringen. Maar dan besef ik dat hij waarschijnlijk gelijk heeft. Een andere logische verklaring is er niet. Net wanneer ik tot die conclusie gekomen ben, zegt Leandro iets dat mijn vermoedens nog verder bevestigt.

"Een mensenleven meer of minder maakte hem hoe dan ook niets uit. Blijkbaar was het bij die overval in district 6 eerst de bedoeling dat Amalthea de andere treinbestuurder zou uitschakelen door hem te vermoorden. Fulvia heeft dat tegen het advies van Plutarch in laten veranderen naar 'verdoven' omdat ze wist dat Amalthea haar collega nooit zomaar zou willen doden. Ik heb Fulvia tijdens die ruzie horen zeggen dat je geen levens moet verspillen als het ook anders kan, maar dat snapte Plutarch volgens haar nog steeds niet. Voor hem telt enkel het resultaat. Ze vroeg hem ook nog iets over een gesprek met een verkenner van het rebellenleger in het Capitool waar zij niet bij had mogen zijn. Maar Plutarch antwoordde dat die informatie top secret was, en dat ze zeker niet moest proberen om uit te zoeken wat hij en Coin tijdens die vergadering op de voorlaatste dag van de oorlog hadden beslist. Dus ik kan jullie er zelf ook niets over vertellen. Daarna ben ik weggegaan, want ik vond dat ik wel genoeg had gehoord. Het was trouwens te riskant om nog langer bij die deur te staan luisteren."

"Daar heb je verstandig aan gedaan," zegt Doran. "Je was zeker in de problemen geraakt als iemand je betrapt had."

"Ik heb eigenlijk erg veel geluk gehad," antwoordt Leandro. "Ik was nog maar net voorbij de hoek van de gang gelopen toen Fulvia de kamer uit ging. Ze schreeuwde nog tegen Plutarch dat ze nooit meer zijn assistente wou zijn en daarna heeft ze de deur met een klap dichtgegooid. Ik ben er snel vandoor gegaan voordat ze mij zou zien. Gelukkig moest ik gewoon de volgende gang nemen om weer in de juiste vleugel van het paleis te komen. En onze reispassen had ik toch al op zak. Vijf minuten later stond ik alweer buiten. Maar ik heb nog lang over die ruzie nagedacht, dat kan ik jullie wel vertellen."

"Ik vrees dat Plutarch niet de man is die we dachten dat hij was," zegt Iris uiteindelijk. "Misschien is hij daarom wel zo machtig geworden. Al vraag ik me af hoe ik dat het best aan jullie kan uitleggen."

"Hoeft niet," antwoord ik bitter, "want ik snap al wat je bedoelt. Ik weet dat er zo'n mensen bestaan. Mijn vader zat in de zakenwereld en daar kwam je ze wel vaker tegen. Ze zijn zo erg bezig met geld en hun carrière dat ze er alles voor zouden doen. Ook als iemand anders ervoor moet opdraaien. Het interesseert hen helemaal niet wat de gevolgen voor andere mensen zijn, zolang ze er zelf maar profijt uit halen. En als ze jou niet meer nodig hebben, dan word je gewoon afgedankt. Het ergste is nog dat bijna niemand iets doorheeft omdat zulke mensen zich vaak heel keurig voordoen terwijl ze eigenlijk meedogenloos zijn."

"Vaak worden ze juist rijke zakenlui die het zogezegd gemaakt hebben in het leven," vult Doran aan.

"Ik denk dat jullie toch gelijk hebben," zeg ik gelaten. "Plutarch is ook zo iemand en wij zijn er allemaal met open ogen in getrapt. Zelfs Fulvia."

"Heeft hij daarom bevolen dat Katniss nooit iets over de daklozen in het Capitool mocht weten?" vraagt Enya na een korte stilte. "Ik heb dat altijd een rare beslissing gevonden."

