Judith zit met haar benen onder zich op de zetel, verdiept in een boek. Naast haar scrolt Tom op zijn tablet.
"Schat, welk wiegje vindt gij het mooist?", vraagt hij plots, terwijl hij met een brede glimlach het scherm naar haar toe draait.
"Euh…is het ni wa vroeg om daar al over na te denken?"
"Wa ideetjes opdoen, kan toch geen kwaad?"
Judith haalt haar schouders op, een beetje afwezig.
"Allee, wa denkt ge? Eerder een wit of een houtkleurig wiegje?" Hij kijkt haar verwachtingsvol aan.
"Tom…," zucht ze, terwijl ze haar blik weer op haar boek richt.
Tom lacht. "Het moet natuurlijk wel makkelijk in mekaar te zetten zijn, want met mijn klustalent… En het is nu ook ni dat gij twee rechterhanden hebt, hè."
Hij kijkt opzij, maar merkt dat Judith niet op zijn opmerking reageert. Haar gezicht blijft strak.
"Zeg, het interesseert u precies ni, hè?"
"Jawel" reageert ze kort, haar stem net iets te scherp. Haar ogen blijven strak gericht op het boek in haar handen.
"Scheelt er iets misschien?" probeert Tom, al wat onzekerder. "Of zijn het weer de hormonen?"
Hij glimlacht – probeert het luchtig te houden. "Daar moet ik wel echt nog aan wennen…Maar ja, mannen mogen ook wa afzien, zeker?" Hij drukt een kus op haar slaap en laat zijn hand zachtjes naar haar buik glijden. "Alles voor da klein wonder, hè."
Maar Judith slaat haar ogen neer, zichtbaar ongemakkelijk. Tom voelt het meteen en trekt zijn hand voorzichtig terug.
"Zeg…wat is er?" vraagt hij dan, lichtjes gekwetst. "Hebt ge spijt van uw beslissing?
Judiths ogen ontmoeten zijn onzekere blik. Zachtjes schudt ze haar hoofd. "Nee…Ik vind gewoon…We mogen ni te hard van stapel lopen." Ze haalt haar schouders op. "Ge weet nooit…"
"Schat…," probeert hij, terwijl hij teder over haar wang streelt. Maar ze steekt haar hand op en onderbreekt hem.
"Nee, Tom…Ik ben gewoon realistisch, da's al!"
Hij zucht. "Schaat…" — zijn stem iets luider nu, in een poging tot haar door te dringen — "Stop nu eens met te denken dat ge dat geluk ni verdient!"
Judith veert recht. Het boek klapt bruusk dicht tussen haar handen. Haar stem trilt van emotie. "Daar heeft dit toch helemaal niks mee te maken! Alsof iedereen die z'n kind verliest da verdient!"
Ze wendt haar blik af, worstelend met de tranen die ze weg probeert te slikken.
Tom schrikt, maar aarzelt geen seconde. Hij schuift naar haar toe en neemt haar stevig in zijn armen. "Shhhh..Zo bedoelde ik het toch ni…" Hij wiegt haar zachtjes, probeert haar terug tot rust te brengen.
"Schat, hey…", fluistert hij, terwijl hij voorzichtig haar kin optilt. "Kijk eens naar mij…"
In haar ogen leest hij het meteen – de angst die hij zelf ook voelt, maar die hij weigert toe te laten.
"Ik begrijp dat ge u zorgen maakt…Echt…Maar al die negatieve gedachten, da's voor niks goe! Ni voor u…." Hij verlaagt zijn stem en buigt dichter naar haar toe. "En al zeker ni voor ons kindje."
Ons kindje. Die woorden uit zijn mond horen, voelt nog steeds onwerkelijk.
"Ge weet wat de gynaecoloog gezegd heeft hè: stress zo veel mogelijk vermijden."
Judith zucht. "Ja ja…Maar ze heeft ook de risico's opgenoemd hè. En die mogen we ook ni negeren."
"Nee, natuurlijk ni! Maar de kans op een gezond kindje is wel nog altijd groter, en da mogen we ook ni vergeten."
Hij pakt voorzichtig haar hand, laat zijn woorden even bezinken.
"Kijk..Stel hè…Stel dat er iets mis zou gaan… dan is dit nu het enige dat we hebben. Deze kleine momentjes. En ik wil daar later op terug kunnen kijken vol liefde en dankbaarheid. Ni met spijt of enkel verdriet, alsof het niks waard was." Hij kijkt haar aan en ziet aan de glans in haar ogen dat zijn woorden binnenkomen.
Zachtjes streelt hij haar rug. Dan, na een korte aarzeling, voegt hij er vastberaden aan toe: "De voorbije dagen…Schat, ik heb mij nog nooit zo gelukkig gevoeld. En wat er ook gebeurt… dit, dit gevoel, dat pakt niemand ons nog af." Hij drukt een kus op haar hand, alsof hij met dat ene gebaar zijn belofte wil verzegelen.
Snikkend laat ze zich in zijn armen zakken, haar gezicht begraven in zijn hals. Klaar om eindelijk los te laten, haar hart open te stellen. Want ze weet: als ze valt, staat hij klaar om haar op te vangen. Haar grote liefde. Haar rots. Haar Tom.