"Dat zou inderdaad heel goed kunnen," zegt Leandro. "Toen ik na de bevrijding van Peeta in district 13 aankwam kreeg ik zelf ook te horen dat ik absoluut mijn mond moest houden daarover, zodat Katniss en haar vrienden niets zouden ontdekken. Plutarch dacht dat Katniss zo een betere rebellenleidster zou zijn. Het maakt eigenlijk weinig uit of hij daar gelijk in had of niet. Feit is dat hij haar nooit de waarheid heeft gegund terwijl ze daar volgens mij wel recht op had. Hij vond Katniss vast alleen maar interessant als Spotgaai die zijn revolutie kon steunen. Dat ze daarvoor met een verkeerd beeld van het Capitool moest blijven rondlopen, speelde voor hem blijkbaar geen rol."

"Ik denk dat je er niet eens zo ver naast zit," antwoordt Iris. "Dat zou inderdaad verklaren waarom hij er zo'n probleem van maakte."

"Nu begrijp ik alles," zegt Doran opeens. "Weet je nog, Vale, dat wij ons tijdens die toestand met het drinkwater afvroegen of Plutarch zich geen zorgen maakte over zijn ouders en zus in het Capitool? Hij lag dus inderdaad niet echt wakker van wat er misschien zou gebeuren. Als zijn oorlog maar een succes was."

Nog voordat Dorans woorden koud zijn, herinner ik me die dag weer alsof het gisteren was. Ik heb dat gesprek tussen Doran en Vale toevallig kunnen horen. Ook al is er nog steeds niemand die dat weet. Het leek wel alsof Doran er toen voor de eerste keer aan twijfelde of we Plutarch wel echt konden vertrouwen. En die vrees was dus terecht. Ik heb zelf het glimlachje op Plutarchs gezicht gezien toen ik met hem telefoneerde vanuit de Winnaarswijk. Nu pas besef ik wat het betekende. Hij kon alleen maar aan de verovering van district 9 denken. Dat er in het Capitool misschien honderden burgerdoden zouden vallen, was voor hem niet zo belangrijk. Net zoals mijn leven in zijn ogen weinig waarde heeft. Hij is zelfs bereid om me naar de Wraakspelen te sturen, ook al ben ik uit vrije wil één van zijn spionnen geweest. Een paar minuten lang blijven we bedrukt zwijgen. Iedereen is teleurgesteld omdat we op deze manier verraden zijn. Het masker van Plutarch is afgevallen. Uiteindelijk is Vale de eerste die iets zegt.

"Ik weet dat dit misschien nogal cru klinkt, maar ik raad jullie aan om het gewoon los te laten. Alle districten in Panem zien Plutarch nu als een rebellenleider en hij is tot minister benoemd. Dat vind ik onrechtvaardig na alles wat we vandaag van Leandro gehoord hebben, maar volgens mij weet president Paylor nog niet de helft van wat wij nu weten. We kunnen er toch niets aan veranderen. Maar ik denk dat Plutarch ons wel met rust zal laten als wij nu gewoon onze mond houden. Sinds de val van het Capitool heeft hij niet veel meer van zich laten horen. De oorlog is voorbij, dus hij heeft Aludra en Doran niet meer nodig als spionnen."

En daarom worden we gedumpt, denk ik sarcastisch. Maar tegelijk weet ik dat Vale het bij het rechte eind heeft. Een tweetal weken na de capitulatie is Plutarch op tv geweest om te verklaren dat het Capitoolverzet officieel ontbonden is. We hebben immers ons doel bereikt. Maar Plutarch heeft de leden van onze groep eigenlijk nooit echt bedankt, zoals Milo deed toen hij na de verovering van district 10 dat bericht op de achterzijde van Vrij Panem liet publiceren. Moest dat wel zo zijn, dan zou Doran het zeker aan mij verteld hebben. En nu weet ik dat het waarschijnlijk ook nooit zal gebeuren.

Met gebogen hoofd slof ik achter de anderen aan wanneer we terug naar het huisje van Kivo's ouders wandelen. Vannacht zal Doran bij Merope en Leandro in de ziekenhuistent blijven. Gelukkig heeft Noria een fakkel bij zich, want het is al bijna helemaal donker buiten. Daarstraks waarschuwde Leandro me al dat Doran en ik niet blij zouden zijn met zijn verhaal. En ik hou er inderdaad een raar, misselijk gevoel in mijn maag aan over. Plutarch was nooit een tegenstander van de Hongerspelen. Hij heeft ons en de rest van het Capitoolverzet - nee, alle rebellen in Panem - alleen maar gebruikt om zijn oorlog te winnen en als een groot veldheer herinnerd te worden. Misschien had de brief waarin stond dat ik bij het Verzet werd toegelaten al een eerste aanwijzing voor me kunnen zijn. Mogen de kansen immer in je voordeel zijn, had Plutarch onderaan geschreven. Elke inwoner van het Capitool is opgegroeid met die zin, en juist daarom had ik toen helemaal niets in de gaten. Of wou ik het gewoon niet zien omdat er op dat moment voor mij al geen weg meer terug was? Maar alle leden van het Capitoolverzet zijn in Plutarchs val getrapt. Van mensen zoals Timothy, Amalthea en Doran kan je zeker niet zeggen dat ze dom of naïef zijn. Zelfs Fulvia heeft blijkbaar nog maar kort geleden beseft wie Plutarch echt is. Eigenlijk verbaast me dat niet eens zo erg. Ik heb genoeg verhalen over rijke zakenmannen gehoord om te weten dat mensen zoals zij meesters zijn in het manipuleren en bedriegen van anderen. Juist daar hebben ze hun macht en status aan te danken.

Wanneer ik een kwartier later in mijn bed op de hooizolder lig, vraag ik me af wat er gebeurd zou zijn als president Paylor het idee van de Wraakspelen niet definitief had afgevoerd. Mijn vrienden hadden vast geprobeerd om mij te redden. Maar de kans dat ze daarbij betrapt werden, was vrij groot. En dan had ik toch nog naar de arena gemoeten, samen met drieëntwintig andere capitoolkinderen. Zou ik een kans gemaakt hebben om te winnen? Daar geloof ik niet in. Als verpleegster weet ik nu wel meer over wonden en ziektes dan de meeste tributen. Maar in de Spelen zijn kracht, uithouding en het vinden van voedsel veel belangrijker. En vooral: ik zou geen andere mensen kunnen doden. Toen ik in district 6 de vredebewaker aanviel die Shaula bedreigde, deed ik dat in een vlaag van blinde woede. Nog nooit had ik iemand zo erg gehaat. Toch stak ik mijn mes in zijn schouder en niet tussen zijn ribben. Ik betwijfel of ik ooit tot een echte moord in staat zou zijn. En dan kan je de Hongerspelen onmogelijk winnen.

Dus eigenlijk heeft Katniss mijn leven gered toen ze Coin neerschoot, denk ik terwijl ik met wijdopen ogen naar het plafond lig te staren. Want anders zouden de Wraakspelen wel doorgegaan zijn. Het is een bizarre gedachte. Katniss vermoordde mijn moeder, maar dankzij haar zal ik nu zelf niet sterven in de arena. De vraag is alleen hoe ik de draad van mijn eigen leven weer moet opnemen. Ook al heb ik nu vrienden die me willen helpen, dat weet ik nog steeds niet.


De volgende ochtend word ik pas laat wakker. Het eerste waar ik aan denk, is ons gesprek met Leandro gisteren. Ik voel me nog altijd verraden. Doran en ik hebben meermaals onze levens op het spel gezet om de rebellen te helpen, en dit is hoe Plutarch ons ervoor beloont. Maar toch zie ik dat deze keer niet als een reden om de hele dag in bed te blijven liggen. Vannacht, vlak voordat ik in slaap viel, heb ik besloten dat het idee van Vale nog niet eens zo slecht is. Misschien moet ik inderdaad proberen om deze oorlog achter me te laten en verder te gaan met mijn leven. Ook al zal ik mezelf de dood van mam nooit kunnen vergeven, niemand schiet er iets mee op dat ik zelfmoord pleeg zoals ik de vorige weken weleens heb overwogen. Al had ik niet het lef of de energie om het echt te doen. Maar nu Merope en ik elkaar hebben teruggevonden, weet ik dat ik nooit helemaal alleen zal zijn.

Ik kleed me warm genoeg aan om in dit koude weer naar buiten te kunnen en daal de ladder af. Noria en Andrew zijn net de tafel aan het dekken. Ik zeg hen dat ik na het ontbijt naar Vale en Iris wil gaan om te vragen of ik bij hen een bad mag nemen. Noria heeft me lang geleden al eens verteld dat zij thuis een zinken teil en een elektrisch kacheltje hebben klaarstaan voor iedereen in dit dorp die zich 's winters wil wassen. Pas gisteren besefte ik hoe erg ik mezelf de laatste tijd verwaarloosd heb. Mijn haren hangen in vettige slierten naar beneden en zelfs mijn kleren ruiken muf. Eigenlijk verbaast het me dat niemand er ooit iets over heeft gezegd. Misschien durfden ze niet uit schrik om me nog verdrietiger te maken. Maar nu vind ik dat het zo niet langer kan. Ik wil me weer proper voelen.

Drie kwartier later sta ik in de keuken van Vale en Iris met een bad lauwwarm water voor mijn voeten. Iris heeft me een stuk zeep en een fles shampoo gegeven. Ik schakel het verwarmingstoestelletje in dat ze op het aanrecht heeft neergezet, leg al mijn kleren opzij en begin mezelf van kop tot teen schoon te wrijven. Met mijn kapsel ben ik het langst bezig. Ik heb er nauwelijks aandacht aan besteed sinds mam dood is en nu zijn mijn haren één warrige massa geworden. Uiteindelijk moet ik de ergste klitten zelfs met een schaar wegknippen. Maar nadat ik een borstel door mijn losse haren gehaald heb en een paar minuten voor het elektrische vuurtje ben gaan zitten om ze te laten drogen, voel ik me veel beter dan ik sinds weken heb gedaan.

Ik zet het verwarmingstoestel uit en trek dan de trui met rolkraag en de lange rok aan die Iris speciaal voor mij uit haar kleerkast heeft gehaald. Het is niet helemaal mijn maat, maar voorlopig kan ik het hier wel even mee doen. In ieder geval tot mijn eigen kleren weer schoon zijn. Noria heeft al beloofd dat ze vandaag nog voor een emmer sop zal zorgen. En Lucas zal er vast geen probleem van maken dat ik straks alles in de ziekenhuistent ophang om het te laten drogen.

Ik heb me net weer aangekleed wanneer ik op de vensterbank het meest recente exemplaar van Vrij Panem zie liggen. Sinds het einde van de opstand is dat geen illegaal verzetsblaadje meer. De redactie heeft toelating gekregen om verder te gaan als een gewone krant die nu één keer per week verschijnt. Het is niet moeilijk te raden waarom die krant hier rondslingert. Vale ontbijt meestal in de keuken, waarbij hij graag iets leest als dat kan.

De grote kop op de voorpagina trekt meteen mijn aandacht. INVAL BIJ PANEM ZONDER CAPITOOL KENT DODELIJKE AFLOOP, staat er gedrukt. Daar wist ik helemaal niets over. Dit moet gisteren ongetwijfeld het tv-journaal gehaald hebben, maar wij waren toen allemaal naar Leandro's verhaal aan het luisteren. Ik neem snel de krant van de vensterbank en begin het volledige artikel te lezen.

Na de toespraak waarin Paylor zei dat ze van Panem weer één land wil maken, heeft PZC 's nachts een aanplakbericht omhoog gehangen vlak bij het marktplein van district 5. Ze schreven dat onze nieuwe president de rebellen op de ergst mogelijke manier verraadde door de Wraakspelen af te schaffen en te hopen op een samenwerking tussen het Capitool en de districten. Maar PZC zou niet rusten voordat alle capitoolinwoners hun verdiende loon gekregen hadden. Toen Paylor dat nieuws hoorde, liet ze een aantal mensen uit de entourage van Coin ondervragen om de schuilplaats van die terreurorganisatie te kunnen vinden. Het bleek te gaan om een adres ergens in de hoofdstad van district 5 waar alle leden van PZC - zeven in totaal - samenwoonden. Gisteren werd er in het grootste geheim een arrestatieteam naar ginder gestuurd. Ze moesten de terroristen gevangennemen zonder hen te doden, tenzij het echt niet anders kon. Paylor besefte dat deze zaak in de districten misschien gevoelig zou liggen en wou met haar actie ook een duidelijk signaal geven. Volgens haar kan blinde wraak nooit een oplossing zijn. Want juist die houding heeft vijfenzeventig jaar geleden tot de Hongerspelen geleid. Dus besloot ze dat zelfs deze terroristen ondanks alles recht hadden op een eerlijk proces.

Omdat het team uitdrukkelijk de opdracht had gekregen geen onschuldige slachtoffers te maken, lieten ze elk gebouw in een straal van honderd meter ontruimen nadat ze het huis van Panem Zonder Capitool omsingeld hadden. Het duurde ruim een kwartier voordat iedereen naar een veilige plek was gebracht. Maar toen de commandant van het arrestatieteam door een megafoon naar de terroristen riep dat ze ongewapend naar buiten moesten komen, was er achter de ramen geen beweging meer te zien. Het kon een valstrik zijn, dus zat er niets anders op dan het huis met geweld te bestormen.

De soldaten van Paylor beukten de voordeur in en gingen heel voorzichtig naar binnen. Op de eerste verdieping vonden ze de dode lichamen van alle zeven terroristen. Het korte afscheidsbriefje op tafel - haastig geschreven tijdens de evacuatie van de buurtbewoners - maakte duidelijk wat er gebeurd was. De leden van Panem Zonder Capitool stierven nog liever dan zich over te geven aan een president die haar eigen volk in de steek liet. Volgens hen had de revolutie niets opgeleverd en zou er ook nooit meer iets veranderen. Dus besloten ze om de eer aan zichzelf te houden en het nachtschotextract te drinken dat ze altijd op zak hadden voor noodgevallen. De urgentiearts die met het team was meegestuurd, kon alleen maar hun overlijden vaststellen.

Symbolischer kan het haast niet. Katniss begon deze opstand met een handvol nachtschotbessen, en het was ook de naam van de pillen die elke soldaat van Sterrenteam 451 bij zich droeg. Gisterenavond heeft Paylor al kort gereageerd op de gebeurtenissen in district 5. Ze vind het jammer dat de terroristen zelf voor de dood gekozen hebben en ze hoopt dat niemand hun voorbeeld zal volgen. Ik ben net bij de laatste paar zinnen van het artikel wanneer Vale de keuken binnenkomt.

"Neem die krant maar mee hoor," zegt hij. "Ik heb hem daarstraks toch al helemaal uitgelezen. Eigenlijk verbaast het me niet echt dat het zo geëindigd is met Panem Zonder Capitool. Als je alleen in termen van haat en wraak kan denken, dan heb je niets meer te verliezen."

"Waar zijn Doran en Enya?" vraag ik omdat ik niet goed weet hoe te reageren. "Ik heb hen vandaag nog niet gezien."

"Die zitten in de ziekenhuistent. Ze zijn nu de brandwonden van Leandro en Merope aan het verzorgen, en ze hebben jou laten slapen omdat we dachten dat je moe was. Doran en Leandro komen trouwens tijdelijk bij ons logeren zodra de tent weggaat, dat hebben we vanochtend samen afgesproken. Merope en jij kunnen dan gewoon bij de familie Morrison blijven."

"Dat is misschien nog het beste," antwoord ik. "Andrew en Noria hebben geen plaats voor ons allemaal."

Even later loop ik met Vrij Panem opgevouwen onder mijn arm door het dorp terwijl ik nadenk over wat Vale gezegd heeft. Als die terroristen echt geloofden dat Paylor alle districten verraadde door voor verzoening te pleiten en de revolutie in hun ogen dus geen zin had, dan moeten ze wel gedacht hebben dat er helemaal geen toekomst meer was. Niet voor hen en niet voor Panem. Misschien was zelfmoord voor hen inderdaad de enige uitweg, beter dan in handen van hun vijand te vallen. Ik hoop dat ik zelf nooit zo erg door haat verblind zal worden. Het is nauwelijks te vatten dat zo'n kleine groep mensen - zeven in totaal - iedereen zo bang heeft kunnen maken. Maar het gevaar voor Wraakspelen of nieuwe moorden in het Capitool is nu in ieder geval geweken.

De woonkamer is leeg wanneer ik het huisje van de familie Morrison binnenkom. Andrew en Noria moesten vandaag schapen hoeden. De anderen zijn natuurlijk nog altijd in de ziekenhuistent. Ik ga naar boven, leg me op bed en begin de rest van de krant rustig te doorbladeren. Op pagina zes zie ik een bericht staan dat ik niet had verwacht. Ik lees het artikel grondig door en blijf dan minutenlang roerloos zitten, met al mijn aandacht gericht op het idee dat zich nu in mijn hoofd vormt. Zou zoiets echt lukken? vraag ik me af. Met de hulp van mijn vrienden misschien wel. Maar eigenlijk voel ik dat ik mijn besluit al genomen heb. Dit is wat ik met mijn leven wil doen nu de oorlog afgelopen is.


Ik hoop dat ik mijn lezers niet te erg teleurgesteld heb met dit hoofdstuk, want er zijn toch een paar dingen gebeurd die jullie misschien niet verwacht hadden. Maar anderzijds heb ik er ook grondig over nagedacht en vind ik zelf dat het allemaal wel logisch in elkaar zit.

Plutarch is dus niet de man die Aludra dacht dat hij was. Misschien komt dit ook voor mijn lezers als een verrassing, maar voor mij persoonlijk was er echt geen andere conclusie mogelijk nadat ik Spotgaai had gelezen. Suzanne Collins is er helaas nooit letterlijk op ingegaan - ik denk dat ze dit aan de verbeelding van haar lezers wou overlaten - maar haar boek bevat toch heel wat aanwijzingen dat er iets niet klopt met het karakter van Plutarch. Hij zegt soms dingen die op een totaal gebrek aan empathie wijzen, en andere personages zeggen soms ook opvallende dingen over hem. Toen ik al die puzzelstukjes bij elkaar legde, kon ik zelf alleen maar besluiten dat Plutarch echt is zoals ik hem in mijn eigen verhaal heb beschreven. Iets anders zou voor mij niet logisch gevoeld hebben. Eerlijk gezegd vind ik zelfs dat de filmserie hem te vriendelijk en te oprecht heeft neergezet. Maar ik snap dat niet iedereen het met mij eens zal zijn wat Plutarch betreft.

Ook over de zelfmoord van alle PZC-leden heb ik vooraf nagedacht. Het was zeker niet mijn bedoeling om deze verhaallijn abrupt af te sluiten. Voor mij is dit juist het meest logische einde. Jullie mening erover lees ik uiteraard graag in een review!

Tot slot nog een praktische mededeling. Het zat er al een hele tijd aan te komen en nu is het ook echt zover: Ik heb mezelf ingehaald. Zoals jullie weten, heb ik helemaal aan het begin van mijn verhalenserie een groot aantal hoofdstukken vooruit geschreven. Op deze manier kon ik altijd netjes op tijd updaten. Maar de laatste maanden had ik minder tijd om te schrijven, dus het aantal 'reservehoofdstukken' werd steeds kleiner en kleiner … Momenteel ben ik volop bezig aan hoofdstuk 29. Dit is nu dus nog niet volledig klaar. Ik kan jullie echter wel zeggen dat 'De prijs van de vrijheid' in totaal ongeveer 30 hoofdstukken zal tellen. Het einde nadert, ik ben meer dan ooit besloten om mijn verhaal echt helemaal af te werken! Ik hoop dat jullie - ondanks het feit dat de updates vanaf nu trager en onregelmatiger zullen zijn- mij niet in de steek zullen laten. Samen gaan we naar de finish ;-)